Meer controle op Europese justitie samenwerking door Iers ´ja´

telefoonaftapDit weekend zeiden de Ieren ‘ja’ tegen het Verdrag van Lissabon. De macht van de Raad van Europese ministers voor justitie en binnenlandse zaken neemt daardoor toe. Maar de controle ook.

In 2005 stelden de Europese ministers bijvoorbeeld de opslag van alle telefoon- en mailgegevens binnen de EU verplicht. Maar verplichte opslag van telefoon- en mailverkeer is in Zweden nog steeds niet bij wet geregeld. Hoewel de meeste Europese lidstaten, waaronder Nederland die Europese bewaarplicht al in eigen wetgeving geïntegreerd heeft, houdt Zweden de boot nog af. Terwijl Zweden in 2005 een van de initiatiefnemers was van dat kaderbesluit dataretentie.

De  wetsgeschiedenis van dat kaderbesluit  is exemplarisch voor besluitvorming in de JBZ-raad, het Europees overlegplatform van ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken. Deze raad komt gemiddeld tien keer per jaar bijeen, in Brussel, Luxemburg of het land dat EU-voorzitter is.

Groot-Brittannië, Zweden, Ierland en Frankrijk drongen in 2005 tijdens zo’n JBZ-raad in Newcastle, nog voor de bomaanslagen in Londen aan op die massale opslag van telefoon- en mailverkeer. Andere landen, waaronder Nederland, zagen er destijds het nut nog niet zo in. Maar vlak na de aanslagen in Londen, in datzelfde jaar, gingen de ministers alsnog akkoord. Ook toenmalig minister Donner (Justitie, CDA) gaf groen licht. Ondanks breed  verzet in de Tweede Kamer. Groot-Brittannië had na die aanslagen rugdekking nodig, zo was zijn argumentatie.

Besluitvorming in de JBZ-raad is een voor de buitenwereld nauwelijks te controleren proces van veelal vertrouwelijke dossiers en vergaderingen. Omdat de ministers over elk kaderbesluit het unaniem eens moeten zijn, gaan daar complexe ambtelijke onderhandelingen aan vooraf. Het gaat vaak om besluitvorming die de privacy en de rechtsbescherming van burgers direct raakt. Dataretentie, maar ook het Europees Arrestatiebevel, grensoverschrijdende politie- en opsporingssamenwerking, zoals geregeld in het Verdrag van Prüm of maatregelen tegen cybercrime. De autonomie van de ministers in de JBZ-raad is groot, de invloed van het Europees Parlement of de Europese Commissie en de EC-commissaris van Justitie, de Fransman Jacques Barrot, is meestal gering.

Het Nederlandse parlement (Eerste en Tweede Kamer) heeft invloed op haar eigen ministers in JBZ-verband. Dat is geregeld in het Verdrag van Nice, toen Nederland en een aantal andere lidstaten instemmingsrecht voor hun parlementen bedongen. In de praktijk informeren  de verantwoordelijke ministers vlak voor zo’n JBZ-ontmoeting het parlement en leggen achteraf verantwoording over hun stemgedrag. Op de ambtelijke voorbereiding van kaderbesluiten, laat staan het lobbywerk in Brussel, heeft het parlement nauwelijks invloed.

Het verdrag van Lissabon brengt daar volgend jaar verandering in. Besluitvorming in JBZ-verband wordt beter controleerbaar omdat het Europese parlement  straks meepraat over de  genomen besluiten. Nationale parlementen moeten actiever geïnformeerd worden over wetsvoorstellen die de nationale autonomie kunnen raken. Bovendien hoeven de JBZ-ministers straks niet meer unaniem te besluiten, maar bij meerderheid.

Het Nederlandse parlement heeft daar vorig jaar, bij de behandeling van het Europees Verdrag nog een extra zekerheid voor ingebouwd. Het kabinet heeft instemming van beide Kamers nodig voor Europese besluitvorming over het paspoortbeleid, verblijfsvergunningen, familierecht en grensoverschrijdend politieoptreden op andermans grondgebied. Lees hier een deskundigen advies daarover. Volgend jaar moet blijken of die JBZ-vergaderingen inderdaad inzichtelijker voor de buitenwereld zijn geworden. Zweden, op dit moment EU-voorzitter, treft daar voorbereidingen voor, aldus een woordvoerder.Maar of in Zweden dan ook de verplichte opslag van telefoon- en mailverkeer uit 2005 geregeld is….

Op dit weblog zal regelmatig verslag worden gedaan van Europese justitie samenwerking in de JBZ-raad. Zie ook deze link. Lees ook het Europablog op deze site.

Zie ook op deze site het dossier over privacy.

Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding