Bulgaarse connecties

Gerd Leers, burgemeester van Maastricht, heeft een conflict over een vakantievilla in Bulgarije. Het is een privézaak. Maar wel een kwestie waarin Leers zaken doet met een van zijn ambtenaren. Maatschappelijke betrokkenheid of belangenverstrengeling? ‘Ik heb privé en zakelijk steeds gescheiden gehouden.’

Anastas Trendafilov is een teleurgesteld man. Als burgemeester van Byala, een dorp met tweeduizend inwoners aan de Bulgaarse Zwarte Zeekust, had hij vorig jaar nog een goed gevoel na een ontmoeting met zijn voorname ambtgenoot Gerd Leers. De burgemeester van Maastricht – waar in 1992 het verdrag is gesloten dat deze stad in heel Europa bekendmaakte – bezocht zijn dorp, waar hij samen met Maastrichtse vrienden enkele villa’s in aanbouw had gekocht.

Dat goede gevoel is weg bij Trendafilov. In een doorrookt, klein gemeentehuis vertelt de burgemeester – vijftiger, krap jasje en argwanende ogen – hoe hij Leers in augustus vorig jaar uitnodigde voor een diner. Niet in het gemeentehuis, maar in visrestaurant Chaika, wat meeuw betekent. Het ligt idyllisch op een klif, met uitzicht op de baai en het vakantiecomplex Marina Black Sea Riviera. Daar verrezen de vakantievilla’s van Leers en vrienden.

Trendafilov onthaalde het Nederlandse gezelschap met warme gastvrijheid. De sfeer aan tafel was vriendschappelijk. Leers nodigde zijn collega meteen uit voor een tegenbezoek aan Maastricht in november dat jaar. Ook zou hij in Nederland een tweedehandsbrandweerauto organiseren voor zijn toekomstig vakantiedorp, beloofde hij op verzoek van zijn Bulgaarse ambtgenoot. Want een brand blussen is niet eenvoudig in Byala. In een schuur staat één Russisch voertuig uit 1954, met een bakelieten telefoon op het dashboard. De wagen hangt met ijzerdraad aan elkaar, en de watertank lekt.

Twee maanden later stuurde Leers goed nieuws naar zijn ambtgenoot, per e-mail, met foto’s van een ‘fantastic car with a lot of possibilities’. Leers presenteerde een tweedehandstankautospuit, merk Mercedes. Een gift van de vrienden uit Maastricht, schreef hij. Met de foto’s in de hand liep Trendafilov opgetogen door het dorp. Dat had hij toch maar mooi voor elkaar gekregen.

Inmiddels is de euforie verdwenen bij de burgemeester van Byala. Enkele weken na de enthousiaste e-mail liet Gerd Leers weten dat Anastas Trendafilov niet meer welkom was in Maastricht. En de ‘fantastic car’ uit Nederland zou ook niet komen.

Hoe kon de vriendschap zo snel stuklopen? Het kwam, zo hoorde Trendafilov in november vorig jaar, door een conflict dat Leers en zijn vrienden hadden gekregen met de directeur van Marina Black Sea Riviera. Die leverde de villa’s niet op. En aangezien de directeur ook bouwkundig adviseur van de gemeente Byala was, schrapte Leers het bezoek van de burgemeester.

Trendafilov, na een stilte: „Ik heb de foto’s weggegooid.”

Belangenverstrengeling

Gerd Leers is in Bulgarije verzeild geraakt in een zakelijk conflict. Het is een privékwestie. Maar staat Leers als burgemeester geheel buiten dit conflict? Heeft hij gehandeld naar de letter en de geest van de Maastrichtse gedragscode voor de burgemeester? Daarin staat: ‘[U] vermijdt, dat uw persoonlijke belangen of die van groepen, waarmee u in contact staat, en de belangen van de gemeente door elkaar kunnen gaan lopen. U vermijdt (de schijn van) belangenverstrengeling.’

Een van de vier aandeelhouders van Marina Black Sea Riviera is een ambtenaar van de gemeente Maastricht, Nico Nollen (42). Op zijn visitekaartje staat Senior Policy Adviser European & Public Affairs. Zijn functie: Europese subsidies binnenhalen. Nollen is betrokken geweest bij het regelen van subsidies voor de renovatie van de oude binnenhaven, de snelle treinverbinding tussen Maastricht en Brussel en de ondertunneling van de A2.

