Activist van terreurlijst

De EU moet de Filippijnse politiek activist José Maria Sison uit Utrecht van haar ‘terreurlijst’ halen. Hij is op ondeugdelijke gronden op die sanctielijst beland.

Dat heeft het Gerecht van eerste aanleg, onderdeel van het Hof van Justitie van de Europese Unie, gisteren bepaald. Sison (70) staat sinds 2002 op de Europese terreurlijst, op voordracht van Nederland. Het plaatste hem in een financieel isolement: geen bank, geen verzekeringen, geen reispapieren.

De uitspraak betekent een nederlaag voor Nederland en de Europese Unie. Zij meenden voor plaatsing van Sison op de terreurlijst te kunnen volstaan met „algemene bevindingen” van veiligheidsdiensten over diens banden met de Filippijnse communistische partij CPP en de daaraan gelieerde gewapende tak NVA.

Het Gerecht acht die motivering veel te vaag om plaatsing op de terreurlijst te rechtvaardigen. Het formuleert, voor het eerst, specifieke voorwaarden waaraan nationale autoriteiten moeten voldoen voordat zij kandidaten voor sancties bij de EU voordragen.

Sison heeft bij het Gerecht ook een schadevergoeding van de EU geëist omdat hij ten onrechte op de terreurlijst is gezet. Daarover heeft het Gerecht nog geen beslissing genomen.