De stelling van Douwe Jan Elzinga: een Kamerlid dat geheimen lekt, moet strafrechtelijk vervolgd

Deugt een parlementariër die informatie lekt? Of moet die worden beboet wegens een ambtsovertreding? Een discussie tussen Folkert Jensma en Douwe Jan Elzinga, hoogleraar staats- en bestuursrecht in Groningen.

Als journalist zeg ik: volksvertegenwoordigers moeten zoveel mogelijk informatie publiek maken. Daar moet de rechter buiten blijven.

„Openbaarheid is regel, dat is een zeer belangrijk goed. Geheimhouding is uitzondering, vooral in de parlementaire sfeer. Daar ben ik het mee eens. In de afgelopen 150 jaar is de openbaarheid enorm toegenomen. Vroeger was alle buitenlands beleid geheim, dat was het prerogatief (privilege, red.) van de kroon. Nu is er nog maar heel weinig wat als geheim wordt aangemerkt. En als het dan niet wordt geopenbaard, wordt het vaak onder geheimhouding aan het parlement vrijgegeven. Parlementariërs moeten meer rechten hebben dan anderen, ook om misstanden aan de kaak te stellen. Vandaar de parlementaire immuniteit.”

Dat verplicht dan burgemeesters, officieren van justitie en Kamervoorzitters tot grote terughoudendheid. Maar dat is steeds minder zo.

„Mijn stelling is: omdat de ruimte voor openbaarheid heel groot is, moet je streng en precies zijn wanneer er geheimhouding moet zijn. Er zijn zaken die evident vertrouwelijk moeten zijn. Als Groningen een nieuwe burgemeester nodig heeft, dan moet de vertrouwenscommissie vertrouwelijk werken. Tot voor kort kon een gemeenteraadslid de kandidaat van de meerderheid uitschakelen door z’n naam te lekken. Dat is hopeloos. Sinds enige tijd wordt daar fors op toegezien. Die commissies moeten gesloten blijven.”

Er wordt dus meer vervolgd?

„Zeker, er zijn nogal wat mensen die lekten ook veroordeeld. Daar is het strafrecht een goed instrument. Ook om vergaderingen van colleges en van de ministerraad gesloten te houden. Daar wordt pittig gediscussieerd, op het scherpst van de snede. Als daaruit zou worden gelekt, is dat bedreigend voor de mogelijkheid om elkaar in vertrouwelijke sfeer de nieren te kunnen proeven.”

Wat moet er dan geheim blijven?

„Kabinetsoverleg. Alles in de sfeer van bedrijfsgeheimen, intern beraad op departementen, voorbereiding van wetsvoorstellen, de veiligheid van de staat, persoonlijke gegevens.”

Zo’n flauw stuk als de Miljoenennota valt daar toch buiten? Dat is bedóéld om openbaar te worden.

„Dat is een definitiekwestie. Er staat in de strafwet dat je als minister, als volksvertegenwoordiger, als ambtenaar, geen regeringsbescheiden mag publiceren waarvan de regering heeft gezegd dat ze geheim zijn. Dat is ons systeem. Als raadslid kun je vinden dat burgemeester en wethouders zich daarin vergissen. Dat kun je aan de rechter voorleggen. Als Kamerlid is dat lastiger. Maar als de regering zegt, vanwege de positie van de koningin, of wat dan ook, dat zij vinden dat er geen openbaarheid mag zijn, dan is daarmee de vertrouwelijkheid opgelegd.”

Een verstandig volksvertegenwoordiger komt toch wel énige ruimte toe om zelf te beoordelen?

„Nee, als een kabinet of college zegt: we geven dit stuk niet of onder geheimhouding, dan is dat maatgevend. Het enige wat je hebt, is je positie in de vergadering – daar ben je immuun. Er is geen reden om te zeggen: ik doe het toch. Dan schep je een glijdende schaal.”

Maar dat kan een democraat toch niet accepteren. Hier zegt de macht tegen het volk: hou je mond. En je mag nooit ontsnappen.

„Ik kan dat wel accepteren. Je moet hierin vrij digitaal zijn. Als het orgaan geheimhouding oplegt dan is die er, totdat in rechte blijkt dat het anders ligt. Anders stort het systeem in.”

Dus je moet als raadslid met je geheime stuk met brandende inhoud niet naar de krant lopen, maar naar de kortgedingrechter?

„Ja, of proberen de regeling te veranderen. Het speelt natuurlijk wel een rol of je met lekken een hoger belang dient. Dat kan onder omstandigheden. Dan neem je maar het risico van een vervolging omdat je een misstand aan de kaak wilt stellen. Prima. Of je maakt zo’n stuk openbaar tijdens de vergadering. Dan neem je alleen het risico van een disciplinaire maatregel. Dat is ook prima.”

Maar lekken om de openbaarheid te dienen kan u niet bekoren?

„Lekken gebeurt meestal niet om een hoger belang te dienen. Maar om politiek te maken, om met een journalist op goede voet te komen, zodat er ook weer eens wat terugkomt. De gemeenschappelijke grond van lekken is handel, met politieke motieven.”

Goed, een Kamerlid lekt toch, wordt vervolgd en doet een beroep op dat hogere belang. Hij kon niet anders.

„Het aardige is dat we die volksvertegenwoordiger daar een forum voor bieden: de vergadering van de Tweede Kamer. Daar kun je dat hogere belang heel secuur en precies beargumenteren. Buiten de strafrechter en de strafwet om.”

Geheimen kunnen in de vergadering straffeloos openbaar worden?

