Vrouwen scoren toevallig meer

Nederlandse vrouwelijke sporters zijn op wereldniveau niet dominanter dan mannen, ondanks het grote aantal medailles dat vrouwen de afgelopen week behaalden. Dat zeggen onderzoeker Agnes Elling van het W.J.H. Mulier Instituut voor sociaal-wetenschappelijk sportonderzoek,en Maurits Hendriks, technisch directeur van sportkoepel NOC*NSF. Volgens hen is het aantal titels eerder toeval dan gevolg van een veronderstelde „feminisering” van de sport.

De wereldtitels van judoka Marhinde Verkerk, de roeisters in de vier-zonder en de zeilsters Lobke Berkhout en Lisa Westerhof, evenals de Europese titels van dressuuramazone Adelinde Cornelisse en de hockeyvrouwen zijn toe te schrijven aan een goede Nederlandse sportstructuur, niet aan een nieuwe ontwikkeling van vrouwensport, aldus Elling en Hendriks.

Elling vindt zelfs dat de goede resultaten van vrouwen „gehypet” worden. Dat gebeurde vorig jaar bij de Olympische Spelen in Peking al en herhaalde zich dit weekeinde. „Het is maar hoe je er tegenaan kijkt. Ik zie de goede prestaties van sportvrouwen meer als geluk en niet als een inhaalslag ten opzichte van de mannen. Dan zouden vrouwen in landen met vergelijkbare faciliteiten ook plotseling beter moeten presteren. En dat is niet het geval.”

Het Nederlandse vrouwenvoetbalteam, dat als debutant bij de EK in Finland de kwartfinale heeft gehaald, is volgens haar een uitzondering. Door een gerichte aanpak in die sport zijn achterstanden geleidelijk weggewerkt. „Eindelijk wordt het normaal gevonden dat vrouwen voetballen.”

Daar komt volgens haar bij dat vrouwen mondiaal minder concurrentie hebben doordat vrouwensport in Arabische en ontwikkelingslanden minder voorstelt.

Als je al een onderscheid kunt maken, geldt het volgens Hendriks alleen voor teamsporten. Daarin doen de vrouwen het de laatste jaren significant beter, hockey uitgezonderd. Maar ook judoka Henk Grol was dichtbij de wereldtitel, evenals de broers Sven en Kalle Coster bij de WK zeilen. „En bij de WK roeien hebben mannen niet veel slechter gepresteerd.”

NOC*NSF steunt sporters alleen aan de hand van de kans op succes, niet op grond van hun sekse, zegt hij.

Sportweekeinde: pag. 11, 12 en 13