Jonge managers leggen een beroepseed af - waar zijn de oude?

De zittende generatie managers moet nog wennen aan het idee dat je een beroepseed zou moeten afleggen, maar het jonge volk is al zo ver. In het kielzog van de financiële crisis van 2008 was er al veel te doen over het gedrag van een aantal topbestuurders en bankiers, wat enkele docenten van de Harvard Business School ertoe bracht te bepleiten dat management nu toch eindelijk een professie zou moeten worden, met beroepseed en al.

Een aantal van hun studenten heeft, voorafgaand aan hun afstuderen in juni van dit jaar, dit pleidooi en de voorgestelde eed overgenomen. „Wij hebben er genoeg van bekend te staan als de minst gerespecteerde beroepsgroep in Amerika”, verklaarde initiatiefnemer Max Anderson. Zij hoopten te bereiken dat 10 procent van het afstudeerjaar zich achter de eed zou scharen. Het werden er bijna 500, meer dan de helft van het totaal, en ook op andere businessschools werd het initiatief overgenomen. Intussen zijn er 1.538 ondertekenaars en allemaal staan ze met naam en toenaam op http://mbaoath.org.

Dat ze zo te vinden zijn, hoort erbij. Een eed leg je niet af in beslotenheid, maar ten overstaan van een gemeenschap. De gemeenschap van business is de hele wereld en dus is het terecht dat je je twee vingers of je hand opsteekt op de meest publieke marktplaats die er is, het wereldwijde web. Je verplicht je, je laat je kennen en je verklaart je bereid op je gelofte te worden aangesproken. En daarin ligt natuurlijk ook het spannende. Want hoe is dat in de zomer van dit jaar gegaan, toen deze jonge MBA’s zich in een moeilijke arbeidsmarkt meldden bij instellingen als Goldman Sachs en Citigroup? „Zo jongeman/jongedame, ik lees op deze site dat je wilt werken aan duurzame welvaart ten bate van de gemeenschap. Toevallig zitten wij in zwaar weer en hebben wij kortetermijnresultaten nodig voor dit bedrijf. Ik denk niet dat wij veel aan elkaar zullen hebben, goedendag.” De lijst is een schifting. Het zijn de niet-ondertekenaars die we de komende tijd in de gaten moeten houden.

Persoonlijke waarden en ondernemingsbelangen gaan vaak goed samen, maar soms niet. Dat is te zien aan het aantal toplieden dat zich pas na hun vertrek of pensionering vrij voelt iets te zeggen over wat volgens hen goed is voor land en samenleving. Waarom zeiden zij dat niet eerder, toen zij nog wat te zeggen hadden? Ik heb wel eens gespeculeerd dat er in orga-nisaties een krachtenveld heerst, een soort magneetveld dat sterker wordt naarmate je de bestuursverdieping nadert. Hoe dichter je bij dat centrum komt, des te meer raakt je eigen kompas ontregeld. Het richt zich steeds minder naar de magnetische noordpool van je eigen overtuigingen, die houvast bood toen je nog buiten stond, maar naar het magneetcentrum van het ondernemingsbelang. Macht vertekent.

Dat is te sinister, te veel voodoo, vond een vriend van me aan wie ik dit voorhield. Als je in een bedrijf wekt, houd je niet op jezelf te zijn. Je wordt alleen daarnaast ook vertegenwoordiger en mandaathouder van je organisatie. Dat wordt sterker naarmate je hoger komt. Dat levert de paradox op dat je steeds minder vrij wordt naarmate je meer macht krijgt.

Het mooie van die jonge MBA’s is dat ze nog nergens bij horen. Ze hebben nog geen macht, verantwoordelijkheid of mandaat, en kunnen dus op eigen kompas besluiten dat ze op die mooie Harvard-campus hun eed willen afleggen. Dat gaat wringen als ze straks in de sfeer van bedrijfsbelangen komen, maar daar hoeven ze zich nu nog niet door te laten leiden.

Zijn deze jongelui hiermee naïef, houden ze zichzelf voor de gek? Misschien, maar niet meer dan de man aan de top van het bedrijf waar ze straks gaan werken. Zij kennen vooral hun buitenkompas, hij het binnenkompas. Alleen krijgen de jongeren vanzelf te maken met het binnenkompas en zijn afwijking; voor de bestuurder daarentegen is het veel moeilijker zicht te houden op het buitenkompas. En dat is wel het kompas dat wijst naar het echte noorden van de persoonlijke motivatie.

Cursussen en opleidingen zijn in de meeste organisaties vanzelfsprekend. Die dienen het be-drijfsbelang; ze leren mensen die aan het buitenkompas gewend zijn te werken met het binnenkompas. Zeker net zo belangrijk is het dat de mensen aan de top hun uitzicht op de buitenwereld in orde te houden. Zij lopen het grootste risico het binnenkompas als enige bron van koersinformatie te gebruiken. Een blik op het buitenkompas vertelt hun waar het noorden ook alweer was, en waar het om ging voordat het bedrijfsbelang de dienst ging uitmaken.

Dit jaar zijn er alleen al in de Verenigde Staten meer dan 100.000 MBA-diploma’s uitgereikt, twee keer zo veel als artsen- en juristendiploma’s bij elkaar. 1.538 eedafleggers vormen dan natuurlijk een onbetekenende minderheid, al maakt de toonaangevende rol van Harvard misschien een verschil. Meer dan de helft van de ondertekenaars komt al van andere universiteiten. Afgestudeerden van Nijenrode, Rotterdam of andere Nederlandse MBA-opleidingen komen op de lijst niet voor. Ook is de eed vertaald, maar niet in het Nederlands. Misschien moet dat nog komen.

Bij de ondertekenaars staan ook mensen die hun MBA-diploma al lang geleden hebben behaald; de oudste in 1943, en velen ook in de jaren 80. Dat wijst op mensen die al lang in de sfeer van bedrijfsbelangen werken en de waarde van persoonlijke drijfveren willen herbevestigen. Het was Jamie Dimon, de topman van JPMorgan Chase, die dit jaar bij de diploma-uitreiking op Harvard de verse MBA’s uitzwaaide met een toespraak over waarden en verantwoordelijkheid. Hij is zelf van jaargang 1982 en had de eed zo kunnen ondertekenen.