Nico Nollen is in augustus 2005 medeoprichter van een Bulgaarse vennootschap die een villapark met jachthaven wil bouwen. Vier mannen hebben ieder een kwart van de aandelen: Nollen, zijn zwager, de Bulgaarse architect Dobril Dobrev (62) en een vriend van Dobrev.

De zakenpartners vullen elkaar aan: Nollen zou met zijn netwerk grote investeerders kunnen binnenhalen en kent de weg naar de Europese subsidiekas. Dobrev zorgt voor het bouwkundig ontwerp en weet hoe de hazen lopen in Bulgarije. Architect Dobrev wordt directeur van de vennootschap.

Thuis bij Nico Nollen zien Gerd Leers en zijn vrouw Genoveef in september 2006 een maquette van het villapark met jachthaven. Het echtpaar is nooit in Byala geweest, maar is direct enthousiast.

Marina Black Sea Riviera is op dat moment nog in aanbouw. De website van het project rept over een paradijs, een droombelegging: The Goldrush has started. Bulgarije boomt eind 2006. De waarde van het onroerend goed zal stijgen als Bulgarije op 1 januari 2007 toetreedt tot de Europese Unie.

Leers tekent het voorlopig koopcontract dat Nollen hem presenteert, en hij betaalt in oktober 95 procent van de totale koopsom van 234.770 euro. Zijn adviseur bij de ABN Amro raadt het nog af, maar Leers gaat voor de 10 procent korting bij snelle betaling.

Leers haalt ook een vriend over een villa te kopen: Jacques Smeets, eigenaar van vier Mercedesgarages in Limburg. Nollen doet hetzelfde bij zijn vrienden, en hij schakelt relaties in die hij via de gemeente kent. Zo maakt directeur Knols van de VVV Maastricht 60.000 euro over op de privérekening van Nollen, als investering in het villapark. Reclameman Fons Bruijs – bedenker van de slagzin ‘Even Apeldoorn bellen’ – doet een aanbetaling van 57.000 euro voor een villa. Bruijs maakte de introductiecampagne voor de snelle treinverbinding met Brussel én schreef de wervende teksten op de internetsite van Marina Black Sea Riviera.

Al met al investeren de Maastrichtse vrienden en kennissen meer dan een miljoen euro. Maar voor het afbouwen van het villapark en de aanleg van de jachthaven zijn nog enkele miljoenen nodig. Nollen slaagt er echter niet in dat geld aan te trekken. Hij schermt intussen wel met de naam van burgemeester Leers bij potentiële geldschieters, zoals blijkt uit een e-mail van 4 maart 2007 aan een Hilversumse investeerder: ‘Leers tekende blind. Hij was er nooit geweest, puur op mij.’

Maar diverse potentiële investeerders en banken eisen hardere garanties en cijfers. Die ontbreken. De Hilversumse investeerder stelt kritische vragen. Hij krijgt van Nollen als antwoord: ‘Denk niet dat ik een kleine jongen ben, want dan vergis je je. Selfmade en verantwoordelijk voor de zwaarste projecten in Zuid-Limburg. Organiseerde al feestjes op mijn zestiende.’

De investeerder schrijft dat hij de indruk heeft dat het project ‘wat uit de hand dreigt te lopen’. Nollen reageert: ‘Bij mij loopt nooit wat uit de hand.’

Leers laat zich gemakkelijker overtuigen door Nollen. Die verzekert hem dat het financieel safe zit, blijkt uit e-mails. De burgemeester heeft groot vertrouwen in zijn ambtenaar. „Het is een hartstikke goeie vent”, zegt Leers.

Maar Nollen vertelt niet alles over zijn Bulgaarse onderneming. Op het moment dat Leers ruim twee ton betaalt, op 11 oktober 2006, schrijft Nollen in een interne evaluatie voor zijn medeaandeelhouders dat het bedrijf in acute financiële problemen zit: ‘On October 11th Mr. L. (Leers, red.) put his personal confidence in me and although his ABN Amro Bank advised him not to, transferred the money. If this money would not have been transferred our company would be very near to bankruptcy and ready for execution or a takeover by one of the big professional players.’

