Dai Qing is erbij in Frankfurt, en toch ook weer niet

De Frankfurter Buchmesse heeft dit jaar China als thema en tweeduizend Chinese gasten. De uitnodiging aan criticus Dai Qing werd onder staatsdruk ingetrokken.

Schaterlachend legt Dai Qing (68) de in China verboden boeken op haar eettafel, naast haar vliegticket naar de Frankfurter Buchmesse. „De geheime dagboeken van premier Zhao Ziyang en enkele andere boeken heb ik in Hongkong gekocht en in mijn koffer naar huis gesmokkeld”, legt de uitgesproken schrijfster en milieuactiviste uit.

Om daar in één adem en op boze toon aan te voegen: „Het is en blijft schandelijk dat we hier niet kunnen lezen wat we willen, het lijkt wel of die belachelijke beperkingen steeds strikter worden. En wij schrijvers helpen daaraan mee door bewust of onbewust zelfcensuur te bedrijven.”

Censuur in China is het thema van haar toespraak in de marge van de Frankfurter Buchmesse die vanavond wordt geopend. Aanvankelijk zou zij officiële gast zijn van de boekenbeurs, waar China optreedt als thematische hoofdgast. Tweeduizend Chinese uitgevers, schrijvers en dichters zullen het nieuwe China laten zien, zoals de sporters dat deden tijdens de Olympische Spelen.

Maar de Pekingse schrijfster Dai Qing, die campagne voert tegen „geld verspillende projecten” zoals de Drieklovendam en tegen politieke repressie, mag daar als het aan China ligt niet bij zijn. Na officiële protesten trok de Buchmesse de uitnodiging aan haar en de dichter Bei Ling in. Volgens de Duitse schrijversorganisatie Pen is beursdirecteur Jurgen Boos bezweken voor de druk van de Chinese ambassadeur in Berlijn. Pen, die haar al jaren beschermt, heeft haar vervolgens gevraagd toch naar Frankfurt te komen.

De Chinese diplomaat wilde vermoedelijk voorkomen dat mevrouw Dai te dicht in de buurt van de Chinese vicepresident Xi Jinping zou komen. De toekomstige leider van de Volksrepubliek toert op het ogenblik door Europa en is eregast tijdens de opening van de Buchmesse. „Ik ken hem wel. We hebben elkaar eens ontmoet tijdens een huwelijk van een verre neef van mij”, grijnst Dai Qing, die hoewel zij daar een hekel aan heeft, een echte „rode prinses” genoemd kan worden.

Haar vader, een revolutionair van het eerste uur, stierf in 1945 tijdens de oorlog tegen de Japanners, zij werd geadopteerd door een van Mao’s tien maarschalken. De adoptiedochter van een China’s machtigste mannen werkte als ingenieur in het leger, was trouw partijlid en bespioneerde wegens haar Engels in de jaren zeventig bezoekende buitenlandse schrijvers, onder wie Studs Terkel met wie zij later bevriend raakte.

In de jaren tachtig werd zij journalist en raakte van de partij verwijderd. Nadat haar boek over de Drieklovendam was verboden en zij na de Tienanmendemonstraties tien maanden was opgesloten, brak zij met de partij. Al haar boeken en gevangenismemoires zijn verboden, maar wel officieus verkrijgbaar. Een rode prinses laat zich niet het zwijgen opleggen.

Zwaaiend met haar vliegtickets en haar visum vervolgt Dai Qing: „Ik mag er in Frankfurt bij zijn en ook weer niet. Het is typerend voor de schizofrene situatie in China en ook voor de Buchmesse. Het is een botsing tussen twee beelden van China, tussen censuur en vrijheid van meningsuiting, tussen onderdrukking en openheid, tussen het beeld dat China de buitenwereld presenteert en de werkelijkheid.”

