Het blinkt op de steppe

In het noorden van Kazachstan wordt razendsnel een superstad gebouwd.

Het is een symbool van de ‘nieuwe natie’ en de almacht van president Nazerbajev.

De trotse stad van Noersoeltan Nazerbajev glinstert in de zon. De autocratische vader van Kazachstan zorgt goed voor zijn steppevolk. Zelfs de herders krijgen een plek in metropool Astana, de nieuwe hoofdstad van het land. Aan de rand van de stad verrijst een enorme joert, de traditionele schapenwollen hut van nomaden. Deze ‘Chan Sjatyr’ (koning van de hutten) zal onder meer een exclusief park huisvesten en een golfslagbad op de derde verdieping. De 150 meter hoge joert wordt (als deze af is) een indrukwekkend bouwwerk. Het gebouw is volledig van glas en omdat in Astana de temperatuur tussen de seizoenen varieert van plus veertig tot min veertig zal er een al even indrukwekkende koel- en verwarmingsinstallatie moeten zijn.

„Astana is booming”, zegt de verkoopster in de bar in de nabijgelegen Megastore, waar ‘heilzame’ zuurstof op het menu staat. „Ik woon hier al mijn hele leven en er is zo veel veranderd. Vroeger was hier niets. Alleen steppe.”

De glazen joert is maar een van de excentrieke bouwwerken die de stad een futuristische aanblik geeft. Astana heeft zijn eigen piramide (ook van glas) en een ministerie van Financiën in de vorm van een dollarteken. Het staatsoliebedrijf huist sinds een paar jaar in een replica van de ‘suikertaarten’ die Stalin liet bouwen in Moskou. Er wordt gebouwd aan Klein Venetië, waar bewoners met bootjes naar hun huis zullen varen.

Over gloednieuwe, brede wegen zoeven peperdure Hummers en zwarte Mercedessen. Aan de randen van de stad wordt 18,5 hectare bomen geplant, ingevlogen uit alle uithoeken van het land om het steppestof het hoofd te bieden.

Terug bij de Chan Sjatyr zucht de bewaker buiten de omheining: „Ik kijk nergens meer van op. Alles gaat zo snel hier.”

Astana is ook een stad van tegenstellingen. De indrukwekkende bouw ten spijt, op de meeste straten is het op doordeweekse dagen spookachtig stil. Mensen zie je bijna niet. Achter de prachtig gerenoveerde façades van de Boulevard van de Republiek schuilen nog de vervallen sovjetflats uit de Brezjnevtijd. Het oude gedeelte van de stad, aan de overzijde van de rivier die Astana doormidden snijdt, is nog precies zoals het tien jaar geleden was: grijs en onontwikkeld.

„Deze stad is ongelooflijk”, zegt de Turkse hoogwerker Serdar, nadat hij op 150 meter hoogte een paar schroeven heeft vastgedraaid in de Chan Sjatyr. „Maar ze heeft geen ziel. Alles wordt hier gepland, er gebeurt niets spontaan. Ik vind het nogal nep.”

Marsel, een jonge Kazach die carrière probeert te maken in Astana is het daarmee eens. „Behalve werken voor de regering, valt er voor jonge starters weinig te doen.” In een hippe maar lege koffiebar klaagt hij over het gebrek aan uitgaansgelegenheden en over de hoge huren. Terwijl er overal flats leeg zouden staan, omdat de projectontwikkelaars zo snel hebben gebouwd dat de bevolkingsgroei het niet kon bijbenen. En terwijl de oliedollars Astana binnenstromen, zegt hij, „moeten ze het op het platteland nog altijd doen zonder basisvoorzieningen als water en elektriciteit”.

De grote man achter deze stad van tegenstrijdigheden is de Kazachse president Noersoeltan Nazerbajev, een voormalige apparatsjik die sinds de onafhankelijkheid (1991) over de voormalige Sovjetrepubliek regeert. „De president is persoonlijk betrokken bij de ontwikkeling van het grote stadsplan”, zegt Amazjol Tsjikanajev, hoofdarchitect van het bureau van stadsplanning. „Hij wil een metropool bouwen naar de standaard van de politieke en culturele centra van de wereld.”

