De Roma ervaren de sfeer in Hongarije als oorlog

De paramilitaire Hongaarse Garde marcheert steeds vaker door buurten met veel Roma.

Op hun beurt organiseren de Roma ’s nachts patrouilles.

De paramilitaire Hongaarse Garde tijdens een bijeenkomst in Boedapest. (Foto Reuters/Laszlo Balogh) Members of the far-right radical organisation Hungarian Guard, or Magyar Garda, rally after an inauguration ceremony for new members in Szentendre, west of Budapest, August 22, 2009. Hungarian riot police broke up a gathering on Saturday of up to 800 far-right radicals as they attempted to initiate new members into their banned organisation, police said in a statement. The Garda was attempting to induct new members despite a court last month ordering the group to disband, because its past marches had fuelled ethnic tensions and if it continued it had the potential to intimidate and stir anti-Roma feeling. REUTERS/Laszlo Balogh (HUNGARY POLITICS CONFLICT SOCIETY) REUTERS

De mannen van de Romagemeenschap in Gyöngyöspata hebben beraad gehouden en besloten tot patrouilles. In twee auto’s houden ze de wacht. Na zes uur ’s avonds wisselen ze elkaar om het uur af en tuffen in slakkengang door de bochtige straten met Romahuishoudens.

Op het oog is hier weinig reden voor verhoogde waakzaamheid. De vrijstaande huizen met grote gezinnen liggen vredig in de schemering aan de rand van het slaperige dorp, een uur rijden ten noordoosten van Boedapest.

De mannen in de keuken bij János Farkas, hoofd van het Roma zelfbestuur in de regio, praten echter opgewonden door elkaar. „Het lijkt in heel Hongarije vredig”, zegt Farkas, een kleine man met een borstelige snor en een Puma-shirt zonder mouwen. „Maar tegelijk worden kinderen bruut vermoord en is het nodig ons daartegen te organiseren.”

De politie arresteerde vrijdag vier mannen op verdenking van een serie aanslagen op zigeuners, zoals de Roma zichzelf meestal noemen. Drie weken geleden viel het zesde dodelijke slachtoffer in een jaar tijd. Maria Balogh lag met haar dertienjarige dochter Ketrin in haar huis te slapen toen ze werd doodgeschoten. In februari werden een vader en zijn vijfjarige zoon neergeschoten toen ze hun huis uitvluchtten dat eerst in brand was gestoken. De aanslagen hebben de groeiende sociale spanningen binnen Hongarije blootgelegd en verder aangewakkerd.

„Vooral huizen zonder hekken om hun tuin zijn kwetsbaar”, duidt Tamás Bangó, een forse en breedsprakige man die aan de vrijwillige surveillance meedoet. „Het geeft ze een veilig gevoel te weten dat we er zijn.” Uit het vakje tussen de twee voorstoelen haalt hij een uitklapbare metalen wapenstok en een mes. „Nog nooit gebruikt, maar ik ben er altijd klaar voor.” Alles binnen de grenzen van de wet, benadrukt hij. Het voornaamste wapen van de burgerwacht is zijn mobiele telefoon.

Farkas is bezig om naast de vrijwillige nachtwacht een nieuwe gemengde (Roma en niet-Roma) garde op te richten. Meer nog dan aan de veiligheid, kan dat een bijdrage leveren aan het terugdringen van de werkloosheid, vertelt hij. Die is onder Roma ongeveer 90 procent.

De verdachten die vrijdag zijn opgepakt zeggen onschuldig te zijn, maar hebben de schijn tegen. Volgens Hongaarse media hebben ze swastikatatoeages en staan ze bekend om hun zigeunerhaat. Sowieso twijfelt niemand aan de racistische motieven van de daders, wie dat ook zijn. Hoewel betrouwbare statistieken over Roma vrijwel niet bestaan, duidt veel erop dat de kloof tussen Roma- en niet-Roma in Hongarije groter wordt.

„De segregatie groeit”, zegt socioloog János Ladányi, hoogleraar aan de Corvinus Universiteit in Boedapest en gespecialiseerd in Roma. Tijdens het communisme had iedereen een baan en waren de sociale verschillen te overzien. Sinds begin jaren negentig zijn groepen laagopgeleide werklozen verder buiten gesloten en geleidelijk uit de steden naar de randen van dorpen of ‘gettodorpen’ verstoten, waardoor ze nog kanslozer werden. In die maatschappelijk categorie zijn bejaarden en Roma oververtegenwoordigd.

Terwijl de oudere Hongaren uitsterven, neemt de jonge Romabevolking toe, zegt Ladányi, die benadrukt dat het verre van een exclusief ‘Romaprobleem’ is. Bovenop de structurele problemen komt discriminatie en zoeken mensen een zondebok voor deze ‘langdurige Hongaarse crisis’. De effecten worden versterkt door de wereldwijde economische crisis.

In beide kampen groeit de neiging tot eigenrichting. Bij de verkiezingen voor het Europarlement in juni kreeg de extreem-rechtse partij Jobbik bijna 15 procent van de stemmen. Jobbiks voornaamste campagnebelofte is een keiharde aanpak van ‘zigeunercriminaliteit’. De door Jobbik gesteunde paramilitaire organisatie Hongaarse Garde marcheert geregeld in zwart-witte uniformen door buurten met veel Roma. De Hongaarse Garde is een maand geleden verboden, maar blijft actief. Volgens het European Roma Rights Centre zijn de paramilitairen inmiddels ook in Roemenië gesignaleerd op plekken waar de Hongaarse minderheid problemen heeft met Roemenen.

„Ze zijn niet te stoppen”, zegt Tamás Polgár, alias Tomcat. Polgár is de man achter Bombagyar (bommenfabriek) de populairste weblog van Hongarije. Om geld te verdienen drukt hij onder meer T-shirts. De laatste order is van de Hongaarse Garde. Hij houdt een zwart shirt omhoog met een groot zilveren logo van een leeuw. Tijdens het gesprek wandelt af en toe een sympathisant binnen, jonge mannen met brede schouders en kort haar met een kuifje. „De zigeuners hebben het er zelf naar gemaakt”, vat Polgár samen. „Ze zijn crimineel en een bedreiging voor ons, de meerderheid. Ze krijgen meer kinderen, nemen ons over.”

Hoewel hij ervan overtuigd is dat „in de zigeunercultuur iets zit waardoor ze alleen geweld respecteren”, is moorden volgens Tomcat geen oplossing. De superieure Hongaren zouden de Roma moeten „begeleiden als kinderen” en ze „leren zich te gedragen”. Op korte termijn voorziet hij echter maar een scenario: meer geweld, met aan beide zijden slachtoffers. „Het is een oorlog.”

Viktória Mohácsi, tot juni lid van het Europees Parlement en Hongaarse Roma, gebruikt vergelijkbare sterke bewoordingen. „Ik heb het gevoel dat ik in oorlog ben.” Ze heeft betraande ogen en is zichtbaar overstuur, door een bedreiging eerder die ochtend. „Ik krijg per dag meer dan duizend dreigmails.” Op de wakes voor de begrafenissen van de slachtoffers organiseren Roma zich, zegt ze. „Romaleiders bellen me en zeggen dat ze zich willen organiseren tegen de neonazi’s. Maar wat verwachten ze van mij, een vrouw van 40 kilo zonder wapens of geld?” Ontmoedigen doet ze ook niet, zegt ze. „Het zijn de enige opties. Een leger organiseren of vluchten.”