Meer geweld door acties van leger in Congo

Het geweld in Oost-Congo is opnieuw opgelaaid. Volgens hulporganisaties komt dat door legeracties die juist bedoeld waren om er een einde aan te maken.

Twee taaie rebellengroepen in het hart van Afrika vermoorden weer volop onschuldige burgers, nadat ze zich de laatste jaren relatief rustig hadden gehouden. De rebellen hebben hun slachtpartijen opgevoerd in reactie op internationaal gesteunde, militaire offensieven die hen juist definitief moesten uitschakelen.

In Oost-Congo zijn meer dan elfhonderd inwoners omgebracht sinds in januari een groot offensief werd gelanceerd tegen de strijders van de FDLR, hebben hulporganisaties gisteren gemeld. De naar schatting vijfduizend rebellen zouden ook verantwoordelijk zijn voor zevenduizend verkrachtingen en voor negenhonderdduizend ontheemden. De humanitaire gevolgen van de huidige, door de VN gesteunde militaire operatie zijn daarmee „desastreus”, aldus de hulporganisaties.

De FDLR werd opgericht door genocideplegers die in 1994 vanuit Rwanda naar Oost-Congo vluchtten. De beweging pleegde de laatste jaren minder overvallen, maar plundert, verkracht en moordt weer op grote schaal sinds Congo en Rwanda in januari samen een offensief begonnen. In maart namen Congolese militairen samen met VN-missie MONUC de strijd tegen de FDLR over, waardoor de rebellen nog wraakzuchtiger werden. Naar schatting driehonderd FDLR-strijders zijn gedood en ruim duizend gerepatrieerd naar Rwanda.

Een paar honderd kilometer noordwaarts, nog steeds in Congo, doet zich een vergelijkbare situatie voor. Militanten van het Verzetsleger van de Heer (LRA) hebben meer dan duizend Congolezen gedood sinds het Oegandese leger in december met vijftienduizend manschappen de aanval opende. Net als de FDLR-strijders jaren eerder, trokken de rebellen van het LRA in 2005 het dichtbegroeide, moeilijk begaanbare oosten van Congo binnen op de vlucht voor soldaten uit eigen land. Net als de FDLR hield het LRA zich betrekkelijk koest, weggestopt in het ‘zwarte gat van Afrika’, het nauwelijks begaanbare Garamba-wildpark op de grens met de Centraal Afrikaanse Republiek.

Oeganda besloot desondanks voor eens en voor altijd af te rekenen met het LRA, nadat LRA-leider Joseph Kony drie keer had geweigerd om een vredesvoorstel te ondertekenen. Oeganda ging, met logistieke steun van de Verenigde Staten, in de aanval. Bij het einde van de operatie, in maart, sprak Oeganda van een „succes”. Honderdvijftig rebellen gedood, driehonderd gegijzelde vrouwen en kinderen bevrijd. Maar Kony werd niet uitgeschakeld en het LRA slachtte uit wraak meer dan duizend burgers af, ontvoerde opnieuw honderden mensen en dwong een paar honderdduizend mensen op de vlucht. Artsen zonder Grenzen, een van de weinige organisaties die nog actief is in de geïsoleerde gebieden Haut-Uélé en Bas-Uélé in Noordoost-Congo, vraagt vandaag om meer aandacht voor de humanitaire situatie.

Twee offensieven, twee keer met drastische gevolgen voor de plaatselijke bevolking. Dat wil niet zeggen dat er geen argumenten voor de campagnes zijn aan te voeren. Het offensief van Congo en Rwanda tegen de FDLR betekende een diplomatieke doorbraak na jaren van wantrouwen dat aanleiding was voor twee bloedige oorlogen. Er is nu toenadering tussen twee landen die cruciaal zijn voor de stabiliteit in het gehele Grote Meren-gebied. En het LRA werd pas aangevallen met bijna unanieme instemming van de internationale diplomatie, omdat men het er over eens was dat Joseph Kony nooit meer uit de jungle zou komen.

Maar de offensieven laten ook zien hoe moeilijk het vechten is in de Afrikaanse bush, zeker zonder een diplomatiek vervolgplan. Voor zover bekend lopen er geen vredesbesprekingen met FDLR en LRA. VN-missie MONUC loopt in Oost-Congo door haar medewerking aan het offensief tegen de FDLR vooral verder reputatieschade op. Hoe langer de FDLR en het LRA weer kunnen opereren, hoe meer Rwanda en Oeganda weer in de verleiding kunnen komen om zelf in actie te komen, dit keer misschien gesteund door westerse landen. Met alle gevolgen van dien voor de burgers in Congo.