Nollen zegt nu dat dit een bewuste simplificatie was. „Die Bulgaren spreken zes woorden Engels. Dus dat moet je eenvoudig houden.” Nollen vindt niet dat hij zijn burgemeester heeft voorgelogen: „Er was een groot eigen vermogen en geen schulden, enkel wat liquiditeitsproblemen.”

Gemeentesecretaris vraagt opheldering

Per 1 januari 2007 krijgt Maastricht een nieuwe gemeentesecretaris, Jan Nauta. Kort na zijn aantreden hoort hij over het privéproject van de ambtenaar die de Europese subsidies binnenhaalt en vertelt Leers hem dat hij een huis heeft gekocht via Nollen. Nauta vraagt de ambtenaar opheldering over zijn werk als projectontwikkelaar en over zijn rol in de aankoop van de woning door de burgemeester.

In zijn antwoordbrief, gedateerd 24 april 2007, verhult Nollen zijn eigen rol. Hij schrijft dat ‘een vriend’ van de familie Leers het contact onderhoudt met het bedrijf. Ook meldt hij: ‘De familie Leers heeft zich bij de Bulgaarse architect-directeur in oktober 2006 gemeld en heeft een koopcontract gesloten voor de bouw van een vakantiehuis. De familie Leers is samen met een vriend van de familie Leers tussen Kerst en Nieuwjaar drie dagen in Bulgarije geweest om de locatie te bekijken.’ Nollen laat achterwege dat juist hij namens het bedrijf nauw contact heeft met Leers, dat hij in september het koopcontract aan Leers voorlegde en dat hij met Leers tussen Kerst en Nieuwjaar in Bulgarije was.

Voordat Nollen zijn antwoord naar gemeentesecretaris Nauta stuurt, legt hij eerst het concept per e-mail aan Leers voor: „Beste Gerd. Volgens mij klopt dit. Svp akkoord. Groet, Nico.” Gemeentesecretaris Nauta weet hier niet van.

Op 10 mei 2007 heeft Nollen een gesprek met Nauta. Die maakt de ambtenaar nog eens duidelijk dat vermenging van ambtelijke verantwoordelijkheden en privébelangen uit den boze is, zo blijkt uit het gespreksverslag. Nollen bezweert hem dat hiervan nooit sprake is geweest en zal zijn. Als lobbyist voor subsidies dient Nollen zich te beperken tot zijn rol als passieve aandeelhouder.

Nauta: „Ik heb Nollen vaker gevraagd: heb je niks verzwegen, is er niks aan de hand? Hij zei: ik bemoei me niet met de uitvoering van het project en die jachthaven.”

Nollen zegt dat wel, maar hij doet iets anders. Juist op dat moment is hij druk met de verkoop van vakantievilla’s en de financiering van de jachthaven in Byala, blijkt uit e-mails die hij rondstuurt.

Een maand na de strikte afspraak met Nauta ondertekent Nollen, op 18 juni 2007, het contract voor de verkoop van een villa aan een Belgische klant. En in een e-mail van 10 september 2007 legt hij aan potentiële investeerders uit hoe de EU-subsidie voor de jachthaven binnengehaald gaat worden: „Wij [de vennootschap, red.] betalen de 15 procent co-financiering (..) die de gemeente [Byala, red.] moet betalen en in ruil daarvoor wordt de concessie verleend.”

In maart 2006, ruim voordat Jan Nauta gemeentesecretaris wordt, is Nollen al druk bezig met ‘lobbywerk’, zoals hij het in e-mails noemt. De ambtenaar regelt de ontvangst van de burgemeester van Byala, Ilian Tsonev (de voorganger van Anastas Trendafilov), in het stadhuis van Maastricht. Met koffie en vlaai, en een handje van Leers. Die heeft dan, naar eigen zeggen, nog geen weet van de bijbaan van Nollen.

Leers ontvangt de Bulgaarse burgemeester, die in gezelschap is van Krasimir Premyanov, een invloedrijke oud-fractievoorzitter van de Bulgaarse Socialistische Partij. De Bulgaren zijn sleutelfiguren bij het verkrijgen van een vergunning voor de geplande jachthaven.