Tien jaar geleden was Astana een stoffig landbouwcentrum dat zijn bestaan dankte aan de tijd (in de jaren 50) dat de Russische leider Chroesjtsjov duizenden Sovjetburgers naar de ‘Maagdelijke Gronden’ van Noord-Kazachstan stuurde in het kader van zijn landbouwhervormingen.

Maar drie jaar na de onafhankelijkheid werd van het boerencentrum op „persoonlijk initiatief” van de president de nieuwe hoofdstad gemaakt, zegt Tsjikanajev. Tot woede van de inwoners van Almaty waar de hoofdstad tot dan was gevestigd. In zijn kielzog volgden duizenden ambtenaren. De jaren daarna onderging Astana de metamorfose tot de superstad die het nu is, geholpen door de astronomische inkomsten uit olie en gas, waaraan het land rijk is.

Niemand weet precies waarom de hoofdstad moest verhuizen, vertelt journalist Adil Noermakov van oppositieblog Global Voices Online. Astana zou strategisch beter gelegen zijn: verder weg van China en dichter bij Rusland. Veel Kazachen vrezen voor een invasie van China. Met Rusland zijn de politieke banden, als gevolg van de sovjettijd, beter. Hoewel Nazerbajev niet nalaat Moskous invloed waar hij kan te ondermijnen. Het noorden geldt verder traditioneel als Russisch-talig. Met de verhuizing zou Nazerbajev de etnische balans willen beïnvloeden ten gunste van de (Turkstalige) Kazachen om een mogelijke afscheiding te voorkomen.

Feit is dat Astana inmiddels synoniem is voor het nieuwe Kazachstan: een welvarende staat die zich fier staande houdt tussen grootmachten China en Rusland.

Daarbij is de stad vooral symbool voor de macht van één man: de president. „Astana ís Nazerbajev”, zegt Noermakov schertsend. „Het verhaal gaat zelfs dat hij de stad persoonlijk heeft ontworpen, tijdens een anderhalf uur durende vlucht van Almaty naar Astana.”

Veel Kazachen zijn de president dankbaar voor de nieuwe welvaart en onafhankelijkheid. In de Baiterek-toren, tegenover het presidentsgebouw, kunnen ze hun dank betuigen. Op een platform met uitzicht over de stad, staat een altaar met een afdruk in goud van de hand van de president. Er staat een lange rij mensen die die hand willen aanraken. Bruidsparen laten zich er fotograferen.

Maar intussen wijkt de economische ontwikkeling van de steppe steeds verder af van de democratische gang van het land. Nazerbajev heeft het politieke speelveld verkleind tot één persoon: hemzelf. De Senaat, het parlement, de ministerraad worden gedomineerd door één partij, die van de president. Zonder de zegen van Nazerbajev wordt geen beslissing genomen. De oppositie is bejaard en zit deels achter slot en grendel. In 2007 gaf hij de president zichzelf het exclusieve recht zich oneindig verkiesbaar te stellen, wat neerkomt op een presidentschap voor het leven, omdat in het land al in geen tijden meer eerlijke verkiezingen zijn gehouden.

Het medialandschap wordt gedomineerd door kranten en televisiezenders in handen van familieleden of vertrouwelingen van Nazerbajev. De enkele onafhankelijke kranten die er nog zijn, worden gesloten zodra ze kritisch berichten over de regering, zoals vorige maand gebeurde met Respoeblika nadat die had bericht over wanbeleid bij een staatsbank. Journalisten die corruptieschandalen aan het licht brengen worden in elkaar geslagen, of erger.

Maar drie oudere dames op een bankje op de Boulevard van de Republiek willen geen kwaad horen over hun president. Een van hen verklaart plechtig: „Kijk nou naar deze stad, die is toch prachtig?”

„Weet je”, fluistert ze, „Ik heb de hand van de president aangeraakt.”

Lees blogposts van Kazachse journalisten en ga met ze in discussie via nrcnext.nl/links