Het turbulente zakenleven van een echte Ajaxfan

Ajaxdirecteur Rik van den Boog heeft al veel stof doen opwaaien in het bedrijfsleven, laatstelijk als ‘betrokken aandeelhouder’ bij Marco Borsato’s bankroete TEG.

Vrijdag 11 september. In het supportershome viert de AFCA Supportersclub zijn tienjarig jubileum. De vereniging telt zo’n 3.000 leden – fanatiekere Ajaxfans dan die van de andere supportersvereniging, SVA, die 85.000 leden heeft. Er heerst een goede sfeer. Oud-bestuurders, directieleden van de voetbalclub en bestuurders van andere supportersverenigingen drinken een glas. Ook Rik van den Boog, algemeen directeur van Ajax, is van de partij. „Hij had een moeilijke avond vol belangrijke gesprekken, maar nam toch de moeite om zijn gezicht op de receptie te laten zien”, zegt Erwin Pieters, voorzitter van AFCA Supportersclub. „Dat hij bij die onderhandelingen is weggegaan, toont zijn grote betrokkenheid bij Ajax.”

De ‘belangrijke gesprekken’ gingen over het reddingsplan voor het artiestenbureau The Entertainment Group (TEG), waarvan Rik van den Boog aandeelhouder is. Het mocht niet baten, een paar dagen later vroeg TEG uitstel van betaling aan. Een week later werd het artiestenbureau van zanger Marco Borsato failliet verklaard. „Wij hebben ons gestoord aan de negatieve publiciteit rond Rik”, zegt Pieters. „Media vonden het nodig het woordje ‘Ajaxdirecteur’ bij zijn naam te zetten. Daardoor raakten de club en hij besmeurd, terwijl het zaken zijn die totaal gescheiden zijn van Ajax.”

Van den Boog is, volgens Pieters, de eerste Ajaxdirecteur „bij wie wij het gevoel hebben dat de juiste man op de juiste plek zit”. Bij veel bestuurders en directieleden werd de clubemotie niet gevoeld. „Het is prettig te merken dat Rik, net als wij, écht supporter is van Ajax.”

De 50-jarige Rik van den Boog is geboren in de Amsterdamse Jordaan en groeide, met zijn jongere broer, op in Zuid. Zijn vader was ondernemer en Ajaxfan. De katholieke kerk werd één keer per jaar, tijdens de nachtmis, bezocht.

Op zijn elfde, hij speelde bij de Meerboys, werd Van den Boog gescout door Ajax. Van 1975 tot 1983 doorliep hij de jeugdopleiding van de Amsterdamse voetbalclub. Met de voetbaltas in de hand stapte hij vrijwel elke middag na school op buslijn 8 en tramlijn 9 naar De Meer. Een tochtje van drie kwartier, herinnert Van den Boog zich. „Ik kwam ’s avonds om half tien thuis. Als ik mijn kicksen niet had gepoetst een paar uur eerder. Huiswerk maken deed ik de volgende ochtend. Ik stond om kwart over vijf, half zes op. Daar heb ik ook in mijn werkzame leven een gewoonte van gemaakt.” Hij zou zich ontwikkelen tot een ambitieuze ondernemer die „altijd goed heeft verdiend”, zoals hijzelf zegt.

Van den Boog was „een echte verdediger die ‘op drie’ of ‘op twee’ speelde”, zegt zijn toenmalige trainer, Dick de Groot. Uiteindelijk kwam hij volgens de jeugdtrainer technisch tekort. Bovendien liep hij een zware blessure op. Zijn rechterenkel raakte verbrijzeld toen hij, 20 jaar oud, was uitgeleend aan Sportclub Amersfoort. Hij kreeg een prothese en werd door Ajax afgekeurd. Van den Boog haalde nooit meer zijn oude niveau, en voetbalde verder bij de Amsterdamse amateurclub DCG.

Na het Berlage Lyceum (atheneum b) bezocht Van den Boog de pedagogische academie H. Bouman. Begin jaren tachtig was hij leraar wiskunde op een technische school in Amsterdam-West. „Voor de klas staan is prima”, zegt Van den Boog „maar je bent meer sociaal-pedagoog dan dat je les kunt geven.” Hij ambieerde een carrière in de verzekeringswereld – „ik ben een notoire rekenaar” – en werkte een jaar als actuaris bij verzekeringsmaatschappij Stad Rotterdam. Hij maakte in 1986 de overstap naar Xerox, waar hij kopieerapparaten en printers ging verkopen. Hij werd verkoopdirecteur en ten slotte landenmanager van Finland, Rusland en de Baltische staten. Zijn vrouw en drie kinderen bleven in Nederland. Op vrijdagavond vloog Van den Boog naar Amsterdam en op zondagavond terug naar zijn kantoor in Helsinki. Een volgende stap op de carrièreladder zou, volgens Xerox, een functie in de Verenigde Staten moeten worden. Die droom zag zijn vrouw niet zitten.