Nollen neemt hen, na de ontvangst door Leers, mee naar Brussel. Hij heeft de sleutel van het kantoor van de gemeente Maastricht in het lobbykantoor van de Nederlandse provincies. Daar ontmoeten ze een ambtenaar van de Europese Commissie die uitleg geeft over de subsidiemogelijkheden voor het aankomende EU-lid Bulgarije.

In september 2006, een half jaar na het bezoek van de Bulgaren aan Maastricht, koopt Leers zijn vakantievilla. Vanaf dat moment profileert hij zich in Bulgarije ook als burgemeester van Maastricht.

Op bezoek bij de premier

Tijdens een privéreis met Nico Nollen, december 2006, gaat Leers met de burgemeester van Byala en oud-fractieleider Premyanov op bezoek bij premier Sergei Stanisev in de hoofdstad Sofia. „Wij hoopten dat de premier de komst van de jachthaven zou bespoedigen”, zegt directeur Dobril Dobrev, Nico Nollens medevennoot. „Met een jachthaven zouden de prijzen van de villa’s omhoog schieten. Gerd Leers was meegebracht door Nollen. De burgemeester van de stad waar een Europees verdrag was getekend, opende deuren.” Het bezoek vindt plaats drie dagen voordat Bulgarije officieel toetreedt tot de Europese Unie.

Leers: „Tot mijn stomme verbazing werd ik gevraagd de premier een handje te geven. Die man was kennelijk geïnteresseerd en die heeft mij ontvangen. De premier zei: hartstikke goed dat u daar investeert. Dat is van grote betekenis voor ons land.”

Bronnen die erbij waren, zeggen dat er ook werd gesproken over de aanleg van de jachthaven. Nico Nollen schrijft in een van zijn e-mails dat de premier ‘mondeling toestemming’ gaf voor de aanleg van de jachthaven.

Is de jachthaven ter sprake geweest? Leers: „Dat weet ik niet meer precies. Wat ik wel weet, is dat ik nog gewaarschuwd heb voor verrommeling van de kust.”

De Bulgaren zijn op hun beurt weer gast van burgemeester Leers bij de herdenking van vijftien jaar Verdrag van Maastricht op 7 februari 2007. Die dag zitten in de hal van het stadhuis op de eerste rij onder anderen oud-premier Ruud Lubbers en oud-minister van Buitenlandse Zaken Hans van den Broek, de Luxemburgse premier Jean-Claude Juncker en de voormalige Duitse minister van Buitenlandse Zaken Theo Waigel. Op de tweede rij: de zoon van de directeur van het Bulgaarse vakantiepark, burgemeester Tsonev van Byala en oud-fractieleider Premyanov. Ze logeren op kosten van de gemeente in Grand Hotel de l’Empereur. Met champagne op de kamer.

Terug in Bulgarije oogst burgemeester Ilian Tso-nev bewondering met zijn verhaal over de internationale entourage waarin hij zich mocht begeven. Het lobbywerk wordt beloond. Diezelfde maand ondertekent de burgemeester een officiële verklaring: ‘Als burgemeester van Byala garandeer ik ‘groen licht’ voor het project. Het zal snel en ongehinderd worden goedgekeurd en een bouwvergunning zal snel worden verleend, zoals gespecificeerd door het bedrijf Marina Black Sea Riviera.’

De vennoten krijgen ruzie

Tussen de aandeelhouders van Marina Black Sea Riviera botert het gaandeweg minder en minder. Nico Nollen en zijn zwager merken dat ze weinig greep hebben op de ontwikkeling van het vakantieoord. Architect Dobril Dobrev heeft als statutair directeur zo’n beetje alle macht. „Ondanks herhaald aandringen laat Dobrev geen jaarrekeningen en andere door potentiële investeerders gevraagde stukken zien”, zegt Nico Nollen.

Dobrev en zijn familie verwijten Nollen dat hij wel veel mooie praatjes heeft, maar geen van de beloofde grote investeerders weet binnen te halen. Dobrev: „Nollen heeft zonder formele bevoegdheid contracten voor huizen afgesloten en investeringsgeld van vrienden niet volledig doorgestuurd naar de firma.”

In een aandeelhoudersvergadering klinken harde verwijten over en weer. De ondernemers vallen in twee kampen uiteen, en hun vennootschap zit – met half afgebouwde villa’s – weer in grote financiële problemen.

