Albanië wil graag Moeder Teresa terug

Moeder Teresa zal zich rustiger voelen in Albanese bodem, waar ze naast haar moeder en zuster kan worden herbegraven. Dat vindt de Albanese premier Sali Berisha. Hij heeft daarom de autoriteiten in New Delhi gevraagd of het stoffelijk overschot van Moeder Teresa kan worden overgevlogen. Berisha kreeg al een klaar en duidelijk ‘neen’ als antwoord. „Moeder Teresa was een Indiase burger en zij rust in haar eigen land”, liet een woordvoerder van Buitenlandse Zaken in New Delhi weten.

De winnares van de Nobelprijs voor de Vrede van 1979 werd in 1910 geboren als Agnes Gonxha Bojaxhiu in Skopje, toen een stad in het Ottomaanse Rijk, nu de hoofdstad van Macedonië. Ze groeide op in een katholiek Albanees gezin en sloot zich aan bij een zusterorde die haar naar Calcutta in India stuurde om er les te geven. Daar nam ze de naam Moeder Teresa aan en stichtte haar eigen orde, de Missionarissen van de Naastenliefde. In 1951 nam ze de Indiase nationaliteit aan. Zowel in India, Albanië, Kosovo en Macedonië wordt Moeder Teresa vereerd en geclaimd als ‘iemand van ons’.

De Albanese regering heeft sinds 2002 al verschillende keren om de overbrenging van Moeder Teresa gevraagd, maar krijgt iedere keer opnieuw nul op het rekest. „Ik meen dat beide regeringen hier gesprekken over moeten aanknopen”, aldus Berisha. Volgens New Delhi is die kwestie „niet aan de orde”. Moeder Teresa, die overleed in 1997, werd in 2003 zalig verklaard door paus Johannes Paulus II. (AFP)