Met partijtijger Wilders te lijf

De PvdA in Den Haag worstelt. Met de dreiging van Wilders, maar vooral met zichzelf. Jeltje van Nieuwenhoven moet de partij erbovenop helpen.

Met de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2010 in zicht verkeert de lokale PvdA-afdeling in Den Haag in een constante staat van paniek.

De jongste episode is de kandidatuur voor het lijsttrekkerschap van voormalig Kamervoorzitter en oud-partijleider Jeltje van Nieuwenhoven (66). Zij neemt het op tegen de 44-jarige wethouder Marnix Norder (bouwen en wonen).

Veel Haagse PvdA’ers zijn teleurgesteld over de wijze waarop de kandidatuur van Van Nieuwenhoven tot stand is gekomen. Een van hen is afdelingsvoorzitter en voormalig Haags wethouder Constant Martini. Hij legde vorige week het voorzitterschap neer, vanwege „privé- en zakelijke omstandigheden”.

Al eerder werd de paniek veroorzaakt door de deelname van Geert Wilders’ PVV in Den Haag en door slechte peilingen. Een evenaring van de verkiezingsuitslag van 2006, toen de partij 15 van de 45 zetels behaalde, wordt beschouwd als een utopie. De PVV werd bij de Europese verkiezingen in juni met bijna 20 procent van de stemmen de grootste partij in Den Haag.

De kandidatuur van Van Nieuwenhoven kwam tot stand door toedoen van ervaren Haagse PvdA’ers die zich zorgen maakten over de raadsverkiezingen. Onder hen de voormalige wethouders Pierre Heijnen (nu Kamerlid), Jetta Klijnsma (nu staatssecretaris van Sociale Zaken), Peter Noordanus en senator Simon van Driel.

Aanvankelijk zou Norder het opnemen tegen zijn collega-wethouder Henk Kool (sociale zaken en werkgelegenheid). Zij zouden volgens bovenstaand gezelschap niet in staat zijn tegenwicht te bieden aan de PVV. In de zoektocht naar een nieuwe aanvoerder passeerden vele namen de revue, van Frank Heemskerk tot Jan Pronk. Het werd Jeltje van Nieuwenhoven, die sinds haar vertrek in 2006 als gedeputeerde in Zuid-Holland (vanwege gezondheidsproblemen) was verdwenen uit de politiek.

Over haar plannen voor Den Haag wilde Van Nieuwenhoven vorig weekend bij haar presentatie nog niets zeggen. Overmorgen treden Norder en Van Nieuwenhoven in debat. Dat is vooralsnog de enige gelegenheid waarop lokale leden de kandidaten inhoudelijk kunnen beoordelen. Norder nodigt Van Nieuwenhoven uit de komende tijd nog eens vier debatten te voeren. „Ik wil desnoods elke dag van de week met haar in debat over zaken als werkgelegenheid, leefbaarheid, duurzaamheid en de invloed van burgers in de stad.”

De lokale afdeling van de Jonge Socialisten, de jongerentak van de PvdA, heeft nog geen keuze gemaakt tussen Norder en Van Nieuwenhoven, zegt voorzitter Saeed Katiraei. Andere PvdA’ers hebben al wel hun voorkeur uitgesproken. Wethouder Kool steunt Van Nieuwenhoven, fractievoorzitter Sepers schaart zich achter Norder. Wethouders Marieke Bolle (cultuur en financiën) en Rabin Baldewsingh (burgerschap) spreken zich niet publiekelijk uit.

Sepers zegt dat „je met de kandidatuur van Van Nieuwenhoven de mensen die hier de afgelopen jaren met de voeten in de modder hebben gestaan, diskwalificeert”. Bovendien laat de PvdA zich met een landelijk bekende politicus als lijsttrekker „verleiden tot een landelijke strijd”.

Norder noemt Van Nieuwenhoven een „gezicht van toen, iemand uit de periode van Ad Melkert.” Bovendien zou ze de stad niet goed kennen. De geboren Friezin mag dan ruim vijftien jaar in de stad wonen, volgens Norder „was ze toch vooral actief in de kaasstolp rond het Binnenhof”. Van Nieuwenhoven zegt dat ze juist enorm veel binding met Den Haag heeft.

Eind deze maand beslissen de ruim 1.800 Haagse PvdA-leden wie de lijst mag trekken. Norder verloor bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen in 2006 de strijd om het lijsttrekkerschap – nipt – van Jetta Klijnsma. „Als je twee keer verliest betekent dat politiek gezien wel iets”, zegt fractievoorzitter Sepers.

Volgens Norder is dat nog helemaal niet aan de orde. De discussie over „baantjes” vindt hij „een gezelschapsspel voor bedaagde heren in de kroeg”. Sepers betwijfelt of Kool kan terugkeren als wethouder wanneer Norder lijsttrekker wordt. „Kool of Norder is gezien. In die zin verandert er dus niet veel.”