Vier keer de bibliotheek

Geen vrije computer meer te bekennen, wachtrijen voor de koffieautomaat, prullenbakken met lege Redbull-blikjes. Het is (her)tentamenperiode in de gemiddelde universiteitsbibliotheek. Veel studenten hebben zulke kleine kamertjes dat ze voor het echte stampwerk naar de bibliotheek verhuizen.

Nederland telt dertien universiteitsbibliotheken (UB’s), die samenwerken met de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag. De oudste UB van Nederland is die van Leiden, opgericht in 1575. De grootste UB van dit moment stamt uit 1877: de bibliotheek van de Universiteit van Amsterdam.

Een UB is vaak een overkoepelend orgaan voor alle faculteitsbibliotheken van een universiteit. Die hebben vakliteratuur, en zitten vaak verspreid door de stad. De centrale vestiging van de UB biedt over het algemeen veel studeergelegenheid. Zo heeft de UB Maastricht ongeveer 1.500 studieplekken, waarvan bijna 750 met een computer. Maar in tentamenperiodes is dat meestal te weinig. Om het tekort aan studieplekken in die drukke weken terug te dringen verlengt de UB Utrecht haar openingstijden. Tijdens de leerweken is de UB tot twee uur ’s nachts open.

Het aantal boeken en tijdschriftabonnementen verschilt per UB. De collectie van de Universiteitsbibliotheek Utrecht bestaat uit ongeveer 3,5 miljoen boeken, 7.000 gedrukte tijdschriftabonnementen en 10.000 digitale tijdschriftabonnementen.

In Delft is de UB aan het transformeren naar een Library Learning Centre. „Van een plek waar je in je eentje in stilte studeert naar een soort huiskamer”, legt Renske van der Zwaard van de TU Delft Library uit. Er worden niet alleen veel nieuwe werkruimten voor groepen gecreëerd, ook de huisregels zijn aangepast. Van der Zwaard: „Buiten tentamenperiodes mag je bij ons praten, bellen, eten en drinken. Een bijzondere ontwikkeling in bibliothekenland.”

Maite Vermeulen

Op deze pagina’s wordt twee weken lang het studentenleven in beeld gebracht.