De olympische lobby kent geen grenzen

In Kopenhagen wordt morgen besloten welke stad de Olympische Spelen van 2016 mag organiseren. Chicago is favoriet. Alleen al door de lobby van Barack en Michelle Obama.

De Amerikaanse presidentsvrouw Michelle Obama staat in een hotel in Kopenhagen de pers te woord, alvorens ze in gesprek gaat met leden van het Internationaal Olympisch Comité. Foto AP U.S. first lady Michelle Obama stops to talk to waiting reporters at a hotel in Copenhagen before she meets with International Olympic Committee (IOC) members in Copenhagen,Wednesday, Sept. 30, 2009. Michelle Obama has joined the Chicago 2016 bid team who are competing with Tokyo, Madrid, and Rio de Janeiro for the right to host the 2016 Summer Olympic Games. The IOC will choose the winning city in a vote on Friday, Oct. 2, in Copenhagen. (AP Photo/Charles Dharapak, Pool) AP

Veel inwoners van Kopenhagen keken gistermiddag vreemd op toen een stoet van zeker 25 auto’s met loeiende sirenes door het stadscentrum trok. Maar ja, zo gaat dat als de Amerikaanse presidentsvrouw Michelle Obama arriveert. Tenminste, bij een staatsbezoek of een G20-conferentie. Maar voor de jaarlijkse plenaire vergadering (Sessie) van het Internationaal Olympisch Comité (IOC)? Dat is vrij ongewoon.

Er is echter sprake van een kentering. De verkiezing van een stad voor de Olympische Spelen is tegenwoordig een zaak van nationaal belang, anders is niet te verklaren dat vier wereldleiders in Kopenhagen ‘hun’ stad komen promoten. De komst van de Amerikaanse First Lady was gisteren nog maar een voorbode van de vele geblindeerde auto’s en bewakers met getrokken pistolen die vandaag en morgen koningen, presidenten en premiers bij het IOC afleveren. Morgen is het D-day voor Rio de Janeiro, Chicago, Madrid of Tokio als de IOC-leden een keus maken voor de Zomerspelen van 2016. Niet eerder ging die stemming gepaard met zo veel politieke druk.

Er was altijd wel politieke steun voor de kandidaatssteden, maar niet eerder bemoeiden zó veel regeringsleiders zich zó nadrukkelijk met de verkiezing van een olympische stad. De toon werd vier jaar geleden gezet door Tony Blair, de toenmalige premier van Groot-Brittannië. Hij kwam in 2005 speciaal naar de Sessie in Singapore om Londen als olympische stad aan te bevelen. Het verhaal gaat dat Blair de zwevende kiezers onder de IOC-leden met een gloedvolle speech over de streep heeft getrokken en Londen voor de Spelen van 2012 vervolgens het favoriete Parijs aftroefde.

Blairs optreden inspireerde twee jaar geleden de toenmalige Russische president Vladimir Poetin tot een bezoek aan de IOC-Sessie in Guatemala-Stad, waar Sotsji tot de kandidaatssteden voor de Winterspelen van 2014 behoorde. Poetin vond het tijd worden dat Rusland 34 jaar na ‘Moskou’ weer eens Olympische Spelen toegewezen zou krijgen. Voor de eer van de natie, maar ook uit economische overwegingen. Poetin kreeg zijn zin na een toespraak in vloeiend Engels, de taal waarin hij zich bij officiële persconferenties nooit wilde bedienen. Maar ach, voor het goede doel maakte hij graag een uitzondering.

De optredens van Blair en Poetin waren echter kinderspel bij het offensief dat in Kopenhagen wordt ontketend door de vier kandidaatssteden. De lobby heeft megalomane vormen aangenomen. En dat leidt ook tot gewijzigde werkverhoudingen van de betrokken regeringsleiders. Waar de Amerikaanse president Barack Obama, Yukio, de Japanse premier Yukio Hatoyama, de Braziliaanse president Lula da Silva en de Spaanse premier José Luis Zapatero een week geleden bij de G20-top in Pittsburgh nog harmonie zochten over grote financiële en economische vraagstukken, staan zij morgen, weliswaar figuurlijk, maar toch, met geslepen messen tegenover elkaar.

En de mannen zijn niet alleen, want hun gevolg is minstens zo imposant. Zapatero wordt bijvoorbeeld vergezeld door de Spaanse koning Juan Carlos en een aantal sporthelden, onder wie oud-tennisster Arantxa Sánchez Vicario. Tokio zet olympische kampioenen als de zwemmer Daich Suzuki, kogelslingeraar Koji Murofushi en de marathonloopster Naoko Takahashi in. In het spoor van Lula da Silva komt de levende Braziliaanse voetballegende Pelé naar Kopenhagen. Maar de delegatie van Chicago slaat alles, want naast grote sportnamen als oud-atleet Michael Johnson, voormalig turnkampioene Nadia Comaneci is ook televisiester Oprah Winfrey ingezet. En niet zonder resultaat, want Michelle Obama en Oprah Winfrey beheersten gisteren het Deense televisienieuws.

Els van Breda Vriesman, die als oud-IOC-lid het proces in Kopenhagen met enige deskundigheid van afstand kan beoordelen, verbaast zich minder over de toegenomen waarde van de Olympische Spelen dan over de enorme inspanningen van steden om gekozen te worden. De Spelen worden volgens haar daarmee naar een hoger niveau getild. „Olympische Spelen zijn in de loop der jaren steeds prestigieuzer en lucratiever geworden”, dat maakt het aantrekkelijk.

Maar helpt het? Zijn IOC-leden ontvankelijk voor zo veel aandacht van groten der aarde? Een deel wel, denkt Van Breda Vriesman. „Ik schat zo’n tien tot vijftien procent. Nee, op mij hebben de presidenten nooit indruk gemaakt. Ik had meestal mijn keus al voor de Sessie bepaald. Of ik had twee gelijkwaardige kandidaten en liet mijn keus dan afhangen van de laatste presentatie. Maar ik liet me nooit door regeringsleiders leiden. Ik kan me echter goed voorstellen dat een aantal IOC-leden daar gevoelig voor is.”

Als Van Breda Vriesman nu een keus had moeten maken, zou ze hebben getwijfeld tussen Rio de Janeiro en Chicago, maar zou de Amerikaanse stad waarschijnlijk haar voorkeur hebben gekregen. Het oud-IOC-lid vindt dat Zuid-Amerika een keer de Spelen moet krijgen, maar zij heeft vraagtekens over het organisatieniveau van de Brazilianen. „Omdat de Pan American Games van 2007 in Rio de Janeiro een enorme puinhoop waren. En ik betwijfel ook of het verstandig is twee jaar na het WK voetbal de Olympische Spelen in Brazilië te houden. Ja, de komst van Obama kan doorslaggevend zijn. De Verenigde Staten lagen niet zo goed bij IOC-leden, maar sinds de verkiezing van Obama tot president is die houding veranderd.”