Directeur Dobrev weet tegen eind 2007 een krediet bij de Piraeus Bank los te krijgen. Daarmee kan de bouw van de villa’s weer een tijdje voort. Om de lening te krijgen, worden de villa’s (ook die al zijn verkocht aan Leers en zijn vriend Smeets) in onderpand gegeven aan de bank.

Als Leers dit hoort, ontploft hij. De woede wordt nog groter als Dobrev hem vertelt dat hij moet bijbetalen als hij zijn villa uiteindelijk wil krijgen. Leers heeft namelijk ooit een koopovereenkomst getekend voor een villa achter in het park, maar is tussentijds geswitcht naar een villa aan de zeezijde. Die is groter en luxer. „Om het prijsverschil te compenseren”, zegt Dobrev, „zou Leers zijn contacten aanspreken en nieuwe kopers aanbrengen.”

Een e-mail van Leers aan de familie Dobrev bevestigt dit. Leers schrijft: ‘And I want to stress again that I will help you and your father in selling other villas.’ Volgens Leers wordt zijn e-mail verkeerd uitgelegd: „Ik heb juist voorgesteld het prijsverschil te betalen.”

Behalve zijn vriend Smeets, de Mercedes-dealer, brengt Leers niemand aan. Dobrev eist vervolgens bijbetaling van 208.000 euro. Leers vindt dat een „absurd bedrag” en weigert.

‘Rake klappen uitdelen’

Sindsdien leeft zowel Nollen als Leers op voet van oorlog met de Bulgaren. Nico Nollen doet een poging Dobrev uit te kopen uit de vennootschap, blijkt uit e-mails. De afspraak is dat Leers daarna alsnog zijn villa voor een redelijk bedrag krijgt. Hierover mailt Nollen aan Leers en Smeets in januari dit jaar dat hij ‘echt heel vervelend’ gaat worden als de Bulgaren zijn voorstel afwijzen. ‘Ik hoop dat jullie mij daarin steunen en zelf ook een paar rake klappen willen uitdelen’.

Dobrev wijst het voorstel af. Sindsdien proberen beide partijen met advocaten de zeggenschap over het bedrijf te krijgen.

Zoals gevraagd deelt ook Gerd Leers ‘klappen’ uit. Hij doet in juni dit jaar aangifte wegens oplichting tegen directeur Dobril Dobrev bij het Openbaar Ministerie in Bulgarije. Leers: „Ik ben ongelofelijk belazerd.”

Op 28 augustus wijst het OM de strafklacht af. Volgens justitie zijn er geen feiten aangetroffen die op oplichting wijzen. Partijen moeten het maar voor een civiele rechter uitvechten, blijkt uit de beschikking.

Leers, geconfronteerd met dit besluit, zegt hiervan niets te weten: „Schandalig dat dit naar de pers is gestuurd. Ik ken het document niet. Dat is mooi zeg, ik wil wel in hoger beroep!”

Leers onderneemt nog iets. Hij belt Zlatin Trap-kov, de Bulgaarse ambassadeur in Nederland, en schrijft hem een vertrouwelijke brief. De burgemeester kent de ambassadeur. Zo plantte Trapkov in oktober 2007 in Maastricht een boom om de toetreding van Bulgarije tot de EU luister bij te zetten. Leers geeft toe dat hij zijn privéprobleem heeft voorgelegd: „Trapkov heeft me zelfs nog geadviseerd aangifte te doen.”

Hij heeft ook hulp aangeboden?

„Hij kende de hoofdofficier van justitie. Die heeft hij gebeld.”

U ontving de ambassadeur als burgemeester. Daarna benadert u hem met uw privéprobleem?

„Ik heb hem bijgepraat over wat mij nu weer was overkomen. Ik wilde een advies hebben in een privézaak. Een lastige kwestie die op mijn functie als burgemeester uitstraling heeft.”

