Spanje is ervaren hockeyploeg op alle fronten de baas

De Nederlandse hockeyers verloren gisteren bij de EK met 3-0 van Spanje. De ploeg geeft de laatste jaren op grote toernooien steeds vaker niet thuis in de wedstrijden die ertoe doen.

Wie gistermiddag op tijd een plaats had opgezocht op de tribunes van het broeierige Wagener Stadion, kreeg in twee opeenvolgende hockeyduels een perfect contrast voorgeschoteld. Eerst olympisch kampioen Duitsland, dat slecht speelde en met 4-2 achter kwam tegen Engeland, maar anderhalve minuut voor tijd toch nog gelijksmaakte(4-4). Direct daarna verschenen de Nederlandse mannen op het veld voor hun wedstrijd tegen Spanje, de andere finalist van ‘Peking’. Na de snelle 0-1, al na drie minuten, speelde Nederland slecht – maar het werd alleen maar erger. Een kansloze, ontluisterende nederlaag (0-3) was het gevolg.

Het tweede groepsduel bij de Europese kampioenschappen in Amstelveen – na het opwarmertje van afgelopen zaterdag (9-0) tegen Polen – zou voor bondscoach Michel van den Heuvel meer moeten betekenen dan alleen een wake-up call. Als het er op aan komt in grote toernooien presteert Nederland de afgelopen jaren steeds vaker onder de maat.

„We zijn een ploeg in opbouw”, voerde Van den Heuvel na afloop aan. Maar die bewering is op zijn minst opmerkelijk voor een bondscoach die kan beschikken over recordinternational Teun de Nooijer (403 interlands), Guus Vogels (250), Ronald Brouwer (206), Geert-Jan Derikx (200), Taeke Taekema (199), Rob Reckers (189), Floris Evers (172), Timme Hoyng (134) en Robert van der Horst (130). Alleen al in de basisopstelling stonden spelers met gezamenlijk meer dan 1.800 interlands ervaring.

Met zo’n selectie valt niet te verwachten dat de spelers zich druk zullen maken om een EK voor 9.000 toeschouwers in het Amsterdamse Bos. Desondanks zag Van den Heuvel dat het thuisvoordeel gisteravond uitliep op „een thuisnadeel”. Hij zag dat zijn spelers „continu de druk van het thuispubliek” voelden. „Ze hebben totaal niet bevrijd gespeeld.”

Mogelijk is er meer aan de hand met de huidige generatie Nederlandse hockeyinternationals. Op de titeltoernooien heeft de ploeg het de afgelopen jaren vaker laten afweten in sleutelwedstrijden. Typerend is dat Nederland dezelfde Spanjaarden in hetzelfde stadion een maand geleden nog twee keer op rij versloeg – maar dat waren oefenduels.

Bij de WK in Mönchengladbach, drie jaar geleden, eindigde Nederland op een beschamende zevende plaats. In de aanloop naar de Spelen in Peking leed Nederland tijdens de Champions Trophy in Rotterdam vier nederlagen op rij – een unicum voor de meeste spelers – en eindigde het team voor het eerst in elf jaar buiten de medailles. In Peking zelf ging het mis in de slotminuten van de halve finale tegen Duitsland, en liet de ploeg vervolgens de kans op brons lopen na een dramatische vertoning tegen Australië (2-6).

Uitzondering was ‘Manchester 2007’, toen Nederland de Europese titel veroverde, mede dankzij Taekema die in vijf duels zestien corners raak schoot en daarmee alle mogelijke hobbels gladstreek.

„Op belangrijke momenten geven we niet thuis”, luidde de analyse van afzwaaiend captain Jeroen Delmee in Peking. Volgens keeper Vogels ging het team „nat op mentale weerbaarheid”.

Niet voor niets legt Van den Heuvel sinds zijn aantreden de nadruk op het verhogen van de mentale weerbaarheid van zijn groep. Zo maakte hij dit jaar in India met de selectie een busrit van acht uur naar de plaats van bestemming, in plaats van het vliegtuig te nemen. Hij werpt bewust barrières op om hardheid te kweken.

Maar de barrière die de Spanjaarden gisteren al na drie minuten opwierpen, door het benutten van een strafbal, leidde niet tot de gewenste reactie. Integendeel, Nederland kwam geen moment in de wedstrijd en moest lijdzaam toezien hoe Spanje, sober en uiterst effectief hockeyend, op alle fronten de baas was. Waar Nederland zich in al zijn onmacht stukliep op een woud van sticks buitten de Spanjaarden onder aanvoering van Pol Amat de kansjes die voorbijkwamen vakkundig uit.

Maar Van den Heuvel, al toonde hij zich aangeslagen, zag ook voordelen in het blamerende verlies: „Dit zijn de echte grote wedstrijden waar het op aan komt”, wist hij. „Dan ben ik eigenlijk wel blij dat het een keer gebeurt, want we hebben nu nog de mogelijkheid om het corrigeren.” Hij ging daarbij voorbij aan het feit dat het deze ploeg niet „een keer” overkomt, maar regelmatig. Maar de spoeling in de Europese top is zo dun dat Nederland zich morgen tegen Frankrijk (19.30 uur) vermoedelijk moeiteloos zal plaatsen voor de halve finale.

Waarschijnlijk is de tegenstander dan Duitsland, dat Nederland nog wel wat kan leren op het gebied van mentale weerbaarheid. Duitsland kwalificeerde zich met moeite voor ‘Peking’, speelde zwak, maar verliet China met goud. De Engelse hockeyers, in de aanloop naar ‘Londen 2012’ sterk in opkomst, werden gisteren nog eens herinnerd aan die kwaliteit.