Vergeet Nieuwpoort, leer over calorieën

Waarom zou je kinderen leren dat 754 staat voor de moord op Bonifatius, vraagt Jan Paul Schutten zich af. Leer hen liever dat 754 staat voor de calorieën van een burger met friet.

Vergeet Nieuwpoort, leer over calorieën. Illustraties Bas van der Schot Schot, Bas van der

Gezondheid is ons grootste goed, maar in het onderwijs lijkt dat anders te liggen. Op alle scholen leer je in welk jaar Bonifatius werd vermoord. Maar hoe vaak komt die kennis van pas? Beduidend minder kinderen zullen leren hoeveel calorieën er in een glaasje sinaasappelsap zitten of hoeveel vitamine C er precies in een appel zit.

De Amerikaanse voedingsdeskundige Brian Wansink heeft berekend dat de gemiddelde Amerikaan dagelijks zo’n tweehonderd eetgerelateerde beslissingen neemt. Al zou dat voor Nederlanders de helft zijn, dan blijft het een enorm aantal. Wat zou het bij die beslissingen helpen als we precies wisten waar gezonde of juist ongezonde vetten in zitten. Als we wisten in welke producten welke vitamines zitten. Of als we konden inschatten hoeveel calorieën we met een maaltijd binnenkrijgen en hoeveel we er met een bepaalde activiteit verbranden.

Bij een Brits onderzoek werd een groep van elfduizend voedingsbewuste mensen zeventien jaar lang gevolgd. Een van de conclusies was dat het sterftecijfer van deze groep (na een correctie voor rokers) 21 procent lager uitviel dan gemiddeld. Dat deze mensen niet alleen ouder worden, maar ook gezonder oud worden, ligt voor de hand. Kortom: gezond eten loont.

Er is dus een eenvoudige manier om op onze ziektekosten te bezuinigen: een half uurtje gestructureerd voedingsonderwijs per week moet voldoende zijn. Mits het begint in groep drie van de basisschool en doorgaat tot en met de hoogste klas van het voortgezet onderwijs, want voedselkunde kan (wiskundig) lastige materie zijn. Binnen een paar jaar zullen de eerste resultaten al merkbaar zijn. En op langere termijn wordt het effect pas echt spectaculair. Dankzij beter voedingsonderwijs zal de kans op hart- en vaatziekten en ziektes als kanker en diabetes mellitus enorm slinken.

Leidt meer kennis over gezond eten dan per definitie tot een verantwoordere levensstijl? Ja. Hoeveel ouders geven hun kinderen niet vruchtensap in plaats van frisdrank in de veronderstelling dat vruchtensap minder calorieën zou bevatten? In werkelijkheid bevat vruchtensap soms nog meer calorieën dan cola, terwijl de vitaminen nauwelijks een meerwaarde bieden. Hoeveel ouders geven hun kinderen minder groente en fruit dan goed voor ze is omdat de kinderen nu eenmaal ‘zulke moeilijke eters zijn?’ Nergens voor nodig.

In een experiment van de Cornell-universiteit, New York, deelden de onderzoekers grote bekers met gratis popcorn uit aan bezoekers van een film. Gedachtenloos aten de proefpersonen enorme hoeveelheden gepofte maiskorrels. Dat is op zich niet zo verwonderlijk, behalve als je weet dat de popcorn in kwestie liefst vijf dagen oud was en meer naar gebakken piepschuim smaakte dan naar mais. Kinderen en volwassenen eten gedachtenloos veel meer tijdens het kijken naar films of tv-programma’s dan ze zelf door hebben. Als ze op die manier al bereid zijn om een enorme beker ranzige popcorn op te eten, dan moet het ook lukken om ze verse bloemkoolroosjes of knapperige wortelsticks te laten eten met een gezond en lekker yoghurtdipsausje.

Wie weet hoeveel vitaminen of energie een product bevat, zal daar sneller rekening mee houden. Tijdens mijn lezingen op scholen laat ik kinderen een schijfje chips eten. Vervolgens rennen we net zo lang door de klas tot we al die calorieën verbrand hebben – en dat duurt even. Als je je bewust bent van de enorme hoeveelheid vet of koolhydraten in zo’n snack maak je al gauw een andere keus, of ga je meer bewegen om die extra calorieën weer kwijt te raken.

De meeste mensen weten bovendien bar weinig van voeding. Voor hoeveel mensen is een zielig plukje sla niet de enige bron van groente? Wie een paar blaadjes sla op een weegschaal legt, ontdekt dat je bijna een hele krop moet eten om aan de voorgeschreven twee ons te komen. Of hoeveel sporters belonen hun uurtje activiteit niet achteraf in de kantine, zonder te beseffen dat die paar snacks en drankjes meer calorieën bevatten dan ze zojuist hebben verbrand?

Het kan nog erger. Dierentuinen krijgen regelmatig brieven van boze bezoekers die gezien hebben dat de slang een muis of rat te eten kreeg. ‘Had het dier niet gewoon worst kunnen krijgen?’ Ze hebben geen idee dat er voor die worst ook dieren moesten sterven.

Het aantal kinderen met overgewicht stijgt nog steeds. Bovendien zijn die kinderen zwaarder op steeds jongere leeftijd. En te zware kinderen worden meestal te zware volwassenen. Hoe eerder er maatregelen worden genomen, hoe beter. Minister Verburg (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, CDA) gaf in 2008 al een goed voorbeeld door acht miljoen euro extra ter beschikking te stellen voor voedingonderwijs. Maar wie leerkrachten vraagt of ze daar zelf iets van merken in de dagelijkse praktijk, ontdekt dat er tot nu toe meestal weinig verbeterd is. Vaak komt dat overigens door die leerkrachten zelf, die andere prioriteiten stellen.

Het is nu aan het ministerie van Onderwijs om hier verbetering in aan te brengen. Er zijn al diverse uitstekende lesmethoden voor het basis- en voortgezet onderwijs over gezonde voeding.

Het wordt tijd dat we bij het getal 754 eerder denken aan het aantal calorieën van een hamburger met friet, dan aan de moord op Bonifatius.

Jan Paul Schutten schrijft dit jaar het Kinderboekenweekgeschenk, getiteld de Wraak van het spruitje. Thema van de week is ‘Aan tafel! – eten en snoepen in kinderboeken.’ Vorig jaar won Schutten de Gouden Griffel, met het boek Kinderen van Amsterdam.

Meer over de Kinderboekenweek op Kunst: pagina 11