IMF-junkie Turkije wil geen geld lenen

Turkije, deze week gastheer van de jaarvergadering van het IMF en de Wereldbank, wil geen geld meer aannemen.

De trots van de premier schijnt een hindernis te zijn.

Er is het verhaal van de burgemeestersstoel van een dorp in de provincie Yozgat, die door de bank moest worden teruggevorderd. Of van de bus die halverwege zijn trip langs de zuidwestkust bij Fetiye tot stilstand werd gebracht: alle passagiers moesten uitstappen en de bus ging naar het veilinghuis.

Of van de dorpen Kislacik en Boyali, waar maar liefst 29 mannen en vrouwen hun nieren verkochten wegens torenhoge schulden op hun creditcards en een tractor die niet kon worden afbetaald.

Behalve dit soort kleine berichten in de krant, zijn er ook harde cijfers die de klappen beschrijven van Turkije, deze week de gastheer van de jaarvergadering van IMF en Wereldbank. Met een krimp van 14 procent in het eerste kwartaal was Turkije na IJsland het zwaarst getroffen land van Europa. Maar premier Recep Tayyip Erdogan houdt vol: Turkije heeft geen hulp nodig, we doorstaan de storm op eigen kracht.

Geen land ter wereld leende in de afgelopen tien jaar zo veel en zo gewillig van het Internationaal Monetair Fonds. Meer dan 40 miljard dollar pompte het IMF in het land sinds de crisis van 2001, toen de lira 50 procent van zijn waarde verloor en in de paniek banken dreigden om te vallen. Dankzij dat geld en de economische hervormingen die Turkije moest doorvoeren, werd het land met een gemiddelde jaarlijkse groei van 7 procent een hoogvlieger in Europa en bleken de banken in 2008 immuun voor de kredietcrisis. In de jaren voor die crisis was Turkije een van de weinige economieën die het IMF nog bestaansrecht gaf, in een tijd dat het de wereldeconomie zo voorspoedig ging dat veel ontwikkelingslanden hun neus konden ophalen voor hulp.

Dat uitgerekend IMF-junkie Turkije nu weigert ja te zeggen tegen een nieuwe lening, noemen kenners die de jaarvergadering bijwonen riskant. „Vanwege het succes van de afgelopen jaren zou ik me in normale omstandigheden niet zo’n zorgen maken, maar dit zijn geen normale omstandigheden”, waarschuwt Martin Wolf, de invloedrijke econoom van de Britse zakenkrant Financial Times. „Omdat de Turken relatief weinig sparen, blijft het land enorm afhankelijk van buitenlands kapitaal. Zonder deal met het IMF is Turkije ongeloofwaardig voor andere geldschieters. Ik denk niet dat nationale trots zo’n deal in de weg zou moeten staan.”

Maar dat doet het wel. De trots van de premier zelf is de voornaamste hindernis, wordt gefluisterd. Het is publiek geheim dat de ministers van Financiën en Economie voorstander zijn van een IMF-deal. Zij houden de markt voor dat er een lening aan zit te komen van 13 miljard voor een periode van 18 maanden. Die lening zou mogelijk zelfs deze maand nog afgesloten worden. Maar premier Erdogan voelt er niets voor een handtekening te zetten onder de voorwaarden van het IMF dat er een einde komt aan de stroom van miljarden lira’s aan belastinggeld naar lokale gemeentebesturen, die vlak voor de verkiezingen kiezers met voedsel, kolen of zelfs koelkasten overhalen voor Erdogan’s Ak-partij te stemmen.

De wil van de premier is in dit land nog altijd wet, waarschuwt professor Hursit Günes van de Marmara Universiteit. „Mijn inschatting is dat Turkije de deal ooit zal tekenen. Het spel is dat de minister van Economie de markten laat geloven dat een deal ophanden is, om ze kalm te houden. En tegen de tijd dat de investeerders door hebben dat er echt niet geleend gaat worden, hoopt de regering alweer uit de crisis te zijn. Er wordt hier een heel riskant spel gespeeld.”

Erdogan weet zijn nationalistische kiezers te bespelen. De enige vriend van een Turk is een Turk, zei de grondlegger van de republiek, Mustafa Kemal Ataturk, al. Turkije heeft niemand nodig. De student die in navolging van een Iraakse journalist afgelopen donderdag een schoen gooide naar het hoofd van IMF-directeur Domique Strauss-Kahn, groeide uit tot een nationale held. „Ik gooide niet uit nationalisme, maar uit socialisme”, zegt Selcuk Ozbek in de achtertuin van het communistische krantje Birgun, waar hij voor schrijft. „Het grootkapitaal van het IMF is verantwoordelijk voor het lijden van de armen”, spreekt hij de geoefende woorden waarmee hij eerder ook talloze nieuwszenders haalde.

De gymschoen die Ozbek gooide, was van het merk Nike. In chatrooms werd de waarde van die gympen geschat op 150 euro, als bewijs dat ook schoenengooier Ozbek een Turk is die de afgelopen jaren profiteerde van de economische groei die door het IMF in gang werd gezet. Datzelfde IMF schat dat de economie van Turkije, ook zonder deal, volgend jaar weer met 3,7 procent zal groeien. De cijfers werden door de tegenstanders hartelijk onthaald: het IMF is van harte welkom in Istanbul, maar daarna niet langer onmisbaar.