Modern protest

De Beat Generation van de Amerikaanse schrijver Jack Kerouac bestond uit hipsters: vrijbuiters die ‘the road’ als hun thuis zagen en genoten van het vrije leven door de vruchten van het verbodene te proeven. Kerouac en zijn volgelingen protesteerden tegen de opkomst van de naoorlogse Amerikaanse consumptiemaatschappij. Ze droegen tweedehandskleren: geruite bloesjes, spijkerbroeken van Levi’s en sweatshirts. Het liefst met gaten erin, want ‘nieuw’ stond symbool voor datgene waar ze een hekel aan hadden.

De hipster van nu volgt de mode wél op de voet. En dan heb ik het niet over de trends van de catwalks. Hipsters van nu maken, net als hun naamgenoten van een halve eeuw geleden, hun eigen regels. Dat doen ze met hulp van de middelen die de consumptiemaatschappij biedt. Via internationale netwerksites als Facebook en MySpace wisselen ze bijvoorbeeld muziek van de meest eigenzinnige bandjes uit. Door zichzelf zo gek mogelijk uit te dossen, protesteren ze tegen hetgeen als ‘normaal’ beschouwd wordt.

En dus draagt een hipster nu bijvoorbeeld een broek met komkommerprint. Of lelijke gymschoenen uit de jaren negentig. Hipster drijven ook graag de spot. Bijvoorbeeld door te gaan lopen met een mainstreamkledingstuk of accessoire als een tas van supermarkt Dirk of prijsknaller Zeeman.

Geen wonder dat modeontwerpers hipsters graag dicht bij zich houden. Want hipsters zijn, net als Jack Kerouac en zijn aanhangers, belangrijk voor de mode. Protest heeft al zo vaak geleid tot culturele stromingen die geschiedenis schreven. En dat is, zoals de hipster zou zeggen, „OMFG (Oh My Fucking God), like totally cool.”