Hij heeft de regie in handen

De Kamer debatteerde gisteren over de begroting van het Koningshuis.

Balkenende was geagiteerd. „Weet u eigenlijk wel waar u het over hebt?”

Het leek gisteren even of premier Balkenende zijn Algemene Politieke Beschouwingen over wilde doen – de debatten vlak na Prinsjesdag waar de minister-president niet in vorm was. Terwijl de Tweede Kamer gisteren veel vragen stelde over de rol van de Koning in de constitutionele monarchie, de omstreden vastgoedinvesteringen van de kroonprins in Mozambique en de vergoedingen aan leden van het Koninklijk Huis, nam premier Balkenende uitgebreid de tijd voor vergezichten, voordat hij aan beantwoording van de belangrijkste vragen toe kwam.

Hij was daarna bij vlagen fel en geagiteerd. Tegen Boris van der Ham (D66): „Weet u eigenlijk wel waar u het over hebt?”, tegen SP’er Ronald van Raak: „Ik heb grote moeite met de manier waarop u dit debat voert.”

De afgelopen weken waren er veel kritische geluiden over de Oranjes en vooral over de vakantievilla die prins Willem-Alexander en prinses Máxima laten bouwen op het Mozambikaanse schiereiland Machangulo. Hun villa is onderdeel van een groter resort. De lokale bevolking moet van het project profiteren, door werkgelegenheid en de aanleg van een school en een ziekenhuis. Maar RTL Nieuws suggereerde dat er sprake zou zijn van ‘landjepik’ door de projectontwikkelaar.

Balkenende had gisteren de schone taak om het Koninklijk Huis en de reeks incidenten van de laatste week te verdedigen. De Koning is immers onschendbaar, de minister is verantwoordelijk.

Partijen als SP, PVV en D66 pleitten ervoor dat de rol van het Koninklijk Huis beperkt wordt tot een ceremoniële. Hare Majesteit is nu betrokken bij de formatie van kabinetten, spreekt wekelijks met de premier en is voorzitter van de Raad van State.

De manier waarop de koningin in het politieke proces betrokken is, maar de minister verantwoordelijk, vinden zij niet van deze tijd en bovendien ondemocratisch. Maar Balkenende wilde de discussie hierover niet aangaan. Volgens de premier is het Koninklijk Huis heel belangrijk als symbool voor de eenheid van de Kroon, als symbool van stabiliteit en identiteit. Hij sprak van „een bewezen meerwaarde voor ons staatsbestel”, zonder dit verder te motiveren. Bij de formatie zou de rol van het staatshoofd zich volgens Balkenende beperken tot „een procesrol”.

„Maar”, wierp SP-Kamerlid Ronald van Raak tegen „de voordelen die u noemt zijn toch juist van ceremoniële aard?”

Nee, zei de premier. Hij zei juist blij te zijn om de inhoudelijke invulling van leden van het Koninklijk Huis. Zoals de invloed van de kroonprins op het watermanagement, of de rol die prinses Máxima speelt bij de bevordering van microfinanciering. „Een beperking van een rol tot een ceremoniële is een verschraling, een verarming, daar zal ik me altijd tegen verzetten.”

Maar Boris van der Ham zag in die uitspraak juist het bewijs dat leden van het Koninklijk Huis inhoudelijk actief kunnen zijn zonder daarvoor een politieke positie te bekleden.

PVV’er Hero Brinkman vroeg zich af wat er gebeurt als de toekomstige koning inhoudelijk minder sterk zou zijn. „Een hele vreemde vraag, een bedenkelijke vorm van discussiëren”, zei de premier tegen Brinkman. „U komt met een vraag over een persoon, terwijl je dit los moet zien van het individu. Dat gaat tegen het wezen van onze constitutionele monarchie in.”

Volgens Balkenende had de prins hem „tijdig” over de vakantievilla in Mozambique geïnformeerd, en alle beslissingen waren „in goed overleg” genomen.

Hij verzette zich tegen het beeld van een premier die de regie niet heeft als het om het Koninklijk Huis gaat. Een premier die „te laat, te laat en te laat” (Van der Ham, D66) in actie komt. Regie vindt plaats achter de schermen, zei Balkenende. Ook bij de vakantievilla in Mozambique. De premier was zich er vanaf het begin bewust van geweest „dat het om een kwetsbaar project ging, waar vragen bij te stellen zijn”. Hij noemde als voorbeeld dat zich investeerders van twijfelachtig allooi in het project zouden kunnen voegen. Daarom, zei hij, was besloten de belangen van de prins in een stichting onder te brengen. Hij had verder onderzoek laten doen naar de beveiliging, de kosten daarvan (volgens de minister van Justitie zijn die ‘verantwoord’), de juridische structuur van het project, en de vraag of (gezondheids)zorg voor het gezin beschikbaar is.

Formeel kunnen de prins en de prinses nog uit het project stappen, zei de premier. Maar dat willen ze niet, bleek uit een verklaring die hij namens hen voorlas. Daarin zeiden zij te beseffen dat het „ongelukkig” is dat na hun besluit tot de bouw van een vakantievilla een economische crisis is ontstaan. En de prins en de prinses zouden ook begrijpen dat het project vragen kan oproepen. Maar ze geloven er nog steeds in, zei Balkenende. En ook hijzelf vindt de risico’s over de gehele linie genomen aanvaardbaar.

Moeilijk werd het voor Balkenende vooral toen de stichting werd besproken die de belangen van de prins beheert. Waar eindigt nu precies de ministeriële verantwoordelijkheid, wilde de Kamer weten. Liesbeth Spies van het CDA, met oranje jasje, concludeerde: „U heeft dus geen verantwoordelijkheid voor de besluiten die de stichting neemt, maar u zult daar in de Kamer wel op aangesproken worden.”