Homo's hervinden trots in eigen kerk

Een Braziliaanse homokerk biedt gelovigen die elders werden geëxcommuniceerd onderdak. Hier hoeven ze niet te ‘genezen’ van hun homoseksualiteit.

Op zijn 23ste had Marcos Gladstone al twee profetieën ontvangen over hetzelfde onderwerp. Een jaar later hoorde hij tijdens een gebed zelfs de stem van Jezus Christus. Toen was de boodschap helder: hij mocht nooit zijn seksuele geaardheid verloochenen en God had hem gemaakt zoals hij was.

Gladstone, diepgelovig, was al vier jaar verloofd met een vrouw. Zichzelf voor de gek houden, dat lukte echter niet meer. In San Francisco in de VS, waar hij destijds voor een studie rechten naar toe was gegaan, had hij voor het eerst zoenende mannen gezien. Zo maar, openlijk in een bar, waar iedereen bijstond. Een ervaring die onrustige gevoelens in hem had losgemaakt. Een nachtwake, met de bijbehorende brandende kaarsjes, kon hem niet ‘bevrijden’ van zijn heimelijke verlangens.

Maar wat te doen? De bruiloft was in aantocht en sinds zijn veertiende was hij lid van een zeer conservatieve Pinksterkerk in het binnenland van de deelstaat Rio de Janeiro. „Ik heb mijn kerk destijds verlaten, zonder uitleg te geven. Mijn verloving heb ik verbroken en later heb ik mijn familie verteld dat ik homo ben.”

Tegenwoordig is Gladstone, advocaat van beroep, in zijn vrije tijd pastor van zijn eigen zogeheten christelijke hedendaagse kerk. „Ik heb ook theologie gestudeerd.” Zijn gemeenschap is evangelisch en aan de conservatieve kant, maar staat nadrukkelijk open voor homoseksuelen. „Er bestaat een grote religieuze intolerantie ten opzichte van homoseksuelen, maar voor God is iedereen gelijk. Daarom hebben we deze kerk opgericht, waar homo’s gewoon welkom zijn”, zegt hij.

De dominee zit in een klein kantoortje van de kerk. Op zijn bureau staat een ingelijste foto van hem en zijn vriend, ook een pastor. Naast het kamertje komt een bijbelclub bijeen. Mannelijke en vrouwelijke stellen buigen zich met serieuze gezichten over de teksten. Enkele stellen hebben kinderen, die zich beneden in de kerk vermaken met zang en gebed. „Het zijn allemaal mensen die bij hun vorige, evangelische kerken niet welkom waren omdat ze homoseksueel zijn”, zegt Gladstone.

In Brazilië zijn de Pinksterkerken de snelst groeiende van land. In het katholieke land met de meeste inwoners ter wereld is meer dan 18 procent van de bevolking evangelisch. Gladstone: „Leden die bekennen dat ze homo zijn kunnen zich daarvoor laten behandelen. Een beproefde ‘therapie’ is mannen naar boerderijen te sturen waar ze zwaar werk met hun handen moeten doen. Na het werk gaan ze voetballen. Mannelijke dingen doen dus.”

De kerk viert volgende maand het driejarig bestaan en behoort tot een groep van naar schatting twintig kerken, inclusief enkele katholieke, in verschillende delen van Brazilië die openstaan voor homo’s. Het succes van de templo in Rio heeft ertoe geleid dat er nog twee nieuwe locaties zijn geopend in andere delen van het land.

Volgens antropoloog Paulo Lopes is sprake van een recente ontwikkeling. Lopes rondde eind vorig jaar een onderzoek af waarin homoseksualiteit en de evangelische kerk centraal staan. Ruim 14 maanden lang volgde hij daarvoor een groepje leden van de kerk van Gladstone. „In de jaren negentig is het onderwerp al door verschillende groepen op de agenda gezet, maar nu zie je echte kerken voor homo’s ontstaan”, zegt Lopes.

Opmerkelijk is dat bijna alle homokerken evangelisch zijn, terwijl katholieken in Brazilië nog steeds de ruime meerderheid vormen. Vreemd is dat niet, zegt Lopes. Ook katholieke homo’s zullen botsingen hebben met hun kerk, alleen laat die kerk zich op pastoraal niveau minder nadrukkelijk uit over het onderwerp.

„Het Vaticaan mag er misschien een oordeel over hebben”, zegt de onderzoeker, „maar de plaatselijke priester gaat daar heel flexibel mee om. Bovendien hebben katholieken meestal een minder dwingende band met hun kerk. Het blijft vaak bij een kerkbezoek op zondag.”

De evangelische kerken daarentegen organiseren meerdere culto’s (diensten) per week. Tegelijkertijd veroordeelt de evangelische kerk homoseksualiteit keihard. Lopes: „De nauwe banden leiden daardoor eerder tot conflicten. Mensen verlaten, vaak gedwongen, de kerk, maar missen vervolgens de verbondenheid en vinden die weer terug bij gemeentes als de christelijke hedendaagse kerk.”

In Goldstones kerk wordt het tegen zeven uur ’s avonds steeds drukker. Bovenin de zaal hangen drie tv’s, waarop teksten van liederen zullen verschijnen. Vooral mannen tussen de 20 en 40 jaar, informeel gekleed, komen voor de dienst. Armen worden om schouders geslagen, wangen gekust.

Het eerste deel van de dienst doet de zaal op en neer deinen. Als Nicole het podium betreedt, de microfoon in haar handen houdt en vol overgave begint te zingen, gaan de kerkgangers los. Nicole, een tengere jonge vrouw met zwart golvend haar, blijkt een man te zijn. Binnenkort zal hij een geslachtsveranderende operatie ondergaan.

Daarna neemt Fábio Inâcio (29), de levenspartner van Gladstone, het over. Een drietal zangers staat hem bij. De Afro-BraziliaanseInâcio is groot, met monumentale benen, en beweegt soepel over het podium als een volleerde popster.

Ooit was hij een pastor bij de befaamde Igreja Universal en verloofd met een vrouw. Nu zweept hij een kleurrijke groep homoseksuele kerkgangers op. De beat en zang die door het zaaltje galmen zijn aanstekelijk en opgewekt. Ondanks de vrolijke toon zijn de teksten meestal aan de zware kant. Obstakels in het leven dienen te worden overwonnen, terwijl allerhande kloven moeten worden overbrugd. Aan het einde toch een lichtpuntje: God geeft je vleugels.

Onder de kerkbezoekers bevinden zich Kédma Menezes (32) en Anne Fantasia das Flôres (30). Mooie, vrolijke vrouwen. Al zes jaar samen en een jaar geleden naar Rio de Janeiro verhuisd, speciaal voor de kerk. Eindelijk rust in hun hoofden.

God, zo hadden ze aanvankelijk geleerd, keurde homoseksualiteit af. Desperaat waren ze. Hoe kwamen ze van hun ‘afwijking’ af? Menezes ging anderhalf jaar naar een seminarie om haar ongewenste seksuele voorkeur kwijt te raken. Tevergeefs.

God de rug toe keren? Onmogelijk, zegt Menezes. „God staat boven alles, is belangrijker dan ons twee. Het is nooit bij me opgekomen. We wisten niet dat we konden samenleven onder het toeziend oog van God. Nu wel. Ik kan nu trots zijn op wie ik ben, dankzij deze kerk.”