Solistisch acteur met borende blik

Necrologie

„Uiteindelijk gedij ik het best in mijn eentje”, zei Henk van Ulsen. Hij speelde bij gezelschappen tal van rollen, maar maakte solo de meeste indruk.

Ze moesten niet denken dat hij oud en der dagen zat was, zei Henk van Ulsen op zijn tachtigste. Toen hij in 2006 moest concluderen dat hij de tekst van zijn toneelsolo Dood in Venetië niet meer in zijn hoofd kreeg, ging hij tóch met die voorstelling op tournee – lezend uit een tekstboek. De kritieken overlaadden hem met lof.

En hoewel hij in 2008 zijn rol in Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan om gezondheidsredenen moest teruggeven, heeft hij dat jaar wel het luisterboek naar Couperus’ roman voorgelezen. Tot op de dag van vandaag was hij nog de stem van de Delta Lloyd-reclame. Maar gistermiddag is Henk van Ulsen in zijn woonplaats Bussum overleden. Hij is 82 jaar oud geworden.

„Ik weet niet wat ik moet worden”, schreef de in Kampen geboren Van Ulsen op zijn achttiende aan een vriend. Er was hooguit de vage gedachte aan een theologiestudie die hem tot dominee zou maken.

Een paar maanden later zag hij echter een advertentie van de Amsterdamse toneelschool, die „adspirant tooneelisten” zocht voor de opleiding. En toen hij daar in 1949 cum laude was geslaagd, kreeg hij meteen grote rollen te spelen.

Van Ulsen begon bij de Nederlandse Comedie, waar hij zijn geraffineerde talent onder meer demonstreerde als sensitieve zoon in De dood van een handelreiziger van Arthur Miller en als een listige, lenige Puck in de Shakespeare-komedie Een midzomernachtdroom.

Voor de hiërarchie van zo’n groot toneelgezelschap was Van Ulsen echter veel te eigenzinnig. Al in 1956, toen alle collega’s nog in vaste dienst waren, werd hij freelance-acteur.

Hij speelde rollen op het scherp van de snede in het modernistische repertoire van Ionesco en Pinter.

Vervolg Van Ulsen: pagina 7

Platte rol bezorgde Van Ulsen veel pret

Ook werkte Van Ulsen in de geëngageerde cabaretgroep Tingel Tangel van Sieto Hoving, en in Pension Hommeles, de eerste tv-serie van Annie M.G. Schmidt. Van Ulsen zong daarin de oerversie van het charmante liedje Ik zou je het liefste in een doosje willen doen.

In 1965 volgde het indringende Dagboek van een gek, zijn grootste solosucces dat hij nadien nog vele malen heeft hernomen – allengs minder barok en steeds meer verinnerlijkt. De spanning van die voorstelling school in de telkens verschuivende balans tussen de waanzin en de vlagen van verstandelijkheid.

Het solotoneel bleek zijn grootste kracht te zijn. „Uiteindelijk gedij ik het best in mijn eentje”, zei hij vorig jaar in het boek Henk van Ulsen solist van Ineke Jungschleger.

Ook werkte hij vaak als voordrachtskunstenaar, waarbij hij soms van siersprekerij werd beschuldigd.

Toen hij eens een gedicht van M. Vasalis voordroeg in haar aanwezigheid, verzuchtte zij achteraf: „Zo erg kan ik het toch niet bedoeld hebben.”

Terugblikkend beaamde Van Ulsen tegenover zijn biografe trouwens dat hij inderdaad wel eens louter op zijn toneelspelerstechniek had gewerkt: „Ik merk dat ik met minder toe kan dan vroeger.”

Maar intussen werden hem menigmaal prijzen toegekend, waaronder twee keer de Louis d’Or en zelfs een Edison Classique. Veel bijval kreeg hij bovendien als geestdriftig propagandist voor het werk van de Kampense schilder Jan Voerman.

Het ligt voor de hand een parallel te zien tussen de solistische Henk van Ulsen en de outsidersrollen waarin hij op zijn best was. Zijn eigen koers bleek ook uit de uiteenlopende genres die hij beoefende.

Zo speelde hij in 1972 met zichtbare pret een platvloerse vertegenwoordiger in de controversiële Fred Haché Show van Wim T. Schippers en consorten, die de meeste acteurs een gruwel was wegens het nadrukkelijke amateurisme.

Ook zong en speelde hij in de jaren zeventig in een theatervoorstelling met Jacques Brel-nummers.

Van Ulsen maakte zich tot een markant acteur die indruk maakte door de borende blik die hij in zijn ogen kon leggen en de uiterste precisie van zijn tekstbehandeling. Hij was veelzijdig, maar altijd herkenbaar.