Leers schrijft de ambassadeur op 1 december 2008 dat hij „gedwongen” was de burgemeester van Byala niet te ontvangen omdat directeur Dobrev, met wie hij privé een geschil had, „een belangrijk adviseur is van de gemeente Byala”. Dat besluit nam Leers „vanwege mijn sterke wens om een strikte scheiding aan te brengen tussen privézaken en mijn werk als burgemeester. Als de persoonlijke omstandigheden zijn opgelost, wil ik de burgemeester graag helpen. Tot slot verzoek ik u deze brief strikt geheim te houden.’ En hij ondertekent met: ‘Gerd Leers, burgemeester van Maastricht.’

Waarom was de burgemeester van Byala plots niet meer welkom?

Leers: „Hij zou samen met Dobrev komen.”

U had hem toch alleen kunnen ontvangen?

„De man spreekt geen Engels.”

Dan huurt u een tolk?

„Ja, kom zeg, alles kan.”

Had u niet moeten vermijden zaken te doen met het bedrijf van een van uw ambtenaren?

„Nee, want dan zou ik ook geen brood meer kunnen kopen bij de bakker als de vrouw van een ambtenaar daar werkt.”

Leers vertelt zijn verhaal thuis, aan de eettafel. Om aan te geven dat het een privézaak is. Ook zijn vrouw Genoveef, sinds 2007 lid van Provinciale Staten van Limburg voor het CDA, zit aan tafel. Net als gemeentesecretaris Jan Nauta. Want door de betrokkenheid van Nico Nollen raakt de kwestie aan de ambtelijke organisatie.

Toen de problemen zich opstapelden, adviseerde Nauta aan Nollen zijn bevoegdheden als aandeelhouder over te dragen aan zijn zwager, hetgeen hij deed. Leers heeft het aanstellen van zo’n zaakwaarnemer niet overwogen, erkent hij. En dat terwijl Marina Black Sea Riviera steeds meer een moeras werd, en de kans op slijk op het pak van de burgemeester toenam. „Het was verstandiger geweest als ik de zaak op afstand had gezet”, zegt Leers. Maar hij is overtuigd van zijn integer handelen. „Ik heb privé en zakelijk steeds gescheiden gehouden.”

In Nollen is hij teleurgesteld. Leers overweegt een nieuwe aangifte wegens oplichting, dit keer tegen „meneer Nollen”, als de feiten juist zijn.

Leers: „Het is godverdorie te gek voor woorden.”

De beloofde brandweerauto die de burgemeester niet leverde, staat sinds mei werkeloos in een van de garages van het autobedrijf van Jacques Smeets, de vriend van Leers. De wagen komt uit Rotterdam. Daar is de gebruikte tankautospuit gevonden door de Brandweer Zuid-Limburg. Eerst had Leers de Limburgse brandweercommandant gevraagd uit eigen voorraad een overtollige auto te schenken aan Byala. Maar die had het Limburgse korps niet. De commandant liet daarop in het land zoeken. In Rotterdam werd een Mercedes-tankautospuit gevonden. Een medewerker reisde er naartoe om de wagen te keuren. De Limburgse brandweer zou deze wagen schenken, maar Rotterdam wilde er nog 5000 euro voor hebben. Dus regelde Leers iets, „als chariteit”. Het zou een privégift van hem en zijn vrienden worden, zegt de burgemeester. Uiteindelijk betaalde echter het autobedrijf van Smeets de rekening, blijkt uit gegevens van de Brandweer Rotterdam-Rijnmond. En nu weigeren de vrienden de brandweerauto te geven.

Aan het einde van het gesprek aan de eettafel zegt Leers over zijn eigen rol: „Ik had er ongetwijfeld beter aan gedaan tegen die collega uit Byala te zeggen: komt u alleen. En het spijt mij ook van die brandweerauto. Die had ik ontzettend graag gegeven. Dat is niet gelukt. Ik kon dit niet alleen voor mekaar boksen. Dat had ik achteraf anders willen doen.”

Gemeentesecretaris Nauta: „Met alle respect, maar de burgemeester heeft de neiging om, als iemand een probleem heeft, onmiddellijk te gaan helpen oplossen. Daar is hij ook wat naïef in. Dan zegt hij: ‘Hup, misschien kan ik een brandweerauto regelen’.”

Leers: „Dat vind ik niet naïef, Jan. Ik toon maatschappelijke betrokkenheid en daar word ik dan later mee ingezeept. Dat vind ik schandalig, beneden alle peil.”

Documenten bij dit artikel staan opnrc.nl/nrcweekblad