Irrationaliteit

De hang van mensen naar irrationaliteit en mystiek blijft wonderlijk. Dat Neanderthalers daar troost en steun aan ontleenden kan ik mij voorstellen, maar in onze maatschappij is het toch handiger om je verstand te gebruiken. De ratio heeft echter een slechte pers. Zelfs de overheid roept ons op van grote borden langs de weg “Rij Met Je Hart”. Trap het gaspedaal in als je gefrustreerd bent! Steek je vinger op tegen de medeautomobilisten! Doe maar wat je invalt. Geen wonder dat Nederlanders voortdurend tegen elkaar opbotsen.

Ik heb mijn portie irrationaliteit al weer gehad dit jaar. Ik had mij door de Universiteit van Amsterdam laten strikken om een voordracht over kwakzalverijbestrijding te houden bij de universiteitsdag. Zelf zou ik nooit een 70-plusser voor zo’n voordracht vragen. Die worden onwel of gaan dood en dan is je universiteitsdag bedorven. Ik zat daar niet mee. Ik was vereerd en schreef meteen een pittige samenvatting om duidelijk te maken hoe ik denk over kwakzalverij. Naast wetenschappelijk verantwoorde gegevens stonden daarin termen als oosterse hocus pocus (acupunctuur), westerse flauwekul (homeopathie) en alternatief gepruts.

De universiteit vond dat wel erg pittig en deed nog een poging om de tekst te kuisen. Bij een gekuiste samenvatting hoort echter een gekuiste redenaar en dat zou ik niet zijn. Zo werd mijn samenvatting toch maar afgedrukt in het programma van de universiteitsdag. Al gauw stroomden de brieven binnen. Er waren briefschrijvers die verdrietig hun lidmaatschap van de Amsterdamse Universiteits Vereniging opzegden; anderen eisten dat het College van Bestuur mijn voordracht zou verbieden. Censuur! De alternatieve genezers willen altijd dat wij met een open mind naar hun absurde behandelmethoden kijken, maar nu eisten zij censuur. Onder stress leert men zijn pappenheimers kennen.

Het meest vermakelijk vond ik

het epistel van prof. dr. Jan Keppel Hesselink, de voorzitter van de stichting IOCOB (Innovatief Onderzoek en Onderwijs van Complementaire Behandelvormen). Bij voorbaat vond hij mijn voordracht “een miskleun” en “verontreiniging in een wetenschappelijk milieu”. Hij was er zeker van dat ik mijn “fundamentalistische kreupele stokpaarden zou berijden” en “sektarische waarheden” zou verkondigen. Let wel: dit alles voor ik een woord had uitgesproken.

Zoiets onschuldigs als een universiteitsdag en dan een stroom van protestbrieven, daar was de Universiteit van Amsterdam niet aan gewend, maar het bestuur hield de rug recht. Amsterdam is robuuster dan Rotterdam, waar professoren met impopulaire ideeën, zoals Tariq Ramadan, prompt door het universiteitsbestuur worden ontslagen in een vlaag van politieke correctheid en academische lafheid. Ik kon de universiteit ook geruststellen. Actievoerders tegen dierproeven zijn niet vies van geweld, maar alternatief blijft zachtaardig. In alle jaren dat ik mijn impopulaire standpunten over kwakzalverij naar voren heb gebracht in aanwezigheid van een (joelend) publiek ben ik nog nooit bekogeld met eieren of tomaten.

Mijn voordracht in een bomvolle,

maar bomvrije Lutherse Kerk verliep dan ook zonder incident. Na afloop was er maar één mevrouw die mij toevoegde dat het goed was dat ik met emeritaat ben gegaan, omdat de universiteit behoefte heeft aan nieuwe mensen, die openstaan voor frisse ideeën. Zij heeft mij niet met haar karbies op het hoofd geslagen, ondanks mijn kritische woorden over de nieuwste ontwikkeling in de kwakzalverij, de mimicry.

