Gesloten luchthaven kan de grootste worden

Wordt de luchthaven in Twente heropend? In Oldenzaal zijn ze er niet gerust op. Wij krijgen de lasten, terwijl Enschede de lusten krijgt, zegt een wethouder.

Het vliegveld van Twente een jaar voordat het in 2007 werd gesloten. "Het is de afgelopen jaren nooit wat geworden", zeggen tegenstanders. (Foto Eric Brinkhorst) enschede luchthaven" twente airport " foto eric brinkhorst Brinkhorst, Eric

Plotseling klinkt rumoer in de zaal. 1,2 miljoen vliegtuigpassagiers per jaar, met een mogelijkheid tot groei naar 2,4 miljoen. 13.000 vliegbewegingen per jaar. Tientallen vliegtuigen per dag op misschien maar 150 meter over hun hoofd. Dat willen de aanwezigen niet.

Circa 350 Oldenzalers werden gisteravond in een partycentrum bijgepraat over de plannen voor de ontwikkeling van het lommerrijke gebied (500 hectare) tussen Enschede, Hengelo en Oldenzaal. Middenin ligt de eind 2007 gesloten militaire vliegbasis, waar sindsdien, vanwege het ontbreken van een exploitant, ook geen burgerluchtvaart meer mogelijk is. Het gemeentebestuur van Enschede, Gedeputeerde Staten van Overijssel en het Rijk hebben onlangs hun voorkeur uitgesproken voor heropening van de luchthaven.

En dat stuit op verzet in Oldenzaal. Hoeveel „drek” komt er straks naar beneden? En: „Onze rust wordt verstoord.” „Als zich geen exploitant zou aandienen voor de luchthaven, en die kwam er niet, dan zou per 1 januari 2008 de stekker eruit gaan. Maar nu zitten we hier weer”, zegt iemand. De aanwezigen voelen zich „belazerd”. Ze zetten vraagtekens bij de cijfers en rekenmodellen. Ze verwijten de plannenmakers „mistig” taalgebruik.

Emeritus hoogleraar economie Arnold Heertje, die te gast is bij deze gesprekronde, wakkert de emoties bij het publiek nog wat verder aan: economie is meer dan financiën en werkgelegenheid. Economie is ook natuur, milieu en leefbaarheid. Hij pleit voor een beoordeling van de plannen door het Centraal Planbureau.

Applaus, afgewisseld met hoongelach, markeert de stemming onder de aanwezigen. Af en toe loopt iemand boos de zaal uit. Het onderwerp luchthaven ligt gevoelig in Twente: elk krantenbericht leidt tot een stroom van venijnige reacties van voor- en tegenstanders.

Critici die niet aanwezig zijn, zoals partijvoorzitter Henk Nijhof uit Hengelo en Sarine Inckel van de Commissie Overleg Voorlichting en Milieuhygiëne Vliegbasis Twenthe (COVM), hebben het gevoel dat in het plan „naar conclusies is toe geredeneerd”.

Nijhof: „Er is gegoocheld met cijfers. Elke kleur is goed, als het maar zwart is. Ik moet nog zien of er een ondernemer is die de exploitatie aandurft. Het is de afgelopen jaren nooit wat geworden, ondanks verwoede pogingen en overheidssteun, terwijl de burgerluchtvaart toen nog kon meeliften met de faciliteiten van het ministerie van Defensie.”

Inckel ontdekte dat de geluidscontouren in het plan veel groter zijn dan die van andere regionale luchthavens in Nederland. Twente gaat uit van een geluidsruimte van 11 vierkante kilometer, terwijl Eindhoven 4,1 vierkante kilometer heeft, en Rotterdam 6,5. Inckel concludeert: Twente kan de grootste regionale luchthaven van Nederland worden. Er is op deze manier geen rem op de komst van luidruchtige toestellen, en geen rem op de komst van opleidingscentra, die vaak veel vliegbewegingen en dus overlast veroorzaken.

Tegenstand is er ook bij bestuurders net over de grens met Duitsland. Burgemeester Volker Pannen van het toeristische Bad Bentheim: „Wij zijn al driehonderd jaar een kuuroord. Wij kunnen ons geen geluidsoverlast veroorloven, niet voor onze toeristen, niet voor onze bevolking.”

Op hemelsbreed 66 kilometer van Enschede ligt de luchthaven FMO (Flughafen Münster Osnabrück, met ongeveer 1,6 miljoen passagiers per jaar). Heropening van de luchthaven in Twente is daarom „zinloos en niet slim”, vindt Jürgen Hartmann, woordvoerder van Landkreis Grafschaft Bentheim. Hij spreekt ook namens de Landkreis Osnabrück, de Kreis Steinfurt en de steden Münster en Osnabrück, belanghebbenden in de Duitse luchthaven. „De luchthavens in Enschede en Münster zullen zo sterk met elkaar moeten concurreren, dat ze allebei misschien niet overleven.”

Heertje en luchtvaartanalist Hans Heerkens van de Universiteit Twente, gisteren ook te gast in Oldenzaal, denken er net zo over. „Absurd, twee luchthavens zo dicht bij elkaar”, zegt de een, „onverstandig” vindt ook de ander.

Het college van B en W van Oldenzaal heeft al besloten niet mee te werken aan het plan. Wethouder Ben Hudepohl (PvdA): „Alleen een luchthaven met 550.000 passagiers is bespreekbaar. We praten nu over meer dan het dubbele. 80 procent van de vluchten gaat over Oldenzaal. Wij zitten straks met de sores.” Wat ook steekt, is dat een aftakking van snelweg A1, om de luchthaven beter te ontsluiten, en de aanleg van een bedrijventerrein en een treinstation op Oldenzaals grondgebied zijn gepland. „Wij de harde zaken, en de leisure and pleasure in Enschede”, merkt Hudepohl op.

De Enschedese wethouder Eric Helder (PvdA) en kwartiermaker Peter Kuenzli van de Vliegwiel Twente Maatschappij (VTM), die de plannen heeft bedacht, laten zich niet uit het veld slaan door zo veel kritiek. Ze verdedigingen zich met: „Het proces is wél transparant. Alles is goed onderzocht.”

Op de opmerking dat het nog niet eerder is gelukt een rendabele regionale luchthaven in Twente te realiseren, zegt Helder: „Dat is achteruitkijkspiegelbeleid.” Een luchthaven draagt bij aan een economisch sterk en duurzaam Twente, is de boodschap. Dit is het beste voor de regio, benadrukt Kuenzli. Maar hij moet toegeven: het plan is gebaseerd op aannames. „We weten het pas als we de markt opgaan.”