EU moet van de drank af

Hogere prijzen voor alcohol helpen tegen drankmisbruik, weten ze in Zweden.

Moet straks ook de rest van Europa eraan geloven?

Na het rookverbod van vorig jaar dreigt nu een ander genotsartikel in Nederland aan banden te worden gelegd: alcohol. Dat beweert althans de Europese koepelorganisatie van bierbrouwers Brewers of Europe. Volgens hen wil de Zweedse regering, tot eind dit jaar voorzitter van de EU, andere lidstaten een prijsverhoging van alcoholhoudende dranken aanpraten. Ook zouden de Zweden reclamemogelijkheden voor alcohol willen beperken. Dat alles om de volksgezondheid te beschermen.

Een onzalig plan, vinden alcoholproducenten: ten eerste is alleen al de bierindustrie in Europa goed voor 2,5 miljoen banen en jaarlijks 57 miljard euro aan overheidsinkomsten via accijnzen. Vermindering daarvan zou de lidstaten schaden. Bovendien leidt de prijsverhoging niet tot minder alcoholconsumptie, beweren ze. In Zweden, waar de meeste alcohol sinds 1955 alleen voor hoge prijzen in staatswinkels wordt verkocht, zou nu een uitgebreide ondergrondse industrie aan illegaal ingevoerde of zelfgestookte drank bestaan. De Zweedse regering spreekt dat tegen.

Hogere prijzen jagen gematigde drinkers volgens de producenten bovendien onnodig op kosten, terwijl alleen overmatig drinken een gevaar voor de volksgezondheid oplevert.

„Het is onzin dat wij de andere lidstaten onze wil op het gebied van alcoholbeleid willen opleggen”, vertelt Fredrik Moen, volksgezondheidsdeskundige bij de Zweedse Permanente Vertegenwoordiging bij de EU in Brussel. „Het enige wat wij doen is mogelijke maatregelen en wetenschappelijke kennis over de gevaren van alcohol verzamelen, die we beschikbaar stellen aan de lidstaten. Zij beslissen zelf wat ze ermee doen.” De nadruk op het effect van prijsverhogingen heeft wel een Zweeds tintje, erkent hij, „maar die ligt ook in de lijn van recent onderzoek”.

Directeur Wim van Dalen van kennisinstituut Stichting Alcoholpreventie (STAP) is het daarmee eens. „In wetenschappelijke kring is inmiddels onomstotelijk vastgesteld dat de beschikbaarheid van alcohol voor consumenten de belangrijkste factor is voor de mate van consumptie.” Met andere woorden: voorlichtingscampagnes over schadelijke gevolgen van alcohol helpen wellicht, maar hogere prijzen hebben de meeste invloed.

Uit recent onderzoek van de Universiteit van Sheffield blijkt dat een minimumprijs voor alcohol of een algemene prijsverhoging tot minder criminaliteit en arbeidsverzuim leidt. Het Centraal Planbureau berekende in 2006 al dat de negatieve gevolgen van alcoholgebruik EU-lidstaten vier keer zoveel kosten (bijvoorbeeld aan politie en gezondheidszorg) als het ze oplevert aan accijnzen. Van Dalen: „Dat bleek ook al uit rapporten die in opdracht van de Europese Commissie zijn opgesteld. Dus het enige wat Zweden doet is lidstaten aansporen al dat onderzoek ter harte te nemen.”

Toch zijn er in Nederland geen plannen om een prijsverhoging door te voeren, laat een woordvoerder van minister Klink (Volksgezondheid, CDA) weten. „Mensen die aan goedkope alcohol willen komen, weten dat toch wel te regelen.”

Rob Bovens, coördinator alcoholpreventie bij kennisinstituut Trimbos, kan zich die houding wel voorstellen. „Het is het verkeerde moment. Dit najaar wordt als sluitstuk van een lang en moeizaam proces de nieuwe Drank- en Horecawet in de Tweede Kamer behandeld.”

Het heeft volgens hem ook te maken met een cultuur van compromissen in de wetgeving. „Als er een wet veranderd moet worden op dit gebied zijn daar al snel tien departementen bij betrokken die tegenstrijdige belangen hebben: het departement van Cultuur wil dan bijvoorbeeld niet te veel reclame-inkomsten kwijtraken, het departement van Onderwijs wil dat de jeugd wordt beschermd.”

Een onderdeel van de herziene Drankwet is dat de naleving ervan niet meer door de Voedsel- en Warenauthoriteit gebeurt, maar door de gemeenten. Volgens Van Dalen van STAP geeft dat „burgemeesters die helemaal genoeg hebben” van excessen met dronken jongeren en zuipketen de mogelijkheid om invloed uit te oefenen op de alcoholverkoop, ook op de prijsstelling: happy hours kunnen bijvoorbeeld worden verboden.

Op 1 december overleggen alle EU-ministers van Volksgezondheid in Brussel over het gezamenlijke alcoholbeleid. Van Dalen: „Daar zullen geen harde accijnsafspraken uit volgen, daarvoor denken de landen te verschillend: in Duitsland is de bierlobby erg sterk en in Zuid-Europese landen ziet men wijn als een normaal landbouwproduct.”

Toch is er volgens hem in veel landen een subtiele verschuiving te zien van een ‘vriendelijke’ strategie van alcoholvoorlichting, naar een fermere aanpak. „In Schotland bijvoorbeeld, waar alcoholmisbruik een groot probleem is, gaan ze een wettelijke minimumprijs voor drank invoeren. Dat is waarschijnlijk in strijd met de vrije handel in Europa, maar dat nemen ze voor lief. Ze wachten gewoon tot ze voor het Europese Hof worden gedaagd. Dan zien ze wel verder.”