Kunst voor 100 euro moet tij voor galerie keren

Sommige galeriehouders beschrijven bezoekcijfers als „dramatisch.” Met kunstwerken voor 100 euro proberen ze nieuwe bezoekers te trekken.

100 euro kunst: tekening van Bea Amsbach, gekocht door het Teylers Museum. Foto’s Galerie Phoebus Galerie Phoebus

Dramatisch, zo omschrijft Paul van den Berg de bezoekcijfers aan Poonberg, zijn galerie in de Rotterdamse wijk Kralingen. Op openingen was het de eerste helft van dit jaar nog redelijk druk, zegt hij. Maar daarna bleef het soms drie weken helemaal stil. „Regelmatig vroeg ik mij af: moet ik hier weer een hele dag voor Piet Snot gaan zitten? Aan het eind van iedere maand heb ik serieus overwogen ermee te stoppen.”

Elf van de 178 leden van de Nederlandse Galerie Associatie hebben dit kalenderjaar al hun lidmaatschap van de branchevereniging opgezegd. Vermoedelijk zijn zij slachtoffer geworden van de omzetderving in de kunstsector, die na het uitbreken van de recessie op zo’n 30 procent wordt geraamd.

Hoe moet de tanende belangstelling worden gekeerd? Op een vergadering van de Stichting Rotterdamse Galeries deed galeriehoudster Cokkie Snoei afgelopen zomer een voorstel. Laat alle twintig galeries in Rotterdam bij de seizoensopening in september een multiple van 100 euro aanbieden. Zou dat geen prikkelende aandachtstrekker zijn?

Het plan werd enthousiast onthaald. Maar al snel bleek het op praktische bezwaren te stuiten: de meeste kunstenaars die voor de seizoensopening stonden geprogrammeerd, zagen geen kans op korte termijn een zeefdruk of andere multiple te maken. Slechts drie galeries wisten het plan te realiseren.

Zo verkoopt Poonberg gesigneerde zeefdrukken van Robert Vulkers. Geen nieuwe grafiek, benadrukt, Van den Berg: de drukken lagen al tien jaar in de kast. De galeriehouder combineerde de 100 euro-kunst bovendien met een ‘Art Crisis Stock Exhibition’: op alle werken in de galerie 20 procent korting.

„Het is een grap die goed is opgepikt”, zegt Van den Berg. Zo goed zelfs, dat de galeriehouder na het miserabele eerste half jaar „weer opgewekt mee dobbert op de woelige golven van de economie”.

Ook Mirjam de Winter van galerie Phoebus kwam met een eigen interpretatie van het voorstel van collega Cokkie Snoei. De Winter nodigde niet één, maar alle kunstenaars van haar galerie uit een 100 euro-kunstwerk te maken. De respons was groot. Onder de noemer ‘Eenmalig’ presenteerde zij vorige maand werk van zestien kunstenaars, onder meer sierlijke pentekeningen van Bea Emsbach, gezeefdrukt behang van Bernadette Beunk en geperforeerde kunstansichtkaarten van Bernard Villers.

De tentoonstelling is een succes, concludeert De Winter. Ze heeft inmiddels zestig werken verkocht, zowel aan nieuwe klanten als aan Museum Teylers in Haarlem. Maar belangrijker, zegt De Winter, is dat sommige bezoekers van de ‘Eenmalig’-tentoonstelling enthousiast werden en ook duurdere kunstwerken kochten. De Winter: „Stiekem denk ik er al over om ‘Eenmalig’ te herhalen. Ik wil geen winkel van kunstwerken van 100 euro worden, maar deze tentoonstelling is leuk, mooi en goed. Het heeft iets in gang gezet.”

Is extreem laag geprijsde kunst een antwoord op de crisis? Simon Benson, de in Eindhoven wonende Britse kunstenaar die voor de ‘Eenmalig’-tentoonstelling bij Phoebus twee insectenprenten in een oplage van honderd maakte: „Als kunstenaar kan je daar niet van leven. Maar één keer per jaar om belangstelling te wekken en de galerie toegankelijk te maken voor een nieuw publiek, daar heb ik in tijden van crisis geen bezwaar tegen.”

Volgens Guus Broos, de voorzitter van de Nederlandse Galerie Associatie, is 100 euro-kunst zeker niet de oplossing voor de huidige problemen op de kunstmarkt. „Iedereen weet wat 100 euro waard is: niet veel. Over zulke aanbiedingen kunnen grappenmakers mooie conferences maken.”

De aard van de recessie zit niet in het prijsmechanisme maar in de vraaguitval, zegt Broos, de voormalig directeur van MKB Nederland. „De prijzen van kunst liggen in Nederland op een realistisch niveau. Hypes als in Duitsland, Engeland en de Verenigde Staten hebben wij hier niet. In die landen stunten galeriehouders nu met kortingen van 40 tot 50 procent. Daar is bij ons geen aanleiding voor.”

In plaats van te stunten met prijzen doen galeriehouders er beter aan hun onderneming met meer inzet en overtuiging aan te bieden, zegt Broos. Zijn advies aan de Nederlandse kunstverkopers: „Besteed meer aandacht aan potentiële en bestaande klanten. En aan de wijze waarop je kunst onder de aandacht kunt brengen. De belangstelling voor kunst is zeker niet weg.”

Kunst voor 100 euro, het doet Broos denken aan de recente protestacties van melkveehouders die miljoenen liters melk over het land uitrijden. „Ook dat zijn acties die laten zien dat een sector het moeilijk heeft. Maar net als melk verspillen is het aanbieden van goedkope kunst geen oplossing.”