Deze week verscheen op www.nrc.nl/wetenschap

Aftrek van de hypotheek voor twee huizen blijft verboden. Vanaf 2010 is er één uitzondering: in het geval de oude woning nog niet is verkocht, maar wel leeg is en te koop staat.

De fiscus steunt huiseigenaren die zijn verhuisd maar hun vorige woning nog niet hebben verkocht. Staatssecretaris Jan Kees de Jager (CDA, Financiën) verruimt de hypotheekrenteaftrek na zware druk van VVD en CDA in de Tweede Kamer. De maatregel gaat in op 1 januari 2010 maar heeft vanaf die datum gedeeltelijke terugwerkende kracht tot 2008.

De fiscale aftrekpost voor de financiering en verbetering van het eigen huis (de hypotheekrenteaftrek) geldt alleen voor het huis waarin men zelf woont. Er is één uitzondering. Die geldt voor mensen die zijn verhuisd en hun vorige woning nog niet hebben verkocht. Voor een periode tussen de twee en drie jaar is de hypotheekrente over beide huizen aftrekbaar. Daar zijn twee voorwaarden aan verbonden: het tweede huis moet leeg staan en het moet te koop staan. Voor een verhuurd huis kent de fiscus geen aftrek toe. Maar dat doet hij evenmin als het huis na de verhuurperiode weer leeg komt te staan. De fiscus is bang voor fraude. Bijvoorbeeld het heimelijk doorlopen van het huurcontract. De eigenaar krijgt dan zwart de huuropbrengst en de fiscus zou dat voordeel kunnen verdubbelen via de hypotheekrenteaftrek. In de florissante huizenmarkt van de afgelopen jaren was het aantrekkelijker het huis snel te verkopen. Dat is nu wel anders. Veel huiseigenaren blijven lang met een onverkocht huis in hun maag zitten. Tijdelijke verhuur is dan de oplossing, maar tegelijk een valkuil omdat de hypotheekrenteaftrek definitief verloren gaat. Leegstand kan dan financieel de gunstigste oplossing zijn. Althans voor de huiseigenaar, niet voor woningzoekenden.

Daarom wilde VVD-Tweede Kamerlid Brigitte van der Burg dit voorjaar een herleving van de hypotheekrenteaftrek na verhuur mogelijk maken. De Jager wilde daar evenwel niets van weten. Het liep uit op een confrontatie met de Tweede Kamer. De laatste uren voor het zomerreces nam de Kamer op initiatief van Van der Burg een motie aan om de herleving van de aftrek toch mogelijk te maken. Alleen de PVV stemde tegen. Daarop kwam de staatssecretaris met een regeling voor mensen die vanaf 1 januari 2010 hun huis gingen verhuren. Maar nu was de Kamer op stoom gekomen. Van der Burg belaagde met steun van CDA-collega Pieter Omtzigt, de staatssecretaris net zo lang tot er deze week een echt gunstige regeling uit de bus kwam.

Die is een wat vreemde mix tussen het oorspronkelijke plan van de staatssecretaris en de wensen van de Tweede Kamer. De herleving van de aftrek gaat nog steeds pas op in op 1 januari 2010. Maar ze geldt ook als het huis op dat moment al is verhuurd. Dus als de verhuur is begonnen op 1 juli 2009 en eindigt op 1 juli 2010, herleeft de aftrek vanaf 1 januari 2010 nog voor maximaal twee jaar. Dat geldt zelfs als de verhuur is begonnen op 1 juli 2008 en eindigde op 1 juli 2009. Dan herleeft de aftrek per 1 januari 2010 voor een periode van maximaal twee jaar. Er valt wel een gat tussen 1 juli 2009 en 1 januari 2010. De staatssecretaris heeft geen geld dat gat te dichten; Van der Burg en Omtzigt zijn al zo tevreden dat ze daar niet meer achteraan gaan. De terugwerkende kracht geldt ook voor verhuursituaties die in 2008 afliepen. Alleen profiteert men vanaf 1 januari 2010 nog maar een jaar van de herleefde hypotheekrenteaftrek. Los van dat alles wordt de bijleenregeling -die de hypotheekrenteaftrek inperkt- opgeschort gedurende de verhuurperiode.

Daarmee zijn de betrokkenen nog niet uit de brand. De vergaande huurbescherming stoort zich niet aan tijdelijke verhuur. Maar de gemeente kan toestemming geven voor tijdelijke verhuur. De leegstandswet eist daarvoor dat de woning leeg staat, (bijna) in zijn geheel wordt verhuurd en niet makkelijk verkoopbaar is. Zo’n vergunning krijgt men niet automatisch.

De meeste gemeenten hebben echter geen beleid voor het afgeven van zo’n vergunning, ze beginnen er helemaal niet aan of ze kennen beperkende voorwaarden zoals Amsterdam. Een volgende hindernis kan de hypotheekbank zijn. Van sommige banken mag de eigenaar geen tijdelijk verhuurcontract afsluiten; de meeste andere doen er moeilijk over. Onder druk van de Vereniging Eigen Huis komen de hypotheekbanken met steeds verdergaande versoepelingen. Als de gemeenten en de banken meewerken, zijn er voor de mensen met een onverkochte woning vanaf de jaarwisseling geen belemmeringen meer om die tijdelijk te verhuren.

Zie voor deze regeling en een video-interview met Brigitte van der Burg: www.nrc.nl/geld