Mensen zijn kokende apen

Koken is de allesbepalende sprong vooruit in onze evolutie. Dat betoogt Richard Wrangham. Hendrik Spiering

Ergens in de evolutie van de mens is iets bijzonders gebeurd. Anders zouden nu wel meer dieren op aarde rondlopen met dezelfde zelfbewuste inventiviteit waarop wij mensen zo trots zijn en waarmee wij de wereld overheersen.

Vaak wordt taal genoemd, als het geheim achter het geslacht Homo. Of gereedschapgebruik. Of onze uitzonderlijke vermogen tot samenwerken. De curieuze menselijke mengelmoes van emoties en rationaliteit. Of toch agressie?

De primatoloog Richard Wrangham werkte jaren aan een onverwacht antwoord op deze vraag naar de cruciale eigenschap van Homo, het mensengeslacht dat ergens rond twee miljoen jaar geleden ontstond. Deze zomer verscheen eindelijk zijn boek: Koken. Over de oorsprong van de mens (Nieuw Amsterdam €19,95). Het geheim van de mens is dat hij kookt – als enige dier op aarde. “En dat weet eigenlijk iedereen”, zegt hij tijdens een gesprek in Amsterdam, waar de voormalige leerling van Jane Goodall even op bezoek was ter promotie van zijn boek. “Wie wil vermageren, eet vooral rauwkost.” Mensapen kunnen wel leven van rauw voedsel. “Maar die zie je dan ook de héle dag kauwen. Dat doen wij mensen niet. Uit alle dierproeven blijkt trouwens dat als dieren de keuze hebben ze ook liever verhit voedsel eten. Dat is zachter en verteert sneller en beter.”

Volgens Wrangham is het koken en het daarvoor noodzakelijke vuurgebruik begonnen met Homo erectus, rond 1,8 miljoen jaar geleden, de eerste mensachtige met een flink groot brein en al dezelfde rijzige gestalte als wij moderne mensen (Homo sapiens). Die opvatting gaat dwars in tegen de heersende opvatting onder archeologen dat het vuurgebruik pas een paar honderdduizend jaar oud is – oudere bewijzen zijn er niet.

Wrangham denkt dat Homo erectus zonder koken nooit voldoende voeding had kunnen krijgen om zijn intensieve levenstijl en energie vretende brein te onderhouden. Wrangham: “Ik zie koken als de grootste verbetering in de kwaliteit van het eten. Zeker in de geschiedenis van de mensheid. Maar zelfs ook in de geschiedenis van het leven. Kun je iets belangrijks bedenken? Dit is echt heel groot. Het verdubbelt waarschijnlijk de hoeveelheid energie die we kunnen krijgen.”

Haute cuisine was het natuurlijk niet, in die verre prehistorie, veel verder dan verwarmen op hete stenen en schroeien boven een vuurtje zal het niet geweest zijn. Maar toch.

Tien jaar geleden schreef u in dit verband nog over nogal omstreden vuurplekken van 1,6 miljoen jaar oud, nu nauwelijks meer. Waarom niet?

Wrangham: “Er zijn nog altijd onderzoekers overtuigd dat het echte vuurplaatsen zijn, hoor! Maar ik noem ze niet meer omdat ik niet wil vechten over argumenten die niet belangrijk zijn. Mijn argumenten komen volkomen uit de biologie. En van daaruit kan je dan naar die vuurplaatsen kijken. Het bewijs voor die oude vuren is zwak, maar het past wel heel mooi natuurlijk.

Wat is dan uw belangrijkste biologische argument voor het grote belang van voedselverhitting in de menselijke evolutie?

“Dat wij biologisch zijn aangepast aan het eten van gekookt voedsel. Wie alleen maar rauw voedsel eet, zelfs al is het de beste rauwkost die er is, heeft een chronisch energiegebrek. Onze spijsvertering kan er te weinig mee. En waarom zijn mensen niet in staat om op rauw voedsel te overleven? Omdat wij in de evolutie een heel klein darmstelsel hebben gekregen. En die aanpassing aan koken was er vanaf 1,9 miljoen jaar geleden. Dat zie je in de anatomie.”

Die verkorting van het menselijke darmsysteem wordt altijd toegeschreven aan het eten van vlees. Dat kan toch ook?

