Josefine is 'gewoon bang' om tegen mensenhandelaars te getuigen

Nigeriaanse Josefine zou in Europa veel geld gaan verdienen voor haar arme familie. Ze werd de prostitutie in gedwongen, verklaarde ze gisteren voor de rechtbank.

De Nigeriaanse Josefine heeft gisteren voor de rechtbank in Zwolle een belastende verklaring afgelegd tegen Solomon O., een van de twee hoofdverdachten in een proces tegen een Nigeriaanse mensenhandelbende. De rechtbank stelde haar in staat om te getuigen zonder dat de hoofdverdachten daarbij aanwezig waren, ondanks protesten van hun advocaten.

„Ik ben gewoon bang”, zei de 20-jarige vrouw, die een van de zeker 140 slachtoffers zou zijn van de bende. „Ik wil niet dat ze mijn gezicht zien. Ze hebben overal connecties.”

Hoe bang ze was, bleek tegen het einde van de zitting. Door een misverstand ontstond even de indruk dat ze toch met de verdachten zou worden geconfronteerd. Ze raakte in paniek, barstte in tranen uit en bleef herhalen: „Nooit, nooit, nooit. Ik wil het niet.”

Daarvoor had ze verklaard dat haar familie in Nigeria twee jaar na het oprollen van de bende nog steeds wordt bedreigd met represailles, omdat zij de politie over de bende heeft verteld. Haar familie zou al drie keer naar een andere verblijfplaats zijn gevlucht.

Witte muiltjes, gele broek, beige jasje, krap 1,60 meter, volle wangen, schichtige blik. Zo verscheen Josefine gisteren voor de rechtbank op de derde zittingsdag van het proces dat een half jaar heeft stilgelegen voor nader onderzoek. Tien mannen en één vrouw worden verdacht van mensenhandel. Tussen 1 januari 2006 en 24 oktober 2007 zouden ze tientallen Nigeriaanse vrouwen onder valse voorwendselen naar Nederland hebben gelokt. Ze zouden misbruik hebben gemaakt van de Nederlandse asielprocedure om minderjarige meisjes Europa binnen te sluizen. Ze zouden de meisjes van Nederland naar Zuid-Europa hebben getransporteerd om hen daar te werk te stellen als prostituee.

Bij een grote internationale politieoperatie werd de bende twee jaar geleden opgerold. Tientallen verdachten in Italië en Nigeria wachten nog op een proces.

Het verhaal dat Josefine gisteren vertelde, illustreert de werkwijze. Op de Nigeriaanse markt waar het destijds 17-jarige meisje werkte, werd ze door de welvarende madam Queen benaderd. Of ze in Europa wilde werken? Daar kon ze veel geld verdienen voor haar armlastige familie. Over prostitutie werd met geen woord gerept.

Josefine moest zich wel eerst onderwerpen aan een voodooritueel. Ze mocht niemand vertellen over de mensen die haar naar Europa hielpen. Anders zou ze sterven door bovennatuurlijke krachten. Of ze zou waanzinnig worden. Aan het eind van het ritueel kregen ze te horen dat ze 60.000 euro in het krijt stond bij madam Queen.

Andere leden van de bende hielpen haar aan een vliegticket en reisdocumenten. Ook kreeg ze instructies hoe ze op Schiphol asiel kon aanvragen. Ze moest zeggen dat haar beide ouders waren gedood door sektarisch geweld.

Eenmaal in een opvangcentrum in Zuidlaren werd ze samen met drie andere meisjes opgepikt door een tussenpersoon die haar in contact bracht met ene Solomon. Het was die Solomon die hen op de bus naar Italië zette.

„Ik had geen keuze”, zei Josefine gisteren. „De mensen die ons naar Europa hadden gehaald, wilden dat we naar Italië zouden gaan.”

Pas in Italië kwam ze erachter hoe ze haar schuld moest afbetalen. Madam Queen vertelde haar telefonisch dat ze moest werken als straatprostituee. Later werd ze verhandeld naar Spanje, waar ze hetzelfde werk moest doen. Als ze weigerde, zou haar familie worden vermoord.

Na het oprollen van de bende was Josefine teruggebracht naar Nederland. Daar had ze tegenover de politie een verklaring afgelegd. Op een foto had ze hoofdverdachte Solomon O. aangewezen als de man die haar op transport naar Italië had gezet. Geconfronteerd met dezelfde foto bleef ze gisteren tijdens de zitting lange tijd stil. De voorzitter van de rechtbank vroeg of ze het moeilijk vond daarover een verklaring af te leggen. „Ja”, fluisterde Josefine. „Is dit Solomon?”, vroeg de rechter. „Ik ben bang”, zei Josefine. Ze begon te huilen. „Ik wil eigenlijk niks meer zeggen. Ik ben heel bang.” Later zei ze opeens toch: „Ik heb Solomon zeker herkend.”

De raadslieden van de hoofdverdachten trokken de verklaring van Josefine in twijfel.

Achtergronden op nrc.nl/mensenhandel