De ogen van de soldaten smolten in hun kassen

John Hersey: Hiroshima. Vertaald door Catalien van Paassen en met een nawoord van H.J.A. Hofland. Meulenhoff, 188 blz. € 18,95*****

Op 31 augustus, een jaar later na het vallen van de atoombom op Hiroshima en Nagasaki kan de wereld via een speciaal nummer van het tijdschrift The New Yorker kennisnemen van wat zich onder de paddestoel boven Hiroshima afspeelde. Journalist John Hersey (1914-1993), die later genoemd zal worden als een van de grondleggers van New Journalism, reconstrueert het inferno via zes overlevenden. The New Yorker is die dag binnen enkele uren uitverkocht.

Het verhaal, dat daarna al snel in boekvorm zal verschijnen, wordt decennia later door de New York University uitgeroepen tot het beste journalistieke boek van de twintigste eeuw. Een laatste hoofdstuk, ‘De nasleep’, schreef Hersey toen hij na veertig jaar de zes hoofdrolspelers opnieuw opzocht.

Met Hiroshima gaf Hersey slachtoffers van de bom een gezicht. Het is, zo schrijft Henk Hofland in een nawoord bij de laatste druk, op de eerste plaats een politiek boek geweest: sinds dit boek kan geen politiek leider meer volhouden dat hij geen weet had van de gevolgen van het inzetten van een atoomwapen. Informatie bij wijze van zet op het schaakbord.

Hiroshima is 63 jaar na verschijning nog steeds imponerend. Voor een groot deel komt dat natuurlijk door de verschrikkingen die Hersey zo gedetailleerd uit de monden van de overlevenden optekende. Zo heeft in Hiroshima bijvoorbeeld niemand een knal gehoord op het moment dat de bom afging, want er was alleen maar een ‘geluidloze flits’. Door de vrijgekomen hitte van de bom losten veel mensen vrijwel meteen op: ze verdampten simpelweg en er is nooit meer een kruimel van ze teruggevonden. De ogen van Japanse soldaten die in de richting van de lichtbron keken smolten in hun kassen.

De kracht schuilt in de manier waarop Hersey alles opschreef. Allereerst voel je als lezer de overweldigende – zonder dat dit woord ook maar ergens in het boek valt – uitwerking van een atoombom op mensenlevens. Het voorstellingsvermogen lijkt tekort te schieten bij wat er is gebeurd. Het is te veel geweest, want in plaats van ontredderd of woedend lopen de mensen verdwaasd en verdoofd rond. Mensen sterven in stilte, zonder te klagen. Herseys beheerste, kale stijl – waar hij bewust voor koos, zo zou hij later in een interview vertellen – is ideaal voor het schetsen van de beschamende gevolgen van een massavernietigingswapen, ingezet tegen burgers.

Sebastiaan Kort