In de ban van het zwarte gat

De Poolse kunstenaar Miroslaw Balka heeft in Tate Modern in Londen een diep, zwart gat geschapen. De museumdirecteur waarschuwt: dit kunstwerk kan vrees teweegbrengen.

Sommige bezoekers aarzelen het reusachtige zwarte gat te betreden dat de Poolse kunstenaar Miroslaw Balka in de turbinehal van Tate Modern heeft geschapen. Niet voor niets heeft Vicente Todoli, directeur van het Londense museum, gewaarschuwd dat het massieve kunstwerk „een gevoel van vrees” te weeg kan brengen.

Naar mate je dieper doordringt in de duisternis van Balka’s kolossale metalen container zie je mensen voor je, die geleidelijk vervagen tot niet meer dan silhouetten, steeds voorzichtiger doorschuifelend. En dan is er plotseling het einde en voelt je tastende hand een wand, die met een zacht aanvoelend materiaal is bedekt.

Als je je omkeert zie je in de verte de ingang van de container en de hoge verticale vensters van de turbinehal, een aanblik die doet denken aan een vreemde, donkere eigentijdse kathedraal. De ban is dan echter gebroken. Daartoe dragen trouwens ook de mobiele telefoons met hun oplichtende vensters het hunne bij.

How It Is heeft Balka zijn creatie genoemd. Een titel die is ontleend aan de gelijknamige roman van Samuel Beckett. Daarin kruipt een niet nader aangeduide hoofdfiguur moeizaam door modder zonder uitzicht op het bereiken van enig doel. Ook de grot van Plato heeft Balka geïnspireerd, waarin geketende gevangenen voor een witte muur zitten. Hun enige band met de werkelijkheid vormen schaduwen van mensen die langs een vuur achter hen lopen.

De Poolse kunstenaar wil echter geen bepaalde visie opdringen aan de bezoekers. Het gaat hem erom dat mensen met zichzelf worden geconfronteerd, naar mate ze meer de duisternis ingaan. „Je kunt dit werk zelf scheppen”, aldus Balka. „De vorm die je creëert heeft niet alleen met je lichaam te maken maar ook met je geest.”

Eerdere afleveringen van de artistieke projecten in de turbinehal, gesponsord door Unilever, legden soms juist de nadruk op het licht. Dat gold in het bijzonder voor de installatie van Olafur Eliasson uit 2003, waarvan een reusachtige zon deel uitmaakte. Balka kiest voor een veel somberder toon met zijn duistere container, wellicht ook passend bij de minder opwekkende tijd waarin Groot-Brittannië in politiek en economisch opzicht verkeert.

Het werk van Balka (1958) heeft vaker een duistere ondertoon. Critici brengen dit wel in verband met de bewogen geschiedenis van zijn land, in het bijzonder tijdens de Tweede Wereldoorlog. Met enige verbeeldingskracht kun je de enorme container ook zien als een enorme uitgave van een van de goederenwagons waarin joden naar de Poolse vernietigingskampen werden gevoerd. Zijn hoofdthema is volgens Balka echter niet het verleden maar het menselijke zijn.

Onwillekeurig bekruipt je, als je achterin de container staat, een zekere angst dat door een geheimzinnige kracht plotseling de klep wordt dichtgeslagen en je met je medebezoekers gevangen zit in volstrekte duisternis.