Amerika heeft geen goodwill meer bij leden IOC

Dat Chicago de Olympische Spelen van 2016 niet heeft gekregen is het gevolg van een anti-Amerikaanse houding binnen het IOC. De les: zonder garanties van de overheid geen Spelen.

Kopenhagen, 5 okt. - Na de vernedering van Chicago bij de verkiezing van een stad voor de Olympiche Spelen in 2016 weten de Amerikanen dat de goodwill onder leden van het Internationaal Olympisch Comité (IOC) is verdwenen. De uitschakeling van Chicago in de eerste stemronde kan als een afrekening met de Amerikanen worden uitgelegd.

Wil een Amerikaanse stad in de nabije toekomst nog in aanmerking komen voor de Olympische Spelen, dan zal de houding in de Verenigde Staten ten opzichte van het IOC veranderd moeten worden. De IOC-leden pikken het niet langer dat Amerikaanse kandidaatssteden zonder garantstellingen van de overheid komen. Ze willen financiële zekerheid, zeker na de bankencrisis eerder dit jaar. Het doemscenario is een tweede ‘Atlanta’, de stad die in 1996 de Spelen slecht organiseerde. Bovendien verlangen IOC-leden dat het Amerikaanse olympisch comité USOC zich gedienstiger opstelt.

Ruim voor de verkiezing in Kopenhagen wist Patrick Ryan al dat Chicago de Spelen niet zou krijgen. De voorzitter van het kandidaatscomité was daarom vorig weekeinde naar de WK wielrennen in Mendrisio gereisd voor een laatste, desperate reddingsactie. Hein Verbruggen en de Zwitser Denis Oswald, beiden invloedrijk binnen het IOC, konden hem daarbij helpen. Hoopte hij.

Niet dus. Want Ryan kreeg in Mendrisio te horen wat hij al vreesde: Verbruggen en Oswald zouden Chicago niet steunen en, erger voor hem, zich inspannen om IOC-leden niet op de Amerikaanse stad te laten stemmen. Verbruggen heeft als erelid van het IOC weliswaar geen stemrecht, maar zijn invloed is evident. De Nederlander neemt het de Verenigde Staten vooral kwalijk dat er tegenover de ruime olympische donaties aan USOC nooit overheidsgaranties voor kandidaatssteden staat. Dat moet volgens hem maar eens afgelopen zijn.

Verbruggen: „President Lula van Brazilië, premier Hatoyama van Japan en premier Zapatero van Spanje kwamen vrijdag allen met een gevulde portemonnee naar Kopenhagen. En Obama? Met niets. En altijd wordt verwezen naar de belastingbetalers in de Verenigde Staten; die behoren niet voor de kosten op te draaien. Maar Olympische Spelen kunnen alleen nog gehouden worden met volledige steun van de regering en draagvlak onder de bevolking.”

In een wanhopige poging de kansen voor Chicago te keren heeft het kandidaatscomité een beroep gedaan op president Barack Obama. Alleen zijn komst naar Kopenhagen zou Chicago kunnen redden. Het bleek een misvatting. Het anti-Amerikanisme binnen het IOC is diepgeworteld.

Verbruggen en Oswald behoren tot de hardliners die zich hevig verzetten tegen het contract waarin het IOC is verplicht per vier jaar twintig procent van sponsorgelden en 12,75 procent van de tv-rechten aan USOC uit te keren. Een oude afspraak die is gemaakt om USOC te compenseren voor het vele geld dat het IOC aan de Amerikaanse markt onttrekt. Maar de hoogte van die bedragen staat volgens Verbruggen in geen verhouding tot de vergoedingen aan de andere 202 landen. USOC kreeg na ‘Peking’ 480 miljoen dollar, tegenover 173 miljoen voor de rest van de wereld. „Het IOC bekostigt alle Amerikaanse medailles”, zegt Verbruggen met onverholen ergernis.

Dick Ebersol, directeur van tv-zender NBC dat voor de Spelen van Vancouver en Londen 2,2 miljard dollar betaalt, zei in de krant The New York Times dat het olympisch comité over de afdracht haastig een compromis moet sluiten met het IOC. En hij dringt aan op vervanging van de nieuwe voorzitter Larry Probst en nieuwe directeur Stephanie Streeter door mensen die de olympische wereld kennen.

De relativering komt van het Amerikaanse IOC-lid James Easton. Hij denkt dat een afspraak van de 22 Aziatische IOC-leden om op Tokio te stemmen van grotere invloed was. Hoewel blokvorming niet is te bewijzen, is hij ervan overtuigd dat Chicago er om die reden in de eerste ronde uitvloog. Easton pleitte gisteren voor een andere stemprocedure. Hij wil af van de sympathiestemmen – „in de eerste ronde stemt niet ieder IOC-lid op de stad van zijn eerste keus, vermoedelijk als vriendendienst”. Easton bepleit één stemronde waarin ieder IOC-lid een voorkeursvolgorde aangeeft.