'Ander besluit was rampzalig geweest'

Met het kabinetsbesluit tot ontpolderen is een ramp voor de Westerschelde voorkomen, meent directeur Fred Wouters van Vogelbescherming. Maar tevreden is hij nog niet helemaal.

Vogelbescherming Nederland is tevreden dat het kabinet heeft besloten de Hedwigepolder te ontpolderen, maar ziet daarin nog niet onmiddellijk aanleiding een lopende rechtszaak bij de Raad van State te stoppen.

Directeur Fred Wouters van Vogelbescherming Nederland: „Ik ben blij dat het kabinet deze eerste stap naar natuurherstel van de Westerschelde heeft gezet. Eindelijk, want daartoe was vier jaar geleden al besloten in het verdrag tussen Nederland en Vlaanderen. Dat is verheugend nieuws, want het besluit van het kabinet had ook heel anders kunnen uitvallen. Dat zou dan rampzalig zijn geweest.”

Hoezo rampzalig?

„Het gaat heel slecht met de Westerschelde. Die verkeert in een beroerde staat. Met elke verdieping van de Westerschelde neemt de hoeveelheid voedsel voor vogels af. Het water stroomt daardoor steeds sneller in en uit en zo spoelen de wadplaten met de gedekte tafels voor vogels weg. Veel mensen kunnen zich geen voorstelling maken van de Westerschelde. Het is een Waddenzee in het klein. Van groot belang voor vogels. Laat ik het zo zeggen: Als premier Balkenende een internationaal gezelschap op bezoek krijgt, dan moet hij deze mensen te eten geven. Maar wat als een aantal gedekte tafels is weggespoeld en het aantal diplomaten hetzelfde is gebleven? Dan sterven de diplomaten van de honger, en in dit geval zijn dat de vogels.”

Door ontpolderen wordt deze ramp voorkomen.

„Door het verbreden van de zeearm zullen er weer nieuwe luwtes ontstaan, met nieuwe wadplaten, zodat vogels weer voedsel hebben. Deze luwtes zullen ook bij de Hedwigepolder ontstaan.”

Gaat u de juridische procedure bij de Raad van State tegen de verdieping van de Westerschelde nu intrekken?

„Dat hangt er vanaf. Het ontpolderen van driehonderd hectare in de Hedwigepolder en een deel van Het Zwin is nog maar de helft van de maatregelen die in het verdrag met Vlaanderen zijn afgesproken. Daarin is ook vastgelegd dat er nog driehonderd hectare in het middengebied aan natuurherstel moet worden gedaan. Wij denken dat daar wellicht ook een deel moet worden ontpolderd. Maar de inrichting daarvan verloopt zeer traag en moeizaam. Rijk en provincie zouden moeten samenwerken om dat voor elkaar te krijgen. Bovendien moeten ze ervoor zorgen dat de Hedwigepolder ook daadwerkelijk wordt ontpolderd. Ook dat kan lang duren door juridische procedures van tegenstanders.”

Nederland heeft Vlaanderen beloofd dat voor 2010 met baggeren zal worden begonnen. Lukt dat nog?

„Er is een theoretische kans dat dat lukt. Dan zullen alle betrokken samen moeten werken, dan zullen overheden ruggengraat moeten tonen en emoties in de regio moeten managen, en ons garanderen dat het natuurherstel werkelijk begint. In dat geval zouden wij de procedure bij de Raad van State begin december kunnen intrekken. En dan zou er geen uitspraak van de rechter eind januari hoeven volgen en zou er voor 2010 gebaggerd kunnen worden. Maar ik moet het nog zien. Het heeft vier jaar geduurd voordat tot ontpoldering is besloten. Waarom zou al dat andere nu in een paar weken tijd kunnen lukken? Het is moeilijk voorstelbaar.”