Fixatie op bonussen is onzinnig

Wie de publieke discussie over de financiële crisis de revue laat passeren, zou makkelijk de indruk dat alle economische tegenspoed toe te schrijven is aan bonussen. Typerend is het recente rapport van DNB waarin doodleuk wordt geschreven dat bonussen `wereldwijd als een van de veroorzakers van de crisis` worden gezien. Ook de Volkskrant-journalisten Klok en Van Uffelen claimen in hun boek Bonus! een hoofdrol voor de bonus.

Bewijs voor deze stelling is er echter niet. Ook is er geen reden om te menen dat de huidige beloningsafspraken zullen leiden tot meer risicomijdend gedrag. De beloningsmores bij alle Amerikaanse zakenbanken voldeden min of meer aan de eisen die in Pittsburg zijn afgesproken.

Niet de bonussen zijn het probleem, maar de rating agencies. Die hebben net gedaan of hypotheekproducten hetzelfde waren als bedrijfsobligaties die ze al decennia beoordeelden. En laten we ook de rol van de Amerikaanse overheid niet vergeten. Een `ownership society` moest Amerika worden, en dus werden banken opgeroepen om een oogje dicht te doen bij het verstrekken van hypotheken. En dit alles was onmogelijk geweest zonder de rendementszucht van ook onze eigen pensioenfondsen.

Gelukkig is men in het grote buitenland wijzer dan in het kleine Nederland. Het slotcommuniqué van de G20 plaatst de oproep over de bestrijding van spaartekorten en -overschotten wijselijk boven de passage over de bonus-afspraken.

In Nederland ziet men dat anders. Zoals Harald Benink, hoogleraar Banking en Finance, vorige week in Buitenhof opmerkte: ”De bonusfixatie is typisch Nederlands.”

Dit zijn fragmenten van langere teksten die zijn te vinden op nrc.nl/expert