Toneel en dans

‘Teorema’ van Toneelgroep Amsterdam Foto Jan Versweyveld Hier: Chico Kenzari Versweyveld, Jan

Weinig Shakespeares dit jaar, sowieso weinig klassiek repertoire. Wederom grijpen de regisseurs liever naar een goed boek of een bekende film. Heersend onderwerp: de Europese bourgeois in crisis.

Guy Cassiers komt met de bewerking van de romans De man zonder eigenschappen van Robert Musil, en Onder de Vulkaan van Malcolm Lowry, over een Britse consul die zich naar de dood drinkt.

Je kunt je natuurlijk ook doodéten. Johan Simons kan putten uit de spelersgroepen van Toneelgroep Amsterdam en NTGent voor zijn grootse bewerking van de film La Grande Bouffe, over de bourgeois die eetlust paart aan doodsdrift.

Simons regisseert ook nog Underground, twee stukken over de kredietcrisis van Elfriede Jelinek; en Was will das Weib. Els Dottermans beschouwt de Vrouw met damesliedjes en teksten van Connie Palmen.

Ivo van Hove’s Toneelgroep Amsterdam brengt een bewerking van de film Teorema van Pasolini. Maar Van Hove doet ook weer eens gewoon repertoire, de komedie Zomertrilogie van Goldoni.

Nog meer boeken op toneel: Tirza van Grunberg door het Nationale Toneel; De gebroeders Karamazov van Dostojevski door het Ro Theater; Dante’s Goddelijke Komedie en Coelho’s Elf minuten door het Noord Nederlands Toneel, over een vrouw die haar lichaam veil biedt.

Gelukkig worden ook nog nieuwe Nederlandse toneelteksten opgevoerd. Rob de Graaf maakt een stuk over de van strandmoord verdachte Joran van der Sloot: Joran aan de zee. Lot Vekemans brengt in Gif twee exen samen bij het graf van hun kind. Wanda Reisel kijkt in Poeskafee hoe het gaat met de selfkickers uit de seventies.

Het Nederlands Dans Theater viert zijn 50-jarig jubileum met het programma 50 Years of Challenging Dance, met nieuw werk van Jiri Kylián, Johan Inger en Lightfoot León. In Beyond Time danst NDT I drie klassiekers van Kylián en Hans van Manen. Opus 589 & 590 bevat werk van Lightfoot León en Chrystal Pite op nieuwe muziek van Philip Glass.

Het Nationale Ballet wijdt drie programma’s aan de erfenis van dansvernieuwer Georges Balanchine. Werk van de meester zelf wordt gekoppeld aan dat van volgelingen, en daar weer de volgelingen van: Van Manen, Forsythe, Wheeldon, Fonte, Pastor, Dawson. Krzysztof Pastor maakt Nijinski - God of the Dance, een groot ballet over de grote danser Vaslav Nijinski.