Uruzgan-chaos in de Kamer

De substantiële militaire aanwezigheid in Afghanistan lijkt voorbij.

Wie alles inzet, kan alles verliezen. Dat merkte minister Maxime Verhagen (Buitenlandse Zaken, CDA) gisteravond laat in de Tweede Kamer. De liefhebber van het politieke spel waagde voor de tweede keer in twee weken een solistische poging meer onderhandelingsruimte voor zichzelf te creëren in het vraagstuk ‘hoe verder in Afghanistan’. Maar aan het eind van een chaotische avond lag Verhagen aan de ketting van de coalitiepartners PvdA en ChristenUnie.

„Het heeft geen zin om met een voorstel te komen waarin staat dat we nog iets in Uruzgan doen”, zei Kamerlid Martijn van Dam (PvdA). Want zijn partij en de ChristenUnie zouden daar tegen stemmen.

Het resultaat van het debat is dat een omvangrijke militaire aanwezigheid van Nederland niet alleen in Uruzgan, maar ook in de rest van Afghanistan eind volgend jaar vrijwel uitgesloten is. In elk geval voor de coalitiepartners PvdA en ChristenUnie. Want als Nederland geen man in het nu vertrouwde Uruzgan wil houden, waarom zou het dan wel op andere plekken in Afghanistan op betekenisvolle schaal actief worden?

Een pijnlijke kwestie voor minister Verhagen, die zo graag op het hoogste internationaal niveau over Afghanistan meepraat. Pijnlijk ook voor minister van Defensie Van Middelkoop (ChristenUnie) die grote bezuinigingen op zich af ziet komen, nu de krijgsmacht na 2010 geen deelname aan een grootscheepse operatie kan tonen.

In het debat gisteren spreidde de coalitie de moeizame verhoudingen uitgebreid ten toon. Verhagen negeerde openlijk het advies van zijn politiek leider en premier Jan Peter Balkenende niet over de Nederlandse aanwezigheid in Uruzgan te speculeren. Fractievoorzitters waren niet in staat door overleg voor en tijdens het debat in deze gevoelige kwestie de rijen te sluiten.

Vervolg Uruzgan: pagina 3

Verhagen wil ‘blijven nadenken’

Vervolg Uruzgan van pagina 1

Balkenende en PvdA-leider Wouter Bos – die halverwege het Uruzgan-debat zijn opwachting in het Kamerrestaurant maakte – kwamen samen ook niet uit het door Verhagen opgeroepen conflict.

Balkenende, Verhagen en Van Middelkoop waren voor een spoeddebat naar de Tweede Kamer geroepen. Zij moesten opheldering geven over de openlijke discussie die tussen bewindslieden was ontstaan, nadat Verhagen zich tegenover een journalist vorige week de retorische vraag had gesteld of „Nederland wel alles op anderen kan afschuiven”, door volgend jaar uit Uruzgan te vertrekken. Dat had tot scherpe reacties van PvdA’ers en ChristenUnie geleid, die in de woorden van Verhagen een poging zagen het door hun zeer gewenste definitieve vertrek uit Uruzgan wéér ter discussie te stellen.

Het leek Balkenende verstandig, zo zei hij aan het begin van het debat, de discussie over de Nederlandse militaire aanwezigheid in Afghanistan niet via de media te voeren. En dat was dan ook in de ministerraad afgesproken: geen „speculaties” van bewindslieden meer over de toekomst van Nederland in Afghanistan.

Die afspraak hield niet lang stand. Verhagen begon zijn bijdrage aan het debat met het „betreuren” van de „commotie” die zijn opmerkingen hadden veroorzaakt. Maar vervolgens ging hij uitgebreid uitleggen waarom hij vond dat er opnieuw moest worden nagedacht over het twee jaar genomen besluit uit Uruzgan te vertrekken. „Als de Kamer zegt dat ik niet mag afwijken van wat ik twee jaar geleden heb gezegd, al stort de hele wereld in, vraagt zij mij op te houden met regeren en met nadenken. Er is een economische crisis. Er is iets in Afghanistan aan de hand. Er is een andere regering in de VS, waarbij überhaupt een ander type operatie aan de orde is. Mag je dan niet meer nadenken? Moet je zeggen: alles wat wij twee jaar geleden gezegd hebben, blijft zo?”

Het antwoord van PvdA’er Van Dam was kort: „Dat is wel de manier waarop ik graag met afspraken zou willen omgaan.” ChristenUnie en PvdA dienden dan ook een motie in om toekomstige militaire activiteit in Uruzgan uit te sluiten.

Zo kwam de altijd sluimerende onenigheid tussen CDA en PvdA over geopolitieke kwesties weer eens op straat te liggen. Terwijl de fractievoorzitters van de coalitiepartijen voor het debat nog bij elkaar waren gekomen om precies die uitkomst te voorkomen. Tijdens dat overleg was al gebleken dat PvdA en de ChristenUnie een nieuwe missie in Uruzgan onbespreekbaar vonden. Toch leek het CDA tijdens het debat verbaasd over de uitgesproken positiebepaling van de coalitiepartners.

Het verloop van het debat zegt weinig goeds over het probleemoplossend vermogen van de regeringspartijen. Hoewel de coalitiepartners zich er van bewust waren dat deze kwestie niet uit de hand mocht lopen, gebeurde dat toch. Zelfs langdurige schorsingen, een tweede overleg tussen de fractievoorzitters en een onderonsje tussen de twee partijleiders leverde geen elegante oplossing op.

De openlijke nederlaag van Verhagen, toch de tweede man van het CDA, kan gevoegd worden bij de lange lijst oud zeer die de coalitiepartners opbouwen. Dat is niet het prettigste begin van een lang politiek seizoen.

Achtergronden op nrc.nl/uruzgan