KAMPEREN

KAMPEREN Rintje illustratie SIEB POSTHUMA Posthuma, Sieb

‘Ik ga kamperen”, zegt Tobias als hij uit school komt.

„Maar je bent veel te klein om alleen in een tent te slapen”, zegt zijn moeder.

„Je hoeft je geen zorgen te maken”, zegt Tobias. „Het is bij Rintje in de tuin!”

„Nou vooruit”, zegt de moeder van Tobias. „Maar neem wel een warme deken mee, want ’s nachts kan het heel koud worden!”

Tobias pakt het dekentje uit zijn mand en stopt hem in zijn rugzak. „Tot morgen!” roept hij.

Als hij bij Rintjes huis aankomt is Rintje al in de tuin. Hij is samen met Henriette de tent aan het opzetten.

„Goed dat je er bent, Tobias”, zegt Rintje. „Dan kun je ons mooi even helpen. Ik neem deze stok en kruip dan in de tent, om de achterkant op te zetten. Dan moeten jullie de voorkant goed vasthouden!”

Als de tent even later staat, lopen de drie vriendjes naar binnen. Daar staat de moeder ven Rintje in de keuken. Ze maakt de heerlijkste dingen klaar en stopt ze allemaal in een grote picknickmand.

„Jullie moeten natuurlijk ook eten in de tent”, zegt mama. „Ik doe er ook alvast een ontbijtje in voor morgenochtend!”

„Even goed denken of we nu alles hebben”, zegt Rintje. „We hebben slaapzakken, een zaklantaarn, en een boek om te lezen en we hebben spelletjes en de bal mee!”

„Ik heb mijn schone strikjes, mijn spiegel en de borstels om mijn vacht te kammen”, zegt Henriette.

„Dan wordt het nu tijd om afscheid te nemen”, zegt mama. „Veel plezier!”

Als Rintje, Henriette en Tobias iets gegeten hebben en een beetje in het gras hebben gespeeld, begint het langzaam donker te worden.

„Het wordt tijd om de tent in te gaan”, zegt Rintje.

„Ik vind het toch best een beetje eng”, zegt Tobias als ze alledrie in hun slaapzak liggen.

„Ik ook”, zegt Henriette.

„Er is niks om bang voor te zijn”, zegt Rintje. „Want we zijn vlak bij mijn huis.”

Eerst liggen ze nog een hele tijd te kletsen, maar dan vallen ze in slaap.

Midden in de nacht wordt Rintje wakker. Er wordt aan zijn oor getrokken!

„Wakker worden!” zegt Henriette. „Er staat iemand met een lamp voor de tent!”

Nu wordt Tobias ook wakker. En inderdaad schijnt er een licht in de tent naar binnen.

„Ik ben bang”, trilt Tobias.

„Ik ga wel kijken”, zegt Rintje. Maar ook zijn stem trilt een beetje. Heel voorzichtig doet hij de rits van de tent open en sluipt naar buiten. Henriette en Tobias durven niet te kijken. Even later komt Rintje terug met een grote lach op zijn gezicht. „Er is helemaal niks engs!” zegt hij. „Kom maar kijken!”

Als Henriette en Tobias heel voorzichtig mee naar buiten gaan zien ze waar het licht vandaan kwam. De volle maan!

„Wat mooi!” zuchten ze alle drie.

„En nu weer lekker slapen”, zegt Rintje. Een paar minuten later klinkt er weer een tevreden gesnurk uit de tent.