Tegenstanders zijn weer bang voor Lammers

Hockeyspits Kim Lammers miste de Olympische Spelen in Peking na een zware knieblessure. „Als we haar in stelling brengen, weet ze altijd te scoren”, zegt Laren-coach Alexander Cox.

Weer opende hockeyspits Kim Lammers (28) gisteren de score voor Laren. In de vierde wedstrijd van het seizoen maakte ze tegen Klein Zwitserland alweer haar vijfde doelpunt. De afgelopen twee jaar telde Lammers, drie seizoenen geleden nog topscorer van de hoofdklasse, door een knieblessure amper mee. De spits gleed twee jaar geleden in een wedstrijd tegen Forward uit over de herfstbladeren op het veld. Ze scheurde een kruisband in haar rechterknie. Nu is ze terug.

„Alle tegenstanders zijn weer bang voor haar”, zegt hoofdcoach Alexander Cox tevreden na afloop van de met 4-0 gewonnen wedstrijd. Door twee mislukte strafcorners bleef het gisteren in Den Haag bij één doelpunt voor Lammers, die sinds haar hoofdklassedebuut in 1999 uitkomt voor Laren. „Normaal pusht ze nog wat meer ballen binnen”, zegt Cox. „Kim is onze targetman. Als we haar in stelling brengen, weet ze altijd te scoren.”

Het duurde echter lang voordat Lammers weer terug was op haar oude niveau. Nadat ze eind oktober 2007 een knieband afscheurde, volgde het onvermijdelijke herstel met het oog op de Olympische Spelen in Peking. Zes dagen per week trainde ze vijf tot zes uur per dag, in de hoop op tijd hersteld te zijn.

Toenmalig bondscoach Marc Lammers (geen familie) besloot de robuuste spits echter niet mee te nemen naar China. „Ik had verwacht dat ik in de voorafgaande jaren iets meer credit had opgebouwd”, zegt Lammers, die tot dan toe 106 interlands had gespeeld. In haar stem weerklinkt nog altijd de teleurstelling. Toen ze afviel, stond ze pas twee weken op het veld. „Tot die tijd had ik wegens mijn blessure alleen binnen getraind. Natuurlijk was ik op dat moment niet goed genoeg”, erkent ze. „Maar als hij me wat langer bij de groep had gehouden, zodat ik kon meedoen aan de Champions Trophy, had ik misschien nog kunnen terugkomen.”

Getergd besloot Lammers op vakantie te gaan. „Ik wilde weg, even helemaal niets doen.” Met het oog op haar herstel was dat echter geen slimme zet. Doordat ze niet trainde, kreeg ze een terugslag. „Vooral conditioneel kon ik het niet bijhouden, en ik was fysiek niet sterk genoeg.”

Bij Laren belandde Lammers op de bank. Toch hield toenmalig coach Jacques Brinkman vertrouwen. „Ze was aan het begin van het seizoen niet fit genoeg, maar ik heb nooit getwijfeld of ze haar oude niveau weer zou halen. Ze moest alleen geduld hebben.” Ook bondscoach Herman Kruis zag nog toekomst in de aanvalster. Hij selecteerde haar vorig jaar voor de potentials, een groep van zestien speelsters die de potentie hadden om eventueel door te stromen naar het Nederlands team. „Ik wist over welke kwaliteiten ze beschikt”, zegt Kruis. „Daarom gaf ik haar de kans.”

Die pakte Lammers met beide handen. Hoewel ze in 2006 al wereldkampioen was geworden, had ze geen last van sterallures te midden van speelsters van wie de meesten net vanuit Jong Oranje waren overgeheveld. „Ze maakte de jonge meiden wegwijs in het internationale hockey; dat vond ik heel sterk van haar”, zegt Kruis. Na de winterstop volgde haar rentree in het basiselftal van Laren, in juli mocht ze met het Nederlands team mee naar de Champions Trophy in Sydney. Een maand later werd ze Europees kampioen in het Wagener-stadion, waar ze zeven keer scoorde. „Kim is weer de oude”, aldus de bondscoach.

Over de Olympische Spelen van 2012 in Londen durft Lammers nog niet na te denken. „Ik wil volgend jaar meedoen aan de Champions Trophy en het wereldkampioenschap, maar verder kijk ik niet vooruit.” Met Laren hoopt ze landskampioen te worden, en dus de hegemonie van Den Bosch en Amsterdam te doorbreken. „Vorig jaar werden we derde en waren de verschillen al klein.”

Ook trainer-coach Cox is ervan overtuigd dat de landstitel tot de mogelijkheden behoort. „Amsterdam en Den Bosch zijn favoriet, maar wij komen eraan. Als we de play-offs halen, willen we landskampioen worden: die ambitie steken we niet onder stoelen of banken.”

Of de fitte Lammers net als drie jaar geleden topscorer van de hoofdklasse kan worden, weet ze niet. „Ik ben niet meer zo gefixeerd op de cijfertjes. Ik ga me niet blindstaren op die topscorelijst; dat werkt bij mij averechts.”