De gevaarlijkste vorm van mimicry imiteert nieuwe experimentele behandelingsmethoden in de academische geneeskunde. Een karakteristiek voorbeeld is de stamceltherapie. Het is sinds kort mogelijk om somatische stamcellen te isoleren of in de reageerbuis te maken. Er is grote belangstelling in de serieuze geneeskunde voor het gebruik van zulke stamcellen (voorlopercellen) voor de vervanging van cellen in versleten weefsels, met name in hart en hersenen. De therapie is de fase van de dierproeven nog nauwelijks ontstegen. Desondanks bieden kwakzalvers, zoals de Nederlandse arts Trossel, de therapie aan voor allerlei chronische ziekten, zonder deugdelijk vooronderzoek of kwaliteitsbewaking. Radeloze patiënten worden misleid met uitvoerige medische gegevens over stamceltherapie, ontleend aan de serieuze medische literatuur, maar irrelevant voor de aangeboden therapieën. Voor leken niet te doorzien. In handen van kwakzalvers is deze experimentele therapie niet alleen peperduur en waardeloos, maar ook nog gevaarlijk, vanwege het risico op infecties en op het ontstaan van tumoren uit de stamcellen.

Een originelere en onschuldiger vorm

van mimicry vinden wij bij de CAM-artsen, de artsen die Complementary and Alternative Medicine propageren. Deze artsen hebben de ultieme vorm van mimicry bedacht: zij beweren dat ze eigenlijk evidence based geneeskunde bedrijven. Zoals hun voorman Keppel Hesselink het formuleerde in zijn woedende brief aan de universiteit: “Van de alternatieve geneeskunde is minstens zoveel bewezen als van de reguliere geneeskunde”. If you cannot beat them, join them!

Als twee professoren het radicaal oneens zijn, hoe moet de leek dan weten wie gelijk heeft? In de Lutherse Kerk riep ik daarom een derde professor aan, prof. Edzard Ernst, die voor alle partijen acceptabel zou moeten zijn als een onverdachte arbiter. Prof. Ernst is hoogleraar complementaire geneeskunde in Engeland, auteur van The Oxford Handbook of Complementary Medicine en hij is opgeleid als homeopaat. Hij heeft zelfs een tijd als homeopathisch arts gewerkt in een homeopathisch ziekenhuis in München. Vorig jaar schreef hij met wetenschapsjournalist Simon Singh Trick or Treatment, the undeniable facts about alternative medicine, Norton, New York, 2008. In dit dikke boek legt prof. Ernst eerst uit hoe je er achterkomt of een behandelwijze werkt of niet en hoe je het kaf (alternatief) van het koren (evidence-based geneeskunde) scheidt. Vervolgens past prof. Ernst de criteria voor evidence-based geneeskunde toe op het bonte palet aan alternatieve behandelmethoden. Wat blijkt? De werkzaamheid van alternatief is niet aangetoond. Prof. Ernst denkt dat acupunctuur nog zou kunnen werken bij pijn en misselijkheid (maar niet voor alle andere indicaties waarvoor het in Nederland wordt toegepast) en manuele therapie voor rugklachten (maar niet voor schizofrenie of autisme). Ik vind dat nog te optimistisch, maar daar gaat het hier niet om. De essentie van de analyse van prof. Ernst is dat wij bijna de hele alternatieve handel bij de vuilnisbak kunnen zetten, inclusief de homeopathie.

In mijn lange, saaie, academisch

onderbouwde voordracht ben ik natuurlijk ook ingegaan op de sociale, juridische en medische kanten van alternatief. Hoe gevaarlijk is het? Hoe krijgen wij de schurken en prutsers veroordeeld door de medische tuchtrechter? Hoe maken wij mensen weerbaarder tegen kwakzalvers? Het blijft sisyfusarbeid. Als een omroep als SBS6 de malafide lepelbuiger en oplichter Uri Geller opvoert als haar icoon (‘Wie wordt de nieuwe Uri Geller?’), waarna diezelfde Uri Geller nog een keer mag optreden als een serieuze, paranormaal begaafde gast in het VARA-programma van Pauw en Witteman, dan kun je daar als columnist niet tegenop tornen. De mens is tot zonde geboren en zwelgt in irrationaliteit en mystiek. Wij worden pas van deze puberale acné verlost als de balsem van de wetenschap diep in onze poriën doordringt.