Bescheiden redder van wereld

Eenvoudig, volks en aardig, maar nietsontziend en keihard, zeggen vooral ex-medewerkers. Portret van een geslaagd zakenman die alsnog van zijn voetstuk tuimelde.

Wognum, 03-04-09. Dirk Scheringa. Foto Leo van Velzen NrcHb. Velzen, Leo van

Eenvoudig, volks, aardig. De ‘gewone jongen die altijd zichzelf is gebleven’. Dat is het imago dat Dirk Scheringa graag koestert. En dat is ook de indruk die hij wekt als je hem ontmoet. Een bescheiden, zacht pratende man met een permanente glimlach op z’n gezicht. Iemand die niet met u wenst te worden aangesproken. ‘Zeg maar Dirk’.

Al jaren is hij gastvrij naar de media. Cameraploegen zijn welkom in zijn museum, op zijn voetbalclub en in zijn stamcafé in woonplaats Spanbroek waar hij elke week zijn vaste kaartavond heeft.

Beste metafoor voor zijn gekoesterde eenvoudige komaf zijn de twee grijze geitenwollensokken die hij steevast onder zijn pak draagt. Als een fotograaf hem portretteert trekt hij zorgvuldig nog net even zijn broekspijpen op.

Dirk Scheringa heeft ook een andere kant. Hij is ijdel, hij is een streber, wil in alles de beste zijn, en de grootste. Hij loopt over van pretenties. Zijn voetbalclub AZ moest kampioen worden, zijn schaatsers moesten wereldkampioen worden, zijn museum voor (magisch) realisme moest „het beste museum van Nederland”, en zijn bank „de beste consumentenbank van Nederland”.

Toen hij eind jaren negentig opdook in de rijkenlijst van zakenblad Quote stuurde hij een fax op hoge poten naar de redactie. Hij was niet goed voor een vermogen van een paar honderd miljoen gulden, maar van wel twee miljard. „Ik heb meermaals de Elfstedentocht gereden. Dan neem ik ook er geen genoegen mee als de jury beweert dat ik maar 50 kilometer heb geschaatst,” luidde zijn argumentatie.

Medewerkers, vooral ook oud-medewerkers, kennen hem als een nietsontziende, keiharde zakenman. Bij conflicten zoekt hij niet het compromis, maar de confrontatie. Hevige arbeidsconflicten streed hij met bekende personeelsleden van zijn voetbalclub AZ: keeper Oscar Moens en trainer Willem van Hanegem. Hij speelde in hun ogen vuil spel door de ruzie deels via de media te spelen, met onwelgevallige details over hun riante salarissen.

Dirk Scheringa (59), geboren in het Groningse Grijpskerk, begon zijn financiële carrière als politieman die goed kon rekenen. Als wachtmeester in Spanbroek hielp hij in avonduren collega’s met het invullen van hun belastingformulieren, voor dertig gulden per persoon. Van daaruit bouwde hij een imperium van consumentenkredietverleners op. In de jaren negentig maakte Nederland, via televisiespotjes of advertenties in de Microgids en Troskompas kennis met de leenbedrijven van de Dirk Scheringa Beheer Groep, als Frisia, Becam en Postkrediet. In het voorjaar van 2000 moest de bekroning van zijn werk tot nu toe komen. DSB Groep zou naar de beurs gaan. Dat zou de definitieve erkenning moeten geven in de rest van de financiële wereld, een wereld waarin Scheringa zich altijd met een zeker minachting voelde behandeld.

De beursgang zou Scheringa definitief multimiljonair maken. Hij zou met de verkoop van ruim 5 miljoen aandelen minimaal 97 miljoen, maximaal 122 miljoen euro opstrijken. Het belang van 67 procent dat hij in handen zou houden, was nog eens tussen de 500 en 620 miljoen euro waard.

Maar de beursgang kwam er niet. Te elfder ure werd-ie afgeblazen. Het is nooit opgehelderd wat de precieze reden was. Scheringa riep zelf dat te weinig particulieren hadden ingetekend op de aandelen, terwijl hij vond dat DSB een „echt volksaandeel” had moeten worden. Er is wel beweerd dat de begeleidende Rabobank op lijken in de kast was gestuit en de prijs van het aandeel naar beneden hadden bijgesteld. Hierdoor zou Scheringa veel minder opstrijken dan hij aanvankelijk had gehoopt.

De tweede poging op weg naar erkenning volgde in 2007 toen Scheringa een zwaargewicht in zijn directie aanstelde: oud-minister van Financiën Gerrit Zalm. Een meesterzet, zo leek het. Zalm zou DSB gewicht en vertrouwen geven – er was onder consumentenorganisaties al veel kritiek losgebarsten op de woekerpolissen van de bank die middels agressieve verkoopmethodes aan de (kleine) man werden gebracht.

Toen Zalm vorig jaar november naar de pas genationaliseerde ABN Amro vertrok gaf Scheringa daar een interessante spin aan. DSB, zo schreef hij in een persbericht, had met het laten gaan van Zalm Wouter Bos te hulp geschoten. In het landsbelang.

Het was niet voor het laatst dat Scheringa een prominente rol voor zich opeiste in de financiële crisis die was uitgebroken. Dit voorjaar bood hij zich publiekelijk aan om „gevolmachtigd crisisminister op financieel gebied” te worden, om het kabinet-Balkenende te helpen de recessie op te lossen.

Dat is er nooit van gekomen. Hij is nu definitief uitgespeeld, ook bij zijn eigen bank. Volgens DNB-president Wellink zal de naam DSB Bank verdwijnen.