Zevende titel lonkt voor hockeysters

Op het EK wonnen de Nederlandse hockeysters de halve finale van Spanje. Morgen wacht de finale tegen Duitsland. De kans is volgens de statistieken groot dat Nederland wint.

Na precies 273 minuten EK-hockey kregen de Nederlandse vrouwen gistermiddag hun eerste tegenslag te verwerken. Tot tranen leidde dat niet in het Wagener Stadion in Amstelveen. Zeven minuten voor het einde van de halve finale was de Spaanse aanvoerster, Nuria Camon, de eerste die keepster Fleur Engels deze week wist te passeren, uit een strafcorner. Maar de treffer was voor Spanje niet meer dan een doekje voor het bloeden. Nederland had in het uur dat eraan vooraf was gegaan al vijf keer gescoord – en was daarmee nog mild geweest voor de tegenstander.

Eén wedstrijd voor de finale vertellen de cijfers 29-1 eigenlijk het hele verhaal van het Europees kampioenschap voor vrouwen. De combinatie staat voor het doelsaldo van de Nederlandse ploeg, regerend olympisch en wereldkampioen. Na de groepswedstrijden tegen Azerbajdzjan (10-0), Engeland (5-0) en Rusland (9-0) was dus ook de halve finale tegen Spanje – nummer zeven op de wereldranglijst – vooral interessant voor statistici.

Maar ook voor liefhebbers van snel en technisch hockey. Want het zou de Nederlandse ploeg tekort doen het verloop van het toernooi louter toe te schrijven aan het gebrek aan tegenstand. Natuurlijk hebben landen als Azerbajdzjan en Rusland weinig op een EK te zoeken waaraan ook Nederland deelneemt, maar het demonstratiehockey dat de ploeg van bondscoach Herman Kruis gistermiddag tegen Spanje een uur lang liet zien was bij vlagen van uitzonderlijk niveau. De derde treffer, bijvoorbeeld, na een klein half uur spelen, kwam tot stand na een razendsnelle combinatie in de cirkel tussen Eva de Goede, Ellen Hoog, Marilyn Agliotti en weer Ellen Hoog, voordat de bal via de stick van Vera Vorstenbosch in het doel verdween.

Kruis zag het tevreden aan. Dankzij de monsteruitslagen van zijn getalenteerde groep heeft de trainer er deze week de grootste moeite mee publiek en media ervan te overtuigen dat hij bezig is met een echte titelstrijd waarin echte medailles worden uitgereikt, en waarin dus elke tegenstander serieus moet worden genomen. Zo waarschuwde hij voor het toernooi voor de sterke wapens van de teams van Azerbajdzjan en Rusland. En gisteren had Kruis in de eerste tien minuten van het duel met Spanje wel degelijk nervositeit bespeurd in de rangen.

Als de statistieken het beeld niet vertekenen heeft Nederland morgenmiddag opnieuw een levensgrote kans de Europese titel binnen te slepen. De Nederlandse hockeysters wonnen het EK sinds de introductie in 1984 zes keer. Van de 56 wedstrijden die Nederland de afgelopen 25 jaar op EK’s speelde, won het er 49. De ploeg verloor in al die jaren vier keer. En slechts twee keer was Nederland niet de eindwinnaar. In 1991 ging het goud naar Engeland, en twee jaar geleden was Duitsland in Manchester in de finale te sterk voor de ploeg van Lammers.

Dat is precies de reden waarom diens opvolger de ploeg van begin tot eind scherp wil houden. Twee jaar geleden sloeg in Manchester het noodlot toe toen strafcornerspecialist Maartje Paumen in het laatste groepsduel een ernstige knieblessure opliep. Mede daardoor ging Duitsland er met de titel vandoor.

Deze week leek het er even op dat de geschiedenis zich herhaalde, toen Paumen tegen Rusland keihard op haar duim werd geraakt. Maar de schade viel mee.

Bovendien is Nederland in elk geval in Europa zo dominant dat haar corner nauwelijks van invloed is op de uitslagen. Gisteren tegen Spanje kwamen de doelpunten van de sticks van Agliotti, Vorstenbosch (drie keer) en Naomi van As. Twee treffers van Vorstenbosch kwamen indirect voort uit corners.