Slimmeriken op industrieterrein

Zelfstandige gymnasia zijn populair. Met de groei verandert de samenstelling van de leerlingenpopulatie. Op het jonge gymnasium in Almere wordt een nieuwe elite gekweekt.

Vijfdeklassers van het Baken Trinitas Gymnasium krijgen natuurkundeles. De school ligt op een industrieterrein bij Almere Muziekwijk. Foto Jørgen Krielen © Jorgen Krielen / Almere, 08-10-2009 / Baken Trinitas Gymnasium Krielen, Jorgen

Hoe begin je een gymnasium in een stad zonder elite? In Almere, de stad waar dertig jaar geleden nog amper een school stond, staat het oecumenisch gymnasium Baken Trinitas op een industrieterrein.

De school trekt 602 slimmeriken uit Almere. Volgend jaar begint de eerste examenklas in het moderne gebouw – terracotta en antracietgrijs van buiten en van binnen. Weids opgezet, omzoomd met bomen, een vierkante loods verderop. De leerlingen komen op de fiets uit heel Almere (187.000 inwoners), een enkeling uit de gemeenten verderop. Zeewolde, Lelystad, Diemen en zelfs Amsterdam. Misschien zijn dat er meer volgend jaar, want er is ruimte voor 800 leerlingen.

Klas G2b heeft Nederlands. De 24 kinderen zitten in drie rijen achter elkaar, één meisje in rolstoel zit vooraan, gesnuf van verkouden kinderen is het enige geluid dat klinkt. „Nog drie minuten”, meldt lerares Marlies Groen. „Ja, Jesper, wat is de kernzin in deze tekst?”

Er is landelijk grote behoefte aan zelfstandige gymnasia. „Als ik een school als deze had in Amsterdam, had ik niets hoeven doen om het te promoten”, zegt directeur Nic. Sterrenburg. Maar hij zit niet in Amsterdam, hij zit in Almere. Ook hier is er behoefte, „maar het gaat op een neer, als een jojo”.

Het is pionieren, dat zijn ze gewend. „Ik moet er er hard aan trekken”, zegt de jonge lerares natuurkunde Berdien Verboon, die 27 uur lesgeeft aan de derde, vierde en vijfde klassen. „Ik moet veel voorbereiden, nieuwe onderzoeksopstellingen maken. Er is niet eerder een vijfde leerjaar geweest.” Het is haar eerste baan, vorig jaar begon ze.

Directeur Sterrenburg wilde Verboon er graag bij hebben als docent, maar toen ze was aangenomen had ze geen huis. „Ik ben ermee naar de gemeente gegaan. ‘Moet ik haar soms op mijn zolder laten logeren?’, vroeg ik. Dat hielp. Ze kreeg een woning.”

Een zelfstandig gymnasium in Almere: het tekent de tijdgeest van de nieuwe stad. „We hebben hier het onderwijs herijkt”, zegt directeur Sterrenburg. Bij aanleg van de geplande stad moest ál het onderwijs nog heterogeen zijn. Het paste bij het jaren 70-ideaal om kinderen van ieder niveau – lbo, mavo, havo, atheneum, gymnasium – de eerste schooljaren samen te zetten. Er was geen andere keuze in Almere, zegt directeur Sterrenburg. De scholen hadden onderlinge afspraken. Wie anders wilde, moest ‘over de brug’. En daar gingen de vwo’ers, naar een school in het Gooi of Amsterdam.

Halverwege de jaren negentig sloeg het om. Er kwamen aparte havo/wvo-brugklassen, aparte vmbo-locaties. Dat was zo bij het Baken, maar ook bij andere scholen. Het plan voor een apart gymnasium kreeg Sterrenburg zo’n tien jaar geleden. De invulling van dat plan ging vlot. „Dat is iets Almeers; als je aangeeft iets te willen doen, dan komt iedereen eropaf.” Hij wil het woord hype niet gebruiken, maar snel gaat het wel. „Van tien á twintig gymnasiumleerlingen in 2000, sprong het naar 165 aanmeldingen in 2005.”

Een gebouw was ook snel gevonden. Met vooruitziende blik had Almere dit ‘overloopgebouw’ gepland, bedoeld voor een school die daar het snelst aanspraak op zou kunnen maken. Lange tijd leek dat de scholengemeenschap Helen Parkhurst, zegt Sterrenburg. Dat is een daltonschool, met een andere onderwijsvisie, die nog is terug te zien in de inrichting van het nieuwe gebouw. Sterrenburg: „Er was hier geen ruimte voor kapstokken. En leerlingen maken hun proefjes in het scheikundelokaal rond één grote gezamenlijke tafel. Klassikaal een les uitleggen is dan lastiger.”

Het aanvankelijke enthousiasme – de 165 aanmeldingen in 2005 – is de afgelopen vijf jaar op en neer gegaan. „Het kan snel omslaan in Almere. Nu hebben we maar honderd brugklassers, mede onder invloed van het succesvolle Arte College, dat veel aandacht besteedt aan kunst. Ze hebben daar nu zeven eerste klassen.”

Er is geen vanzelfsprekende gymnasiumcultuur in Almere, voegt Sterrenburg toe. „Het is nog altijd wennen. ‘Mijn dochter wil graag Latijns leren, kan dat hier’, dat is de strekking.”

Het Trinitas is een afsplitsing van de scholengemeenschap Baken Park Lyceum, formeel is het daar nog onderdeel van. Omdat het gymnasium in Almere zich als zelfstandig profileert, kon het zich aansluiten bij het Landelijk Steunpunt Zelfstandige Gymnasia, zegt directeur Ger Smit. „Dat was een uitzonderlijk traject.” Het is moeilijk om een zelfstandig gymnasium op te richten, zegt Smit. „Als er nieuwe initiatieven komen, dan zullen die lijken op hoe Almere het heeft gedaan.”