Het einde van Wall Street 1.0

Guide to The End of Wall Street as we know itAuteur: Dave KansasUitgever: Collins Business, 2009, 199 pagina's, 16,95 euro.

Een titel kan verleiden of misleiden. De slagzin op de voorflap van dit boek – The End of Wall Street (Het Einde van Wall Street) – oogt belangwekkend. Maar hij wordt in kleine lettertjes vooraf gegaan door ‘Een handleiding over’. En de auteur kondigt niet het einde van de Amerikaanse beurswezen aan, maar van het beeld dat we hierover hebben (‘As we know it’).

Toch dekt de vlag de lading. Wie grote, essayistische beschouwingen wil lezen over het einde van een financieel tijdperk, is bij Dave Kansas, oud-redacteur bij de Amerikaanse beurskrant The Wall Street Journal en gewezen hoofdredacteur van de financiële nieuwswebsite TheStreet.com, aan het verkeerde adres. De opzet van zijn boek is, zo schrijft hij, „verklaren” en „gidsen”.

De kredietcrisis die de financiële branche sinds 2007 heeft overspoeld, blijft voor een stuk in „een mysterie” gehuld, aldus Kansas. Niet alleen kersverse huiseigenaars maar ook ervaren bankiers blijven met tal van vragen zitten. Hij wil die onduidelijkheid met „historisch en strategisch inzicht” te lijf gaan, en beleggers en investeerders uitleggen hoe ze nu verder moeten.

Slaagt de auteur in dit opzet? Het antwoord is dubbel. Ja, want wie op een bevattelijke en accurate wijze precies wil vatten wat er precies verkeerd is gelopen, vindt volop zijn gading. Met inzetjes over de hoofdrolspelers, de financiële producten, de geldmarkten, de toezichthouders en de regelgeving wordt alles klaar en duidelijk in kaart gebracht. Nee, want het adviesgedeelte in het boek is vaak te oppervlakkig en biedt weinig nieuwe inzichten.

Een belangrijk pluspunt. Dave Kansas beheerst de kunst om complexe materie op een eenvoudige manier uit te leggen. Hij vat het probleem in de kern. „De financiële storm kwam er omdat het systeem niet langer risico vreesde”, schrijft hij. „Risico werd als een opportuniteit gezien. Meer risico zorgde voor meer winst.”

Kapitalisme zonder een zekere graad van risico’s bestaat niet. En risico’s zonder een zeker gevoel van onveiligheid evenmin. Eén van de opvallende vaststellingen, aldus Kansas, is dat de huidige crisis al een lange voorgeschiedenis heeft. De angst voor risico’s begon twintig jaar geleden al te eroderen. De snelle heropleving na de beurskrach van 1987, het vlotte herstel van de Aziatische markten tien jaar later en de manier waarop de dotcom- en telecomcrisis na 2000 werd geabsorbeerd door de markt, gaven de financiële branche te veel zelfvertrouwen.

De illusie werd gewekt dat het fenomeen ‘risico’ kon worden beheerst. De zogenoemde value at risk, een maatstaf dat eind de jaren ’80 door academici werd ontwikkeld om het gevaar te beschrijven waaraan financiële bedrijven zijn blootgesteld bij een crisis, werd een wonderbaarlijk mathematisch model om het ontastbare, het onvoorspelbare te definiëren.

De statistische kans – hoe klein ook – dat diverse risico’s zich samen kunnen voordoen, door een auteur als Nassim Taleb beeldrijk een ‘zwarte zwaan’ genoemd, werd er echter niet mee becijferd. Dit hoefde ook niet.

Bollebozen die complexe instrumenten ontwikkelden om risico’s af te dekken, zorgden voor monsterwinsten bij grote zakenbanken. Hun financiële alchemie gaf Wall Street een vals gevoel van veiligheid.

Terecht stelt Kansas dat geldmarkten, die voor financiële concerns onmisbaar zijn om hun lopende activiteiten te financieren, veel omvangrijker zijn dan aandelenmarkten. Die laatste krijgen echter de meeste aandacht. En dan is er nog die immense ‘grijze zone’ van niet gereguleerde markten, waarin schulden werden herverpakt in verhandelbare financiële instrumenten zonder controle van de toezichthouder.

„Kaderleden van Lehman slaan zich nu voor de kop dat ze niet meer gekke risico’s namen”, besluit Kansas cynisch. Niet zij, maar Citigroup, AIG en Bear Sterns overleefden of werden gered. Het is het onkruid van deze crisis dat blijft woekeren: de illusie dat de overheid je altijd zal redden, als je maar „complex” en „groot” genoeg bent.