Ik bén niet boos!

O,de inspiratie die Boer zoekt vrouw genereert! Zou je een heel taalboek kunnen schrijven dat uitsluitend gebaseerd is op Boer zoekt vrouw? Waarschijnlijk wel – met een heel lang hoofdstuk over dialecten.

Afgelopen zondag vooral gefascineerd geraakt door een van de moeders, die zogenaamd ontspannen was over het feit dat er ineens drie wildvreemde vrouwen over haar erf zouden lopen.

Ze zei (in het Brabants): „Ik wacht het gewoon af!” En daarna, om te benadrukken dat ze echt heel relaxed was: „Ik laat het gewoon over me heenkomen!!!”

Fijn is dat. Mensen die denken dat woorden uitspreken genoeg is; dat daar geen bijbehorende gezichtsuitdrukking en lichaamshouding bij hoort. Iemand die, rood aanlopend, roept: „Ik bén niet boos! Ik ben alleen maar héél gelúkkig dat we eindelijk een keer met de hele familie samen zijn en dat wilde ik graag zo houden!”

Je ziet het ook weleens in een sauna. Iemand die de ogen stevig dichtknijpt en zegt: „Hèhè. Dít had ik nodig. Éven alles van me af laten glijden. Lekker even helemaal niks. Héérlijk. Mmm.”

Terwijl diegene in plaats van te zeggen hoe ontspannen het allemaal voelt, ook daadwerkelijk had kunnen gaan ontspannen.

Ik heb iemand uit de toneelwereld weleens horen beweren: „Het gaat niet om wat een personage zegt, het gaat om wat hij niet zegt.” En dat geldt voor het echte leven eigenlijk ook wel. Taal wordt bijzonder vaak ingezet om iets te verdoezelen dat gênant, vies, gemeen of laag-bij-de-gronds is.

Hoe zal het de moeder in Boer zoekt vrouw vergaan? Ik verwacht dat zij de rest van de serie, wat zeg ik, de rest van haar leven, rond zal lopen met een kloppende halsslagader. Tegen haar nieuwe schoondochter zal ze heel uitnodigend en warm uitroepen: „Je bent als de dochter die ik nooit gehad heb! Wacht ik zet nog een kop koffie!”

Op haar eigen begrafenis zal ze voor de laatste keer, vanuit de kist, roepen: „Zo had ik het gewild, inderdaad!”

Paulien Cornelisse