„Ja en dat gaat ver. In de vergadering kun je de wet overtreden. Daar kun je iemand voor huisvuil uitmaken zonder dat het strafrecht eraan te pas komt. Dat privilege vinden veel mensen al middeleeuws, omdat het rechtsongelijkheid inhoudt ten opzichte van gewone burgers. Maar ik hecht er zeer aan. Omdat je dan een forum hebt. Als je dat niet kiest, maar een relletje gaat schoppen in de krant, maak je de verkeerde afweging.”

PvdA-Kamerlid Paul Tang, die delen van de ‘geheime’ Miljoenennota lekte, moet dus worden vervolgd?

„Als hij ermee zou wegkomen, dan geeft dat blijk van een enorm ongelijke behandeling. Decentraal is strafvervolging evident, het OM geeft er ook prioriteit aan. Je kunt niet streng zijn op het ene niveau en coulant op het andere. Ook voor het OM is het lastig. Het lekken van de Miljoenennota is een ambtsovertreding. Je komt voor een Kamerlid dan uit bij de procureur-generaal van de Hoge Raad: het forum privilegiatum.

Maar moet de procureur-generaal dan tegen een Kamerlid een boete eisen!?

„Die procedure hebben we in Nederland nooit gebruikt. Het is dood recht. Dan kun je zeggen: laat maar lopen. Voor een ambtsovertreding is het ook een zware procedure. Maar je kunt niet niks doen want decentraal doen we het wel.”

U bent wel streng, zeg.

„Ja, dat kun je zeggen. Maar dit gaat niet over Tang of over de Miljoenennota, maar over al die vervolgingsbeslissingen over raadsleden die zijn genomen en nog genomen worden. Dit zal ook vaker voorkomen. Het kan zijn dat de veiligheid van de staat in het geding komt. Wat doe je dan? Daar moet je wel over nadenken.”

Dit is een grote kwestie.

„Groter dan men denkt. Neem dat lekken uit de ministerraad. Dat is veel ernstiger. Dat hebben we altijd dicht weten te houden. Ik begrijp heel goed dat daar een onderzoek met strafrechtelijke componenten naar wordt gedaan. Dit is bedreigend. Stel dat een minister zou hebben gelekt. Dan komt het forum privilegiatum ook in beeld.

Maar het lekken van de Miljoenennota kun je ook duiden als protest tegen het schimmenspel op Prinsjesdag. Zo erg is dat niet.

„Ik vind van wel. Ik vind zelf ook al jaren dat de majesteit die zitting symbolisch moet openen en een kort algemeen verhaal moet uitspreken. En dat de premier dan de beleidsvoornemens van het kabinet moet uitleggen. Dat gaat ook gebeuren, hoor, met de troonwisseling. Op enig moment komt die splitsing er. Die discussie is deze zomer ook gevoerd. Hoe moet het verder met de Troonrede, met de majesteit – Bos heeft er een bijdrage aan geleverd. Dat gaat niet over niks. Dan vind ik het de verantwoordelijkheid van een Kamerlid om zich aan het embargo te houden. Er was door het kabinet vastgesteld dat de oude regeling nog van toepassing zou zijn, met nadruk. Tang heeft gezegd: ik heb er lak aan, ik geef gewoon de stukken weg. Een algemeen belang werd niet gediend.

Als hij een kerel was geweest dan....

...had hij in de Kamer tijdens het vragenuur ofzo allerlei mededelingen uit de Miljoenennota moeten doen. En erbij moeten zeggen – vrienden, ik vertel dit nu omdat ik geheimhouding belachelijk vind. Ik maak van mijn immuniteit gebruik om de openbaarheid te dienen. Ik stel me kwetsbaar op. Maar hij gaf het stiekem aan een journalist. Dan roep je de verdenking op dat er een ruilverhouding is.”

Zijn dit soort regels wel bestand tegen de mediadruk?

„Dat embargo op de Miljoenennota gaat eraan, dat kan niet anders. Ik zie de ruimte voor openbaarheid alleen maar groter worden. Dat is goed. Dat is in het verleden ook steeds gebeurd. Het aantal uitzonderingen zal ook afnemen. Waardoor het lekken afneemt. Maar hoe groter de ruimte voor openbaarheid hoe strenger je de uitzonderingen moet bewaken. Geen zachte heelmeesters.”

Immuniteit is gebonden aan de vergadering. Maar waarom niet aan de persoon? Dan kan Wilders qualitate qua kwetsende films maken zonder vrees voor de strafrechter.

„Zo doet men dat in Italië en Duitsland. Maar dat is ingewikkeld, die ongelijke behandeling ten opzichte van normale burgers. Je komt gauw met art. 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens in de knoop, het recht op toegang tot de rechter. Iedereen mag iedereen aanklagen en dan zou je een parlementariër niet kunnen aanklagen? Er zijn ook al wat arresten uit Straatsburg die immuniteit beperken. In Italië wordt het ook teruggedraaid. Daar wordt het weer meer locatiegebonden. Je merkt dat er landen zijn die er überhaupt van af willen. Vooral omdat het taalgebruik overal kwetsender wordt.”

Dan moeten we dus af van dat forum privilegiatum voor Kamerleden en ministers.

„We zijn toe aan een bruikbare procedure. Nu hebben we de wet Ministeriële Verantwoordelijkheid die nooit is gebruikt. Het is dood recht. Dat werkt ook belemmerend. Laten we eens denken over een gewone procedure bij de strafrechter, bijvoorbeeld met een verlofstelsel, waarbij het Openbaar Ministerie eerst toestemming van de Kamer nodig heeft. Zowel voor Kamerleden als ministers en oud-ministers. Voor het geval er werkelijk iets aan de hand is.”