EU maakt potje van hulp crisisgebieden

De Europese Unie laat zich graag voorstaan op haar vermogen allerlei crisisgebieden in de wereld te hulp te schieten met een unieke combinatie van ontwikkelingshulp, diplomatie, handel en verbetering van het lokale bestuur. De Verenigde Staten zouden goed zijn in militaire interventies, Europa heet de beperktheid van zijn militaire inzet te compenseren met effectieve civiele missies.

Maar in de praktijk komt daar heel weinig van terecht, stelt de denktank European Council on Foreign Relations in een vandaag verschenen rapport. „De vermeende ‘civiele macht’ van de Europse Unie is grotendeels een illusie.”

De opstellers wijten dat in de eerste plaats aan de lidstaten, die voortdurend hun beloftes niet nakomen. Daardoor kan het gebeuren dat de Europese politiemissie in Afghanistan nog altijd niet meer dan de helft van het afgesproken personeel ter plaatse heeft. En dat de georganiseerde misdaad de Balkan nog altijd ziet als een regio van ongekende mogelijkheden, al zijn Europese politie-opleiders er al bijna tien jaar aan de slag.

Behalve de lidstaten treft ook 'Brussel’ blaam, vooral vanwege de touwtrekkerij tussen de Europese Commissie en de Raad over wie waarvoor verantwoordelijk is. Ondertussen zijn de Amerikanen hard bezig, aldus het rapport, de lessen van Irak en Afghanistan te leren en breiden zij hun civiele capaciteit nu snel uit.

Het rapport deelt de Europese lidstaten in vier groepen in. Nederland wordt gerekend tot de beste ( ‘professionals’), samen met Denemarken, Finland, Duitsland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk.

Lees rapport via nrc.nl/buitenland