“Nee, dat is dus fout. Het verband dat altijd gelegd wordt tussen het korte darmstelsel van de mens en het eten van vlees gaat ervan uit dat een mens kan overleven op rauw vlees. En al moet daar nog wel meer onderzoek naar komen, we weten nu al dat mensen gaan lijden aan proteïnevergiftiging als ze meer dan 50procent dierlijk eiwit in hun dieet hebben. Je moet een andere energiebron hebben. In koude gebieden kan dat zonder koken, bij de noordpool en op Vuurland kunnen de mensen er veel vet bij eten. Maar in de tropen hebben dieren helemaal niet zo veel vet, hooguit 5 of 10 procent. Daar zal je er altijd planten bij moeten eten. En dan moet je die dus verhitten, anders kun je er met dat korte darmstelsel niet genoeg energie uit krijgen.”

Prachtig, maar waarom zou je daarvoor zo ver teruggaan in de tijd? Dit proces kan toch ook 300.000 jaar geleden zijn begonnen, als er wél bewijzen voor vuurgebruik zijn?

“Simpel, omdat een soort als Homo erectus met zijn kleine tanden en korte darmstelsel niet op rauw voedsel kán overleven. Ik kan geen enkele combinatie van rauwe planten en rauw vlees bedenken die hem genoeg energie kan geven.

“Iemand zei eens: misschien beenmerg! En daar zit inderdaad vet in, maar niet altijd even veel en ook niet het hele jaar door. Ik acht het erg onwaarschijnlijk dat ze daarmee genoeg binnen zouden krijgen. Dan zou Homo erectus ook een echte mergspecialist moeten zijn geworden en dat is niet zo. Maar inderdaad, daar ligt nog wat onzekerheid, misschien kan iemand ooit een enorm slim ongekookt dieet bedenken voor Homo erectus.

“Maar dan nog. Wat er anatomisch gebeurde met het ontstaan van Homo sapiens, rond zeg 250.000 jaar geleden, is helemaal niet bijzonder. En er gebeurde zeker niks met onze tanden en onze mond. Dat is heel belangrijk. Die waren al klein. Wie gekookt voedsel eet, eet zacht voedsel en heeft daarom een kleine mond en geen grote tanden. En dat maakt ontzettend veel uit in de tijd die we aan het kauwen zijn.

“In dat kauwen ligt een enorm verschil met mensapen. Ik heb in het veld al zo vaak meegemaakt dat de National Geographic-mensen komen om de chimps te filmen. En die willen natuurlijk dat de chimpansees dan interessante dingen doen. Samenwerking, uitvindingen, gereedschapgebruik. Maar wat zien ze? Kauwen! Zo besteden de chimpansees hun tijd. Ze staan ’s morgens op en eten dan een uur lang. Dan gaan ze rusten om te verteren en dan staan ze op om naar de volgende boom te gaan en dan eten ze weer. Niet alleen kauwen chimpansees zes of zeven uur per dag, ze rusten ook tussen de maaltijden door. Voor de vertering. Altijd bezig met eten. Maar dat is niet zoals mensen leven. Wij kunnen andere dingen doen.”

Dat kan zijn, maar bij het ontstaan van Homo sapiens veranderde toch wel iets?

“Ja, het skelet wordt iets lichter van bouw, het hoofd wordt wat ronder, er is een beetje meer brein. Maar geen grote overgang. Echt, het is juist een groot probleem van het begin van Homo sapiens dat het zo geleidelijk gaat. De enige grote verandering die je hebt in de menselijke evolutie is met Homo erectus. En dan komt alles bij elkaar: meer energieverbruik, zachter voedsel, en dan verdwijnen ook de aanpassingen aan klimmen.

“Homo erectus kon niet meer klimmen als een aap. Daar hoor je weinig over, maar het is erg belangrijk. Hoe kan je zonder vuur op de grond slapen in Afrika? Ben jij wel eens op een safari geweest? Het is al eng genoeg om daar te slapen in een tent met een vuur ernaast, met al die gevaarlijke dieren om je heen. Alsof Homo erectus daar gewoon kon gaan liggen. Ik ken maar één ander mogelijk idee. Dat hij zich beschermde met doorntakken, zoals de Nederlandse primatoloog Adriaan Kortlandt ooit bedacht. Maar met vuur past alles veel beter op elkaar. Het is het enige moment dat er zoveel tegelijk verandert: daarvoor zaten de mensachtigen nog in de bomen, met hun grote tanden en lange darmstelsel.”

Maar daarvoor zat toch Homo habilis?

