Tunneltje

Op het Amsterdamse Museumplein rust een vloek. Gemiddeld één keer per jaar krijgt een autoriteit van de gemeente of iemand uit de kunstwereld een onweerstaanbaar idee. Zo moest indertijd ter wille van de herinrichting en de uitbreiding van het Stedelijk het Lindenlaantje worden omgehakt. Daar is nu een filiaal van Albert Heijn gevestigd. Toen zouden de helft van het Rijksmuseum en het Stedelijk verhuizen naar de Zuidas waar een onweerstaanbare icoon zou ontstaan die honderdduizenden kunstliefhebbers uit de hele wereld zou trekken. De icoon is vergeten.

Er is ook nog een vooruitstrevende architect geweest, ik weet niet meer wie, die het Rijks voor de helft wilde afbreken. Daarna kwam er iemand die het plein radicaal wilde opkalefateren door aan de oostzijde hoogwaardige horeca en chique winkels neer te zetten. Een halve kilometer verder, op het Leidseplein, wordt de toerist al door alle mogelijke horeca overweldigd en veel geld uitgeven doe je in de PC Hooftstraat. Wat zou er dan met die mooie negentiende-eeuwse stadsvilla’s gebeuren? Tegen de grond waarschijnlijk.

Voor een stadshistoricus zou het de moeite waard zijn, een recente geschiedenis van het Museumplein te schrijven. Probeersels, vergeten plannen, vertragingen, uitstel, mislukkingen.

Onvermijdelijk is nu weer een nieuwe ruzie opgelaaid. Het Rijksmuseum is het enige museum ter wereld met een tunneltje. Voor de fietsers en voetgangers. Toen de grote verbouwing begon is over deze verbinding tussen het Centrum en Zuid al meteen onmetelijk geouwehoerd. Eindelijk leek het pleit beslecht: het tunneltje zou blijven. Maar nu blijkt dat voor een aantal prominenten toch weer een ondraaglijk idee te zijn. Ze hebben zich tegen de fietstunnel gekeerd. Ze zijn bang dat als de fietsers er weer doorheen mogen rauzen, tienduizenden buitenlandse kunstliefhebbers tegen de grond worden gereden. Ze voorzien dat ‘het daar een bende wordt’. Ze willen dat het plan van de Spaanse architecten Cruz y Ortiz alsnog wordt uitgevoerd.

Natuurlijk hebben deze prominenten weerwerk gekregen. Al vrijwel meteen circuleerde er een contralijst met de namen van andere bekende Amsterdammers die vastberaden aan het tunneltje vasthouden. Ik ben het met deze dames en heren eens. Daarvoor heb ik mijn verkeerstechnische, artistieke en historische argumenten. Meer dan ooit hebben de fietsers een verbinding tussen het Centrum en Zuid nodig. De Ferdinand Bolstraat en de Vijzelgracht blijven door de metrobouw nog jaren afgesloten, de Utrechtsestraat is nu wegens vernieuwing ook een jaar dicht. Onder deze omstandigheden zal het tunneltje meer dan ooit de functie van een navelstreng krijgen. En wie heeft er ooit van gehoord dat de fietsers er ‘een bende’ van maken? Fietsend bereikt de Nederlander zijn vreedzaamste gedaante.

Artistiek gezien heeft het fietsende spitsuur de kunstschatten in het museum nooit kwaad gedaan. Het is niet uitgesloten dat Japanse en Amerikaanse toeristen thuis opgetogen zullen vertellen dat je ook onder de Nachtwacht door kunt fietsen.

En dan nog iets: het tunneltje heeft een prachtige akoestiek. Destijds speelden er twee hoornblazers uit Buiten-Mongolië. Daarna nog een paar violisten uit Rusland. En ten slotte: zolang het Rijksmuseum daar staat heeft het zijn tunneltje gehad. Het hoort erbij, het heeft niemand ooit kwaad gedaan. Het tunneltje moet blijven!