Voor Chicago is de klap hard aangekomen

Erger dan de uitschakeling op zich was voor Chicago de eliminatie in de eerste ronde.

De hoge afdrachten van het IOC aan het olympisch comité van de VS wekken ergernis.

Ruim voor de verkiezing wist Patrick Ryan vrijwel zeker dat Chicago de Olympische Spelen van 2016 niet toegewezen zou krijgen. De voorzitter van het kandidaatscomité kreeg gelijk en viel bij terugkeer in Chicago midden in een verhitte discussie over de schuldvraag. Want de klap is in de Verenigde Staten hard aangekomen.

Erger dan de uitschakeling op zich was voor de Amerikanen de vernedering van de eliminatie in de eerste stemronde. Hoe heeft dat kunnen gebeuren? Waarom is een goed plan waardeloos gebleken? En waarom heeft zelfs de steun van president Barack Obama en zijn echtgenote niet geholpen? Prangende vragen, waarop betrokkenen tegengestelde antwoorden geven. Om maar te zwijgen van de verwijten die over en weer vliegen.

In plaats van maar wat te roepen kunnen de criticasters zich beter vervoegen bij Ryan, die globaal weet hoe het spel is gespeeld. Hij was niet zonder reden vorig weekeinde naar de WK wielrennen in het Zwitserse Mendrisio gereisd. De Amerikaan ondernam een laatste, desperate poging de kansen voor Chicago te keren. En de Nederlander Hein Verbruggen en de Zwitser Denis Oswald, twee invloedrijke personen binnen IOC die hij in Mendrisio zou spreken, konden hem daarbij helpen. Hoopte hij.

Niet dus. Want Ryan kreeg in Mendrisio te horen wat hij al vreesde: Verbruggen en Oswald zouden Chicago niet steunen en, erger voor hem, zich inspannen om IOC-leden niet op de Amerikaanse stad te laten stemmen. Verbruggen heeft als erelid van het IOC weliswaar geen stemrecht, maar zijn invloed is evident. En hij heeft zich gedurende zijn zittingsperiode ontpopt tot een fervent Amerika-hater. De Nederlander neemt het de Verenigde Staten vooral kwalijk dat er tegenover de ruime olympische donaties aan het Amerikaanse olympisch comité (USOC) nooit een garantstelling van overheden voor kandidaat-steden staat. En dat moet volgens hem maar eens afgelopen zijn.

Verbruggen: „President Lula van Brazilië, premier Hatoyama van Japan en premier Zapatero van Spanje kwamen vrijdag allen met een gevulde portemonnee naar Kopenhagen. En Obama? Met niets. En altijd wordt verwezen naar de belastingbetalers in de Verenigde Staten; die behoren niet voor de kosten op te draaien. Maar zo gaat dat tegenwoordig niet meer. Olympische Spelen kunnen alleen nog gehouden worden met volledige steun van de regering en draagvlak onder de bevolking.”

Verbruggen en Oswald behoren tot de hardliners die zich al jaren verzetten tegen het contract waarin het IOC is verplicht per vier jaar 20 procent van sponsorgelden en 12,75 procent van de televisierechten aan USOC uit te keren. Een oude afspraak die is gemaakt om USOC te compenseren voor het vele geld dat het IOC aan de Amerikaanse markt onttrekt. Maar de hoogte van die bedragen staat volgens Verbruggen in geen verhouding tot de vergoedingen aan de andere 202 landen. USOC kreeg na de Spelen in Peking 480 miljoen dollar, tegenover 173 miljoen voor de rest van de wereld. „Het IOC bekostigt alle Amerikaanse medailles”, zegt Verbruggen met onverholen ergernis.

Hij kon wel eens gelijk hebben, want sinds vrijdag daalt er een regen van kritiek op USOC neer. Dick Ebersol, directeur van tv-zender NBC die voor de Spelen van Vancouver en Londen 2,2 miljard dollar betaalt, zei in de krant New York Times dat het olympisch comité over de afdracht haastig een compromis moet sluiten met het IOC. En hij dringt aan op vervanging van de nieuwe voorzitter Larry Probst en nieuwe directeur Stephanie Streeter door mensen die de olympische wereld kennen.

De relativering komt van het Amerikaanse IOC-lid James Easton. Hij denkt dat een afspraak van de 22 Aziatische IOC-leden om op Tokio te stemmen van grotere invloed is geweest. Hoewel de blokvorming niet is te bewijzen, is hij ervan overtuigd dat Chicago er om die reden in de eerste ronde uitvloog. Het is bekend dat nieuwe stemmen in de tweede ronde nieuwe kansen bieden. Easton pleitte daarom gisteren voor een andere stemprocedure. Hij wil af van de sympathiestemmen – „in de eerste ronde stemt niet ieder IOC-lid op de stad van zijn eerste keus, vermoedelijk als vriendendienst”. Easton pleit voor één stemronde waarin ieder IOC-lid de volgorde van zijn of haar voorkeur aangeeft.