Van den Boog zocht daarop een baan in Nederland en werd in 1999 directeur bij Libertel (nu Vodafone). In die periode meldden zich ook Ben, Dutchtone en Telfort als aanbieders van mobiele telefonie. Internetondernemer Ben Woldring, oprichter van een vergelijkingssite voor mobiele telefonie: „Tot die tijd was mobiel bellen een zakelijke aangelegenheid, maar nu brandde de strijd los om de gunst van de particuliere beller.”

De slag om de consument verliep niet volgens de regels van de vrije markt; volgens de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) hadden de aanbieders van mobiele telefonie kartelafspraken gemaakt.

De Libertel-directeur speelde daarbij volgens een NMa-onderzoek een belangrijke rol. Van den Boog – in de openbare stukken aangeduid als V1 – had op 13 juni 2001 met collega’s van onder meer Ben, Dutchtone en KPN Mobile een ontmoeting in Congres- en Partycentrum ’t Veerhuis in Nieuwegein. Daarbij zouden deze vier, en het bedrijf O2, volgens de kartelautoriteit verboden prijsafspraken hebben gemaakt. Ook was concurrentiegevoelige informatie uitgewisseld over prepaid-pakketten.

Van den Boog ontkent, desgevraagd, dat hij bij die gesprekken was. „Ik heb het ook gehoord, maar ik ben nooit bij dat overleg aanwezig geweest.” Collega’s en concurrenten van Van den Boog uit die tijd weerspreken dit. „Rik was V1”, zeggen ze. Van den Boog: „Nee, ik was het niet en ik ga ook niet zeggen wie het wel was.”

De vijf bedrijven kregen eind december 2002 een boete opgelegd van samen 88 miljoen euro. Nooit eerder had de NMa zo’n hoge boete uitgedeeld. Libertel/Vodafone en Ben kregen een naar verhouding hogere boete, omdat zij volgens de NMa het initiatief tot de afspraak hebben genomen. In september 2004 werd de gezamenlijke boete verlaagd naar 53 miljoen, maar de bedrijven tekenden toch hoger beroep aan. Voor O2 en Dutchtone is een ‘tussenvonnis’ geveld: hun boete werd kwijtgescholden. De andere drie bedrijven wachten nog op het bindende oordeel van het College van Beroep voor het bedrijfsleven, later dit jaar.

De branche leed forse imagoschade door de opgelegde boetes. De verantwoordelijke directeuren moesten, anticiperend op de publicatie van het NMa-onderzoek, het veld ruimen. In augustus 2002 liet Vodafone weten dat Van den Boog om „persoonlijke redenen” zou terugtreden als directeur.

Nu zegt hij: „Ik was bestuurslid en had alles te vertellen. Vodafone nam ons over en ik werd eigenlijk weer gewoon directeur. Dan krijg je een discussie over andere banen, maar vraag je je ook af wat je toegevoegde waarde nog is. Ik besloot op te stappen.” Overigens was Vodafone medeoprichter van Libertel en verwierf het al in 1997 een meerderheidsbelang.

Na een intermezzo van negen maanden als turn-around manager bij een staalbedrijf keerde Van den Boog in de zomer van 2003 terug in de mobiele communicatie, nu als commercieel directeur bij het telefoonbedrijf Orange. Aan zijn nieuwe collega’s liet hij direct weten deze functie te beschouwen als opstapje naar de functie van algemeen directeur. Na ruim een jaar vertrok hij.

Van den Boog: „In mijn contract stond dat ik na drie tot zes maanden CEO zou worden.” Maar de zittende topman, David Holliday, wilde toch langer blijven. „Ik ben soms wat ongeduldig, dus ik ben dat gesprek aangegaan. Het resultaat is bekend.”

NRC Handelsblad sprak met prominente (oud-)medewerkers van Orange die een ander verhaal vertellen. Ze willen niet met hun naam in de krant omdat dat hun huidige posities ernstig zou schaden. In september 2004 moest Van den Boog, zo vertellen zij, het bedrijf verlaten omdat zijn positie onhoudbaar was geworden. Hij werd ervan beschuldigd bedrijfsgeheimen te hebben doorgespeeld aan ondernemer Marcel Boekhoorn. „Een Deense secretaresse, de invalster van Riks eigen secretaresse, vroeg aan een college hoe ze de naam van Boekhoorn moest schrijven, met één of met twee o’s. Ze had van Rik de opdracht gekregen een fax aan Boekhoorn te sturen met financiële informatie over de waarde van Telfort”, vertelt een voormalig Orange-directeur. „Ik ken die verhalen”, zegt Van den Boog desgevraagd in een reactie. „Die faxen, waanzin.”

