Doorbijten en nooit opgeven

Op het zwartste gymnasium van Nederland slagen alleen allochtone hoogvliegers.

Mirjam Bartelsman volgde een jaar lang zes leerlingen van het Erasmiaans.

Sara zit in de tweede klas van het Erasmiaans gymnasium in Rotterdam. Ze ging erheen omdat ze op het City College geen hoofddoek mocht dragen. En langzaamaan bevalt het: „Vorig jaar droegen we met zijn tweeën een hoofddoek. Nu zijn we al met zijn vijven.”

Totdat oud-leerling Ebru Umar haar schoolidylle verstoort.

Ik heb een Turkse achtergrond, vertelt de publiciste. „Ik ben opgevoed met het idee dat een hoofddoek achteruitgang betekent.”

Maar, probeert Sara nog, gelooft u niet dat iemand die een hoofddoek draagt tot de elite kan behoren?

„Nee”, klinkt het. „De elite draagt geen hoofddoek. Punt.”

Hulde aan de Sara’s die hun diploma halen op een zelfstandig gymnasium. Schipperend tussen twee culturen, thuis en op school, moeten ze meer overwinnen dan stamtijden alleen. Het is vechten, doorbijten, en nooit opgeven. Dat blijkt uit de documentaire De nieuwe elite die de NPS morgenavond uitzendt. Een schooljaar lang volgen journalist Mirjam Bartelsman en cameravrouw Meral Uslu zes allochtone scholieren van het Erasmiaans Gymnasium. Zij zitten met 20 procent niet-westerse leerlingen op „het zwartste gymnasium van Nederland”.

Nog voor de vertoning werd de documentaire voorpaginanieuws. Aangezwengeld door Bartelsman zelf. Ze maakte voor Nova een opwarmertje. Haar item over beurzen voor tien allochtone slimmeriken op het Haagse gymnasium Sorghvliet zette het toelatingsbeleid van zelfstandige gymnasia weer op de agenda. De VVD-fractie stelde Kamervragen. Is in Den Haag sprake van voorkruipbeleid?

Al dertig jaar groeit de belangstelling voor het zelfstandige gymnasium. Telde in 1970 een doorsnee gymnasium 300 leerlingen, nu zijn dat er meer dan 700. Steeds meer kinderen beschikken over de vereiste citoscore en het juiste schooladvies. En ook hoogopgeleide ouders vallen en bloc voor de categorale scholen die met hun hoge ambitieniveau en eenvormige leerlingenbevolking ‘aandacht voor talent’ verkiezen boven ‘de terreur van de middelmaat’.

Maar de scholen kunnen de stormloop niet aan. Ze zitten te krap in hun lokalen en leraren. Daarom voeren ze elk hun eigen ‘deurbeleid’. Ze selecteren aan de poort. Er zijn gymnasia die alleen leerlingen met de allerhoogste citoscores toelaten. Sommige geven broertjes en zusjes voorrang. Zelfstandige gymnasia in Amsterdam, Den Haag, Den Bosch, Haarlem en Utrecht verloten plekken. En er zijn scholen die wel uitbreiden. In Amsterdam en Almere zijn nieuwe gymnasia opgericht. En Leiden bouwt bij. Daar wordt het Stedelijk Gymnasium met 1.531 leerlingen in januari in tweeën gesplitst. De ene helft van de leerlingen en de leraren vertrekt naar de nieuwbouw, de andere helft blijft schoolgaan in het oude gebouw.

Het gevecht voor de poorten van de gymnasia doet allochtone leerlingen geen goed. We zijn witte bastions, beaamt Ger Smit, directeur van het landelijk steunpunt voor zelfstandige gymnasia. Precieze cijfers houdt zijn club niet bij omdat een definitie ontbreekt maar vast staat dat er op zelfstandige gymnasia „te weinig allochtonen” zitten. En als ze er al een plek vinden, haken ze vaker af. Dat is volgens Smit meer een sociale kwestie dan een zwart-wit probleem. „Ik noem dat een gebrek aan fijne taalmotoriek. Deze kinderen beheersen de Nederlandse taal onvoldoende om er mee te kunnen spelen, in vertalingen. Zoals dat geldt voor alle kinderen waar thuis niet wordt gelezen.”

De vraag rijst of er niet meer zelfstandige gymnasia naar voorbeeld van het Sorghvliet plekken moeten reserveren voor allochtone hoogvliegers. Het steunpunt werd het daar niet over eens. En ook jaarleider Pieter Dupon van het Erasmiaans gymnasium vindt dat geen goed idee. „Je moet van allochtone leerlingen geen bedreigde diersoort maken.”

Leerlingen toelaten vindt Dupon „een kwestie van maatwerk”. Intakegesprekken zijn cruciaal, ervaart hij. De vraag is niet alleen: kunnen ze het ook, maar willen ze het ook aan kunnen? Steunen de ouders hun kind? En hoe zit het met vriendjes? „’t Is niet niks als je vanuit Spangen drie hoog achter opeens in een blanke omgeving komt en nerd wordt.” Nee, dan begint het pas. Als Appie, Mo en Ebru binnen zijn, moet de school ook extra moeite doen hen binnen te houden. Met individuele begeleiding en met extra lessen taal, spelling en rekenen.

De documentaire De nieuwe elite laat zien dat het Erasmiaans zijn stinkende best doet, net als de leerlingen. De makers zijn wars van opsmuk en mooifilmerij. Dat ze daarbij nogal fragmentarisch te werk gaan is jammer. Lang niet alle hoofdpersonen gaven toestemming thuis te filmen. De camera zat in de weg. Dat zorgt ervoor dat de film meer reportage werd dan documentaire en soms aan de oppervlakte blijft hangen.

Een boeiende reportage werd het wel. De Turkse Yasemin vergeet je niet meer. Ze koos voor het Erasmiaans omdat haar vader dat wilde. Maar voordat het schooljaar begint, overlijdt hij. Yasemin meldt zich vaak ziek.

Halverwege het schooljaar blijft haar bankje leeg. Het huis zit potdicht, vertelt haar oude basisschooljuf. Ze zijn vertrokken, Yasemin en haar Turkssprekende moeder. Met onbekende bestemming.

Bartelsman en Uslu moeten maar snel afreizen naar Turkije. Yasemin zoeken.

Holland Doc: De nieuwe elite, morgenavond, Nederland 2, 22.50-23.55 uur.