Alleen al het mondkapje maakt het erg

Na twee weken trekt de zogeheten grieppoli in Amsterdam zo’n vijftig mensen per dag. Slechts één op de tien heeft Mexicaanse griep. „Normaal geven we u een hand, maar nu niet.”

Ze had alle klachten die horen bij Mexicaanse griep, zegt Marlinde Caspers in de grieppoli van het Slotervaartziekenhuis in Amsterdam. Gedempt door haar mondkapje somt ze op: „Hoesten, een zere keel, loopneus, spierpijn, slijm.” Ze had koude rillingen en voelde zich zwaar misselijk.

Toen ze haar baas, een fotograaf, vertelde dat ze misschien de Mexicaanse griep had, deinsde hij twee stappen achteruit. „Ik heb het niet tegen mijn ouders of mijn vrienden verteld, want dan schieten ze in paniek.” Na wat surfen op internet besloot Caspers naar de grieppoli van het Slotervaartziekenhuis te gaan.

Twee weken geleden opende dit ziekenhuis als enige in Nederland een grieppoli, gevestigd naast de afdeling spoedeisende hulp. Bij de ingang hangen bussen met speciale zeep om besmetting te beperken en elke bezoeker moet een mondkapje om doen. Per dag komen er gemiddeld vijftig mensen die vermoeden dat ze Mexicaanse griep hebben. Maar na een test blijkt dat slechts één op de tien te zijn.

Op de uitslag van de test moeten bezoekers een dag wachten, maar als Caspers na tien minuten terugkomt, weet de arts het bijna zeker: ze heeft niet de Mexicaanse griep. „Ik ben neusverkouden”, zegt ze. Ze voelde het aankomen, want ze had maar 38 graden koorts. Ze is blij, omdat ze voor de zekerheid tot morgenmiddag moet wachten op de uitslag van de test. „Lekker twee dagen thuis! Lekker even uitrusten.”

De onrust onder de bevolking is groot, vindt huisarts Co Diemel in Arnhem. Zeker één op de tien telefoontjes die hij krijgt, gaat over de Mexicaanse griep. Zo werd Diemel gebeld door iemand die zich kerngezond voelde en vroeg: ‘Een man in mijn straat heeft de Mexicaanse griep: wat moet ik doen?’ Achteraf valt het altijd mee. Diemel hoort na zo’n telefoontje bijna nooit iets. Hij doet nog geen test per week en schrijft maar één keer per week virusremmer Tamiflu voor. Gisteren leken de laatste landelijke cijfers te duiden op zelfs een afname van de griep: afgelopen week werden zes mensen in een ziekenhuis opgenomen met het Mexicaanse virus, tegen respectievelijk 12 en 34 in de twee weken ervoor.

De autoriteiten zorgen voor nervositeit, vindt bestuurder en internist Dees Brandjes van het Slotervaartziekenhuis. „Minister Klink koopt voor alle Nederlander twee vaccins en viroloog Ab Osterhaus preekt hel en verdoemenis. Ze jagen iedereen de boom in. We hebben hier mensen in totale paniek bij de grieppoli gehad. Zoals een man die dacht dat hij zijn zwangere vrouw zou besmetten.”

Ook Chantal Dekker besloot een bezoek te brengen aan de grieppoli. Ze heeft al twee dagen onder andere een droge hoest en 38,4 graden koorts. Haar huisarts zei haar een week thuis uit te zieken, maar ze is toch gegaan omdat een vriendin van haar de Mexicaanse griep heeft. „Ik schrok toen ik dat hoorde, hoewel ze op het oog een normale griep heeft. Op het werk zeiden ze dat ik me maar moest laten testen.” De arts op de poli verwelkomt haar: „Normaal geven we u een hand, maar nu niet.” Hij meet de temperatuur in haar oor: 36,7 graden. Dekker verbaast: „Oh, dat is weer normaal!”

Brandjes van het Slotervaartziekenhuis vindt niet dat hij met zijn grieppoli de onrust vergroot. Het aantal gevallen van de Mexicaanse griep mag laag zijn, maar hij haalt er ook andere kwalen en virussen uit. Ongeveer de helft van zijn bezoekers mankeert niets. „Daarom is die poli juist goed”, zegt Brandjes. „Want de huisartsen adviseren hen volgens de RIVM-richtlijn een week thuis te blijven. Die mensen zitten dus allemaal voor Piet Snot thuis.”

Met de grieppoli negeert Brandjes adviezen van het RIVM en het ministerie van VWS. „We weigeren te zeggen tegen mensen die ongerust zijn: ‘Ga maar naar huis, zoek het maar uit’. Wij artsen hebben op de school geleerd een diagnose te stellen. En de patiënt vraagt er om: moeten we hem dan niet helpen? Ik dacht dat we er ooit een eed over hadden afgelegd.”

Brandjes vindt dat RIVM-directeur Roel Coutinho op de stoel van de ziekenhuizen ging zitten door te ontraden een diagnose te stellen voor niet-risicogroepen. „Dan ben je ver van huis! Het is het slechtste advies dat ik ooit heb gehoord. Die patiënt komt toch niet voor zijn lol hier? Hij heeft er recht op. Hij betaalt hiervoor verzekeringspremie en dan zouden we moeten zeggen dat hij zich niet mag laten onderzoeken. Dat is toch de limit!”

Chantal Dekker is teleurgesteld als ze van de arts hoort dat ze morgen pas de test-uitslag hoort. Voordat ze naar huis gaat, wast ze haar handen uitvoerig. „Het schijnt erg besmettelijk te zijn. Ik wil mijn vader, die heeft het aan zijn hart, niet ziek maken. Het klinkt zo ernstig: Mexicaanse griep. Het voelt ook zo erg met een mondkapje op.”