Eis: werkstraf voor waterpolozusjes

Knijpen, schoppen en krabben mogen gewoon zijn bij waterpolo, een speelster zo lang onder water houden dat ze bijna stikt, dat gaat het Openbaar Ministerie in Almelo te ver. De officier van justitie eiste gisteren werkstraffen van 240 en 180 uur tegen de 22- en 17-jarige ‘waterpolozusjes’ R. uit Borne.

Zij stonden terecht voor een poging tot doodslag op een speelster uit Neede. Zij zouden haar vorig jaar tijdens een wedstrijd in Neede meerdere keren krachtig onder water hebben geduwd. De vrouw zou het gevoel hebben gehad dat ze doodging. Ze had een half uur nodig om weer bij te komen en kampt met een posttraumatische stressstoornis. Ze zegt paniekaanvallen en concentratieproblemen te hebben. Ze heeft een tijd niet kunnen werken.

Scheidsrechters, een bondsgedelegeerde, de aanvoerder van het team van de zusjes en andere spelers zagen hoe de zussen het slachtoffer op „een dood speelmoment” onder water duwden. Ze verklaarden „,zoiets nog nooit te hebben meegemaakt. Het was buiten proporties.” De zussen reageerden niet op het gefluit van de scheidsrechters.

Maria R. wilde „verhaal halen”, zo zei ze tijdens de rechtszitting, maar ze ontkende dat ze haar tegenstander onder water heeft gehouden. Het slachtoffer zou haar zus in haar buik hebben getrapt.

Het is een sport met „veel fysiek contact”: knijpen, trappen, schoppen en onder water duwen. „Dat moet je accepteren”, vindt de advocaat van de zussen, Erik Breuning ten Cate. „In de waterpolowereld leeft de opvatting dat het incident zwaar is overtrokken.”

Officier van justitie Carlo Dronkers vindt dat de rechter zich over dit „ernstige incident” moet uitspreken. „Als we alles naar het tuchtrecht verwijzen, dan zou het sportveld een vrijplaats kunnen worden voor het plegen van strafbare feiten”, meent hij.

De zussen zijn na het incident drie jaar geschorst. De rechtbank doet op 22 oktober uitspraak.