Misschien net zo typerend zijn de boeken op haar eettafel. Premier Zhao Ziyangs dagboeken mogen dan op het Chinese vasteland verboden zijn, er zijn al meer dan 200.000 Chineestalige exemplaren verkocht. Staatsgevangene No. 1, zoals de Nederlandse titel luidt, gaat over de geheime machinaties in de Chinese politieke top tijdens de Tienanmendemonstraties van 1989. Het tamelijk droog en ambtelijk geschreven verslag van de toppoliticus die zijn hoge functies verloor en levenslang huisarrest kreeg, is verkrijgbaar in Hongkong en via de de Chineestalige evenknieën van Bol.com en Amazon.com. Overigens weigert het Amerikaanse bedrijf de Engelstalige versie te leveren in China. Bol.com in Nederland legt zichzelf geen beperkingen op.

De Chinese lezer die dat soort verboden politieke boeken in Hongkong koopt en mee terugneemt naar het vasteland, loopt hoogstens het risico een boete te krijgen. Boeken staan daarom in toenemende mate op de boodschappenlijsten van de zeventien miljoen Chinezen die jaarlijks in goedkoop Hongkong gaan winkelen. Tot grote tevredenheid van Hongkongse boekhandelaren en uitgevers die ook na de hereniging van de censuur weinig last hebben.

Wie telefonisch of online bestellingen plaatst, loopt het risico dat een overijverige postbode ermee naar de politie loopt. Dat kan ook gebeuren met kritische biografieën over Mao Zedong, de opbouw van de strijdkrachten en de romans over de menselijke drama’s tijdens de periodes van De Lange Mars Voorwaarts en de Culturele Revolutie. De prachtige roman Beijing coma van Ma Jian bijvoorbeeld is alleen via deze omwegen in China verkrijgbaar.

Dai Qing: „Wie wil, kan alles lezen, maar velen weten niet eens van het bestaan van dergelijke boeken. Gelukkig is er internet en zijn er blogs, maar veel maakt dat nog niet uit. Schrijvers die in China verkocht willen worden, weten precies waar de historische en politieke gevoeligheden liggen en vermijden de valkuilen. De uitgevers zijn bovendien staatsbedrijven. Daar kan je niets van verwachten.”

Dat verklaart waarom boekwinkels zoals het reusachtige Shanghai Boekenstad zo’n steriele indruk maken. Alle niet-Chinese wereldliteratuur, alles over economie, rijk worden, computerkunde, psychologie, het vinden van de juiste man of vrouw en het opvoeden van kinderen is hier te koop. Hoe word je miljardair of beeldend kunstenaar: als er een boek over is verschenen, dan ligt het hier naast biografieën van nieuwe rijken, rode kapitalisten en speeches van partijleiders. De best verkochte boeken zijn de goeroeachtig schrijfsels van de Amerikaanse investeerder Warren Buffett en Currency Wars 2, over de naderende digitale en monetaire strijd tussen de VS en China, supermacht in wording. Uiteraard heeft Shanghai Boekenstad naar Amerikaans voorbeeld een Starbucks.

Bij een Grande Latte vertelt Sun Ya, een student bedrijfseconomie, dat hij hier graag komt omdat de sfeer hem doet denken aan de grote boekwinkels van New York waar hij een jaar heeft gestudeerd en gewerkt in een restaurant van een oom in Chinatown. De geheime dagboeken van Zhao Ziyang heeft hij gedeeltelijk online gelezen om vervolgens in Hongkong het boek te bestellen.

„Ik ben heel trots op China, maar ik zou veel meer willen weten over hoe het vroeger allemaal echt is gegaan. Mijn opa was een intellectueel en werd naar het platteland gestuurd, maar hij leeft niet meer. Mijn vader weet daar weinig van. Ik ben heel trots op China. Echt waar”, herhaalt hij voor alle zekerheid. Van zijn veelschrijvende landgenote Dai Qing, ‘wereldberoemd’ buiten China, heeft hij echter nog nooit gehoord.