“Bij habilis is er nog geen enkel teken van koken. Ze aten al wel vlees, al is onduidelijk hoeveel. Ze sneden vlees van botten, dat is zeker. We hebben de snijsporen. Ik zou wel eens willen weten wat ze vervolgens met dat vlees deden. Want ik heb veel chimpansees vlees zien eten en die zitten er eindeloos op te kauwen. Als habilis echt veel vlees at, zouden ze er heel lang op hebben zitten kauwen. Ik denk dat ze het malser maakten door er op te slaan met stenen. Dat werkt best goed, het verkort de verteringstijd.”

Misschien begroeven ze het wel een tijdje, zoals de Noren nu nog doen met vis.

“Misschien! Of ze droogden het. Maar met die technieken moet er echt een sociale regulatie zijn geweest om te voorkomen dat iemand het een dag eerder stiekem komt opgraven. Dat lijkt me onwaarschijnlijk. Ik zie veel meer in het idee van het hameren, dat verklaart waarom ze het vlees zo goed kunnen gebruiken om vervolgens daarmee hun hersenen te laten groeien.”

Maar hoe begint dan ooit het koken als dat hameren ook goed ging? Waarom zou je er als primaat ooit aan beginnen?

“Alle zoogdieren hebben liever gekookt voedsel dan ongekookt voedsel. Dus zodra je vuur hebt, is het waarschijnlijk dat ze eens een keer gekookt voedsel proeven en het lekker vinden.”

Maar waar komt dat vuur dan vandaan?

“Precies van al dat hameren, ook om werktuigen te maken. Dan ontstaan er vonken en dan ontstaan er regelmatig vuren. Niet altijd, maar vaak.”

En iedere keer zullen de habilissen dan angstig wegrennen.

“Waarschijnlijk wel ja. Maar vergeet niet, zij zijn in totaal wel 500 à 600 duizend jaar lang aan het hameren. Uiteindelijk zijn ze een keer minder bang.”

Maar voor vuurgebruik heb je ook discipline nodig, had habilis die wel?

“Ja, geleidelijk aan. Dan kan niet anders, met dat vlees snijden. Ik heb vaak gekeken naar chimpansees die een aapje doden. Bij hen kan je je echt niet voorstellen dat ze de rust zouden nemen om er een stuk af te snijden met een mes. Bij chimps heerst dan totale chaos. Iedereen is opgewonden, er is geen enkel remming, iedere chimpansee probeert de aap te stelen en weg te rennen.

“Snijden kost tijd, en dat maakt habilis ineens een stuk menselijker. Er moet remming zijn geweest in dat brein. Een onderdrukking van de neiging om het vlees met bot en al te pakken en weg te rennen. Die remming is een grote stap in de evolutie van de mens. Homo habilis kon vooruitdenken en voedsel bereiden in de aanwezigheid van anderen. Daaruit is onze soort ontstaan.”

Goed, dan heb je vuur. Maar nog geen koken.

“Ja, maar het is bijna gelijktijdig. Als er vuur is, dan heb je maar een paar weken nodig om koken te ontdekken.”

De belangrijkste weken in de evolutie van de mens!

“Precies. Het zit zo. Chimpansees nemen hun voedsel heel vaak mee, om later op te eten, takken met bladeren of een dier dat ze gevangen hebben. En als ze vuur zouden hebben, zou het er echt wel een keer in vallen. En dan pakken ze het natuurlijk terug, omdat ze honger hebben. En dan ontdekken ze echt wel dat het verbeterd is!”

U meent dat uit de organisatie van het koken vervolgens ook de arbeidsverdeling tussen man en vrouw is ontstaan. En zelfs de paarbinding tussen man en vrouw. Is eten belangrijker dan seks?

“Ja, dat vind ik. Je moet overleven voordat je je kunt voortplanten. Overal koken vrouwen voor mannen, in iedere cultuur die we kennen. De enige situatie waar dat niet gebeurt, is onze eigen moderne industriële samenleving. En om het simpel te zeggen: ik denk dat er in primitieve omstandigheden veel meer seksueel overspel voorkomt dan voedselpromiscuïteit. Als een vrouw – zonder toestemming – kookt voor een andere man, dan is dat het einde van het huwelijk. Dan is ze getrouwd met die andere man. Dat is het basispatroon. Maar je vindt wel vaak dat als een vrouw overspel pleegt, ze toch mag blijven. Misschien wordt ze afgeranseld. Maar ze gaan wel door. Omdat het belangrijkste is dat ze een maaltijd voor hem maakt. Pas als ze dat niet meer doet, wordt het serieus.”