Uros (28) is liever tiener thuis dan arm op zichzelf

Uros Tomic is 28 maar leeft nog als een tiener. Hij is niet de enige in Servië. Jongeren vertellen in een zomerserie over hun toekomst.

Het komt niet vaak voor dat Uros Tomic (28) voor middernacht de flat in Pancevo binnenstapt, waar hij met zijn ouders woont. Soms neemt hij niet eens de moeite de bedbank op te maken en laat hij zich er gewoon op vallen, om meteen de volgende ochtend weer een bus te pakken naar de hoofdstad Belgrado, twintig kilometer verder, aan de andere kant van de Donau. In het kantoor van zijn recentelijk opgerichte filmproductiemaatschappij staat ook een uitklapbed, voor de nachten waarin het niet meer loont om naar huis te gaan.

Op zichzelf wonen zit er financieel niet in. Uros is nog van alles een beetje. Student, want hij moet zijn afstudeerfilm nog draaien. Startend ondernemer en hippe filmregisseur, die de ene maand wel verdient en de volgende niet. En voorlopig ook nog het kind van eind twintig in een gezellig rommelig huishouden waar mama de was doet en kookt en papa met lego speelt. De jongere zus werkt al drie jaar illegaal in Amerika.

„Ik leef als een tiener”, zegt hij. „Wie van mijn generatie kan zich een huis, auto en de kosten van een gezin veroorloven?” De weinige leeftijdsgenoten die Servië niet zijn ontvlucht en dat toch klaarspelen, werken zich een slag in de rondte met verscheidene banen. Voor de meesten van zijn vrienden en hemzelf geldt dat „we wat deadlines hebben gemist”. Uros vertelt het zonder frustratie, hij zit goed in zijn vel. Zijn grote bruine ogen lachen voortdurend, hij gebaart veel en lacht bij herinneringen. Bij elke anekdote schiet hem een filmscène of biografie te binnen ter vergelijking. „David Lynch was ook al dertig toen hij Eraserhead maakte.”

Uros ging naar de middelbare school in de jaren negentig, de jaren van de oorlogen in voormalig Joegoslavië en de economische sancties tegen Servië. De ‘Diesel-tijd’, zegt hij, toen het stoer was je agressief te gedragen en rond te lopen „met een gezicht alsof je op de wc zit” in designerjeans van dat dure Italiaanse merk. „Het was in om ruzie te zoeken met docenten.” Hij wisselde vier keer van gymnasium en studeerde aansluitend een jaar geschiedenis aan de universiteit in Belgrado, net als zijn vader. Het bleek nu een studie voor Servische nationalisten geworden, die zich op hun twintigste kleedden en gedroegen alsof ze zestig waren.

Veel van zijn leeftijdsgenoten zijn in die tijd Servië ontvlucht. Uros heeft zelf ook wel eens met de gedachte gespeeld, maar het was nooit een serieuze optie. De Servische filmacademie is goed, zegt hij („de docenten zijn zelf actieve filmmakers, geen theoretici”), er is alleen chronisch gebrek aan geld. Een goede filmacademie in de Verenigde Staten is onbetaalbaar. Voorbeelden te over van generatiegenoten die vertrokken, nu een lullig baantje in Amsterdam of New York hebben, niet weten wat ze willen en „de hele dag op Facebook hangen en reageren op wat hier gebeurt”. „Dan leef ik liever in Servië en doe iets interessants. It’s up to you.” Frank Sinatra.

Gevolg van de leegloop van het land is wel dat veel van de mensen die in de jaren negentig tegen de voormalige president Slobodan Milosevic demonstreerden niet zijn gebleven om de veranderingen af te wachten en mee te maken. Uros ziet om zich heen vooral mensen die van dag tot dag leven en totaal niet nadenken. Dat kan van hem niet gezegd worden, al is hij geen activist. De filmproductiemaatschappij die hij met twee klasgenoten en vrienden oprichtte heet Kiselo Dete, „zuur kind”. Zo genoemd omdat de oprichters uit de drie meest vervuilde Servische steden komen, Pancevo met zijn chemische industrie en raffinaderij, mijnstad Bor en Kula in het noorden, waar de zwaar vervuilde rivier de Tisa doorheen stroomt. Het gasmasker dat in het logo is verwerkt staat op de trofeeënplank in de kast naast een Alfpopje en komische boeken van een Servische tarotkaartenlezer.

Uros’ derdejaarsfilm was ruim een jaar geleden een bescheiden hit op YouTube. Hij kreeg de opdracht een sitcom te maken en schreef tien afleveringen van een komische serie over Ratko Mladic en een groep opportunistische jongeren. De pilotaflevering van ‘Mladici’ (jongelui), gemaakt met een budget van 100 euro, is ruim 100.000 keer bekeken.

Twee studenten mogen in het filmpje gratis in een appartement in Belgrado wonen, als ze de wegens oorlogsmisdaden gezochte oud-generaal als huisgenoot voor lief nemen. Daar hebben ze geen enkel moreel probleem mee, maar Mladic, een dik geworden oude chagrijn die nooit buiten komt, is niet makkelijk om mee samen te wonen. Hij kijkt veel tv, drinkt bier en probeert de jongens te commanderen. Als ze op een feestje de muziek te hard hebben staan belt hij zelfs de politie. Geregeld hangt de regering aan de lijn met de vraag of hij al bereid is zich over te geven. In een van de niet verfilmde afleveringen is Mladic zijn huisgenoten zelfs zo zat dat hij naar Den Haag wil, maar dan smeken zij hem om te blijven, want anders verliezen ze hun flat en moeten ze weer bij hun ouders gaan wonen.

Eerdere delen via aanklikbare kaart op nrc.nl/buitenland