Orange aasde op concurrent Telfort, terwijl Telfort juist geïnteresseerd was in overname van Orange, zegt voormalig Telfort-baas Ton aan de Stegge. In oktober 2004 verwierf Marcel Boekhoorn een meerderheidsbelang in Telfort. In de zomer van 2005 deed hij het bedrijf van de hand aan KPN, voor bijna 1 miljard euro. Volgens financiële specialisten verdiende hij er een slordige 500 miljoen euro mee. „Dat klopt wel ongeveer”, zegt een medewerker van Boekhoorn.

Van den Boog werkte mee aan deze verkoop. Nadat hij Orange had verlaten, was hij strategisch adviseur van Boekhoorn geworden. „Dat was de bevestiging van ons gelijk”, zegt een Orange-topman.

Naast de mobiele telefonie was Rik van den Boog zich inmiddels gaan toeleggen op investeren in verschillende soorten bedrijven. Eén ervan was The Entertainment Group, waarvan hij in 2006 9 procent van de aandelen verwierf.

TEG was in 1995 opgericht met vier aandeelhouders: zanger Marco Borsato, zijn manager Paul Brinks, boekingsmanager Sandra Nagtzaam en Unico Glorie (Veronica, Holland Media Groep). In 2006 verkocht Nagtzaam haar belang van 25 procent aan mobieletelefonie-entrepreneur Rik van den Boog, textielmagnaat Laurent Hompes en Belcompany-oprichter Ginus Tiemessen.

Met name Van den Boog bepaalde volgens de aandeelhouders de nieuwe koers – waarbij zij hem toen volledig steunden. Het beleid van TEG werd groeien om waarde te creëren en op een goed moment de boel te verkopen. „Maar geen van de acquisities maakte de rendementsverwachtingen waar”, zegt aandeelhouder Unico Glorie.

De aandeelhouders van TEG hadden ook geld geïnvesteerd in LAB Ventures, een onderneming met veel durfkapitaal, dat nieuwe bedrijven voor TEG moest binnenhalen. Ook het management van TEG en zakenvrienden als Henk Keilman en Normann Kleine hadden financiële belangen in LAB Ventures. „De ambitie van Rik van den Boog was gericht op expansie”, zegt Normann Kleine. „Hij bepaalde het financiële en strategische beleid met Niel van Hoff (bij TEG) en André ten Bloemendal (bij LAB Ventures) als dagelijkse uitvoerders.”

Zelf zegt Van den Boog dat hij een „passieve, maar betrokken aandeelhouder” was, die zich niet rechtstreeks bemoeide met het beleid. „Alleen in het eerste jaar – eind 2006, begin 2007 – liep ik regelmatig even binnen. ‘Hé jongens, hoe is het?’ Gewoon even kijken hoe het allemaal ging.”

Twee weken geleden ging het artiestenbureau TEG failliet. „Oorzaak van het bankroet van TEG zijn onverantwoorde overnames door LAB Ventures”, vindt Kleine. „Ik vind Rik van den Boog verantwoordelijk voor het mismanagement. Hij nam iedere week de boeken door.” Dat laatste wordt bevestigd door TEG-medewerkers, die niet met hun naam in de krant willen zolang curator Jan Padberg onderzoek doet naar de oorzaak van het faillissement.

Sinds 1 december 2009 is Van den Boog algemeen directeur bij Ajax. Bij zijn aantreden heeft de club bedongen dat hij zijn aandelen overdraagt aan een stichting die door derden wordt beheerd. Daardoor heeft hij er geen zeggenschap over. Toen hij in augustus 2009 werd benaderd door headhunters van De Vroedt & Thierry zei hij in een eerste reactie ‘nee’. „Ik had een prettig leven in de luwte.” Maar na gesprekken met onder anderen Ajaxvoorzitter Uri Coronel en trainer Marco van Basten werd het ‘nee’ een ‘ja’.

Coronel was voorzitter van de commissie die de gang van zaken bij Ajax in de laatste tien jaar onderzocht. Zijn kritische rapport daarover leidde tot het vertrek van algemeen directeur Maarten Fontein. In zijn rapport deed Coronel meer dan dertig aanbevelingen voor aanpassingen bij Ajax. Van den Boog heeft die, tot blijdschap van de Ajaxvoorzitter, in de afgelopen tien maanden nagenoeg allemaal uitgevoerd.

Over de perikelen rondom The Entertainment Group zegt Coronel: „Ik vertrouw Rik nog steeds de portemonnee van Ajax toe. Zo lang het binnen de grenzen van het betamelijke blijft, moet iedereen zelf weten wat hij met zijn privévermogen doet. Zo lang het de club niet schaadt, heb ik 100 procent vertrouwen